The Sound Of The Belgian Underground - #SOTBU26 - Analcienne Belgique
Ancienne Belgique, 30 januari 2026
Het is een jaarlijks evenement in de Ancienne Belgique: The Sound Of The Belgian Underground. Maar valt die zaal redelijkerwijs te associëren met ondergrondse muziek? Alleen al Brussel telt plekken die daar meer aanspraak op maken: Vaartkapoen, Récyclart, Magasin 4, Les Ateliers Claus, de Beursschouwburg en de C12, om er maar enkele te noemen.
A Different Class en Ancienne Belgique werkten samen om een staalkaart te presenteren van wat ondergronds leeft. Ze kozen de luxueuze omstandigheden van de mooiste en modernste concertzaal in Brussel om een zo groot mogelijk publiek te bereiken. Zou de ondergrondse cultuur nog boeien, als hij uit de donkere context wordt gehaald?
Wij kwamen binnen tijdens de set van Camilo Donoso in de AB Club. Hij is een jonge snaak uit Gent, die hartpop maakt, zoals hij het zelf noemt, en die werd beïnvloed door Luc De Vos, Willem Vermandere en Boudewijn de Groot. Kleinkunst is niet direct iets wat snel dreigt muzikale grenzen te verleggen en dat hoorden we ook niet in de muziek. Maar hij gaf er wel een originele draai aan en de teksten gingen onverbloemd over zijn (zoektocht naar) liefde van andere mannen.
Wat in de grote zaal volgde, Oï Les Ox, lag dichter bij het ondergrondse zoals we ons dat hadden voorgesteld. Aude Van Wyller, de artieste achter dit project, deed moeilijk met een mengpaneel, enige elektronica en haar stem. We probeerden er een lijn in te trekken, een appreciatie voor te ontwikkelen, maar eigenlijk geraakten we niet verder dan "interessant". Een dooddoener, we weten het. Mogelijk hielpen de omstandigheden niet mee. Een deel van de set beluisterden we vanuit de wachtrij voor De Foyer van de AB om bij Maya Dhondt binnen te geraken.De foyer, dat was eigenlijk de kleine bar van de grote zaal, die snel de capaciteit overschreed, waardoor we een deel van de set misten.
Maya Dhondt zat als een diva achter het klavier in een zelf geknutseld decor. Ze speelde pianodeuntjes of aanzetten daartoe, verknipte die met eigenaardige beats en mengde in de teksten vlot Frans, Engels en Duits. Met een song als Internalized Misogyny en een zelfverzekerde podiumprésence kwam ze ook compromisloos en geëngageerd over. Het was tegelijk vernuftig, zoekend en vooruitstrevend. Dit loste dan wel volledig de verwachting in.
In de club was het daarna aan Abel Ghekiere, maar die zaal zat vol nog voor we erin geraakten. We bleven dus in de Foyer, voor een optreden van Amina808. Zij bracht op hyperpop geënte rnb. En hoewel die niet echt baanbrekend was, was ze wel de enige die mensen van kleur had aangetrokken. Allicht leeft daar een stuk muziekcultuur dat aan ons voorbijgaat. Dus goed om ons ermee in aanraking te brengen. Er kwam nog een knipje bij op onze staalkaart.
Eén van de weinige plaatsen in Brussel waar we recent het gevoel hadden iets spannends mee te maken, was in het DIY-cabaret van Anal Pompidou. In de sablon in een kamer boven een restaurant cureert Simon Van Schuylenbergh avonden waarop hij bevriende kunstenaars uitnodigt om van die vrijplaats gebruik te maken. Er heerst nog het gevoel dat alles kan, dat artistieke expressie nog ongebonden, ruw en vrij is. Schuylenberghs programmatie concentreert zich rond performancekunstenaars, maar ook Maya Dhondt en Maya Mertens (Vieze Meisje) passeerden er. Het was vast deze laatste, die de vriendendienst had geretourneerd, want zij cureerde mee de avond in de AB en voorzag Anal Pompidou van een mooie plaats op de affiche.
We waren heel nieuwsgierig naar hoe die expliciete act zou binnenkomen bij een publiek dat toch gekomen was om naar muziek te luisteren en niet om met de neus diep in de naakte feiten geduwd te worden van een politieke aanklacht tegen het culturele reilen en zeilen in Brussel. Anal Pompidou is immers een persiflage op Kanal Pompidou, het prestigieuze museum dat binnenkort in de kanaalzone opengaat. Hij doopte de AB om tot "Analcienne Belgique" en verklaarde zichzelf daarbij meteen open. Hij trok de broek af en declameerde dat er plaats was in zijn anus om Gay Haze, La Démense en Los Niños te organiseren om tegelijkertijd de Affordable Art Fair, BRAFA en Art Brussels te hosten. Daarmee was hij verantwoordelijk voor de gentrificatie van Boulevard Anspach, "de ramblas van Brussel", maar dan "in omgekeerde richting": de huurprijzen zouden dalen.
De man ging daarbij volledig op in het typetje en het publiek ging erin mee, al hoorden we achteraf iemand zeggen "dat ze niet zo voor pipi-kaka-humor was". Het sociaalkritische, ironische aspect was schijnbaar volledig aan haar voorbijgegaan. Het is moeilijk te beoordelen welk deel van het publiek wel mee was met het betoog van Schuylenbergh en welk deel gewoon lachte uit gêne of omdat een goede kaka-mop nu eenmaal werkt. Feit was dat deze act ook leek aan te slaan bij een publiek dat groter was dan die kleine kamer boven dat restaurant.
Dit was het enige van de hele programmatie geweest dat we in ons hoofd konden associëren met ondergrondse cultuur. Er volgden nog dj's en we pikten nog een deel van de set van Maraschino mee, een Hasseltse dj die volgens de flyer eclectisch zou draaien met latin, house en vleugjes dub. Maar wat we hoorden klonk eigenlijk redelijk standaard-techno, en boeide niet genoeg om nog langer te blijven.
Het was tijd voor de "Analcienne Belgique" om opnieuw de billen te sluiten.
