The Bronx - Weg van de wereld

, 2 juli 2018

Net als Refused, die eerder deze maand België aandeden, stond ook The Bronx dit jaar op Groezrock. Maar waar bij Refused het concert zijn ups en downs kende, was het bij The Bronx één langgerekt hoogtepunt. Dat had waarschijnlijk te maken met de lagere drempel, die in de Muziekodroom werd opgetrokken (geen security-zone voor het podium bijvoorbeeld), maar dat niet alleen.





Nu Frank Carter zijn eigen koers kan varen en geen Gallows meer in zijn vaarwater heeft, lijkt hij ook de geul naar een iets breder publiek te hebben gevonden. In Muziekodroom was hij samen met zijn Rattlesnakes in elk geval bereid om, ondanks het feit dat hij zich al de hele tournee ziek voelde – naar eigen zeggen een cadeautje van zijn dochter - het uiterste van zichzelf te eisen.

En het Hasseltse publiek, voor de gelegenheid uitgebreid met een aantal Engelse diehardfans, die de band al de hele tour lang volgden, ontving hen met open armen en een circle pit die de uithoeken van de zaal opzocht en zelfs over het podium denderde.

Zowat elke song werd wel aan iemand opgedragen. Was het niet aan David Cameron ("you fucking cunt") zoals Trouble, dan was het wel aan de persoon aan wie je de grootste hekel had (het toepasselijk getitelde I Hate You). Carter nodigde je dan ook uit om je haat persoonlijk in zijn gezicht uit te schreeuwen.

Het was allemaal niet zo melodieus als dat bij The Bronx het geval is, maar het bleef ergens toch wel plakken.

Maar dat alles bleek uiteindelijk maar een opwarmertje te zijn. Want van bij het eerste akkoord dat door The Bronx-gitarist Joby J. Ford - gebroken vinger of niet, er zal gespeeld worden! - werd aangeslagen, gingen de rillingen voelbaar door de zaal, gingen de vuisten in de lucht en werd het podium in niet aflatende golven bestormd. Het zou de start zijn van een gewelddadige, maar desalniettemin vredelievende overname van de Muziekodroom.

Dat er ook naar die andere aanslagen zou verwezen worden, was haast onvermijdelijk. Frank Carter vermeldde het al tijdens zijn show en The Bronx maakte een statement door überhaupt hier te staan en zich niet, zoals een aantal van hun Amerikaanse collega's, te laten afschrikken door doemtijdingen.

Vaste Bronx-drummer Jorma Vik moest de tournee door omstandigheden missen, maar met David Hidalgo Jr. hadden ze een uitstekende vellenmepper geleend van bij The Drips en Social Distortion. Een drummer, die trouwens meermaals zijn keiharde stempel op de songs drukte. De percussieve explosie, die de aanvang van Ribcage markeerde, was daar een uitstekend voorbeeld van.

En zo was er tijdens deze show geen sprake van opbouw. Vanaf het moment dat Heart Attack American werd ingezet, ging de meter in het rood om daar eigenlijk nooit - de adempauze die White Guilt was even daargelaten - meer weg te komen. De ene circle pit kwam na de andere moshpit. Als lichamen op de grond belandden terwijl ze vanop het podium in het publiek doken, werden die door tientallen behulpzame handen weer rechtgetrokken. Maar meestal deinden die lijven gewoon op en neer op de handen van de fans. Zanger Matt Caughtran liet niet na om dat zelf ook te doen en tijdens ultieme bis History's Stranglers ging ook Frank Carter nog eens door de zaal.

Hoogtepunten? Nee, geen pieken; dit was een bergmassief met hier en daar een extra opstap. Dan denken we aan Knife Man, dat door Caughtran zowaar werd ingeleid met een stukje uit The Righteous Brothers' Unchained Melody, het met een massieve basintro ingezette Strong Life of het heerlijke, aan Donald Trump opgedragen Shitty Future.

Caughtran is trouwens een meesterlijk frontman, die zijn liefde voor Cristal (het bier) met passie  uitdrukte en smaakvol anekdotes vertelde; zoals die over de betattoeëerde Duitser, die van hem de microfoon kreeg, en dan luid "Open zie pit" brulde.

Het was zo'n avond, die gaat blijven hangen; zo'n avond waarbij de rest van de wereld even vervaagde; zo'n avond om te koesteren.

9 december 2015
Patrick Van Gestel