Sophia - Klein, depressief monstertje wordt forse demon

, 2 juli 2018

Twijfel, onzekerheid. Zijn er na vijf stille jaren nog fans over en -zo ja- zijn ze Sophia nog wel genegen? De sombere, wankele gevoelens die Robin Proper-Sheppard zijn Duystere muziek kleuren, waren bij den beginne al sterk aanwezig. Social media-volgers mochten vooraf kiezen in welke zaal dit vijftal zou herrijzen. De intimiteit en gezelligheid van het minitheater De Rotonde in Botanique werd naar voor geschoven. Veel fans verloren bijgevolg de strijd tegen het bordje “uitverkocht”. De tweehonderd gelukkigen kregen een spektakel gepresenteerd waarbij de band uitblonk in zijn oude grootsheid.





Ook de eerste muzikale stappen van de avond werden wat aarzelend gezet. Proper-Sheppard koos voor de ongemakkelijke, maar gedurfde weg om te beginnen stevig rockend en zo te laten zien dat het de band anno 2016 menens is. Vergeef ons het ontbreken van de naam, ook wij hebben de nog maar twee weken oude plaat 'As We Make Our Own Way (Unknown Harbors)' nog niet helemaal onder de knie. Maar de magie van het samenspel tussen de vijf heren beperkte zich nog tot de optelsom van de onderdelen gitaar, bas, toetsen en drums, iets wat later gelukkig veranderde.

Langzaam maar zeker werkte de band zich op in een mooie balans tussen de typerend slepende, trage en wat steviger uitpakkende nummers met ook een handvol nieuwkomers zoals het heerlijk rustige en broze The Drifter, dat netjes vooraan geplaatst werd. Het basisgegeven blijft een hardnekkige herhaling van trage, om elkaar cirkelende partijen van twee gitaren, bas en toetsen tot een in dramatiek aanzwellende mantra: het uitgangspunt voor het Wikipedia-etiket “slowcore”.

Andere constante: Sophia blijft de band van zwartgalligheid, eindeloze tristesse en depressieve muziek. Want, ook al durft de aandachtige luisteraar op die laatste plaat enkele fijne zonnestraaltjes ontwaren (“The sun doesn’t always shine in California” knipoogt toch maar even naar het beeld van palmbomen en stranden en had evengoed “it’s sober in Siberia” kunnen luiden), de hoge, ronde dakkoepel van de Rotonde drukte al snel op de schouders van de hoofdwiegende en schoenenstarende toeschouwers.

Maar kijk, na een goed uur waagde de droevige troubadour zich zowaar aan wat grappige bindteksten (“Dat ik niet goed in relaties ben, weten jullie inmiddels al een plaat of vier lang”) en kwamen meer en meer aanzwellende postrockpartijen opzetten. Met stevige force majeure werd plaats geruimd voor de klassiekers waar alle aanwezigen op zaten te wachten. So Slow, If Only, The River Song met de aanzwellende uitglijder van zwaar hakkend gi-taar-ge-beuk.

De geluidsmeters zwollen aan tot zwaar in het rood, met pieken tot honderdentwaalf decibel, het equivalent van een klein vliegtuig. Het skeletkunstwerk van een gigantische anaconda in het dak zorgde voor extra dreiging. Hardnekkigheid, muzikale woede, de genadeslag. Gedurende twee uur nam Sophia wraak voor zijn afwezigheid.

27 april 2016
Johan Giglot