Sonic City 2015 - Verjaardagsfeestje!

, 2 juli 2018

In De Kreun passeert dit weekend een boel fijne pokkenherrie onder de noemer Sonic City en onder voogdij van Viet Cong, dat dit jaar de affiche mocht invullen. Na met pijn in het hart de pre-show met Evil Superstars gemist te hebben, trokken we zaterdag westwaarts naar Kortrijk om datzelfde hart te laten helen.





FIDLAR bestookte Kortrijk rond zevenen met hyperactieve poppunk en deed dat in het begin helemaal niet onaardig. Op een occasionele streekbiergenieter en een handvol geheelonthouders na kregen de simpele, maar aanstekelijk energieke songs (over goedkope alcohol, drugs en het gebrek aan een auto) de toen nog maar halfvolle Kreun lichtjes aan het wiebelen. Helaas leek het er wel op dat FIDLAR met hun nieuwe plaat ondertussen meer als Green Day is gaan klinken dan als Jay Reatard. Jammer, want die eerste was een fijne. Naar het einde toe leek de set haar beste tijd gehad te hebben.

Van fuck alles-nonchalance naar donkere pathos: Chelsea Wolfe besteeg als volgende het podium.  Haar set was, net als het recente ‘Abyss’, sonisch erg  interessant. Als Björk, die haar ‘Vulnurica’-strijkers had ingewisseld voor een elektronische doommetalband, drapeerde ze haar vocals over muren van geluid. Dat die muren vooral rondom de band leken opgetrokken te worden deed niets af aan de vastheid ervan (muurmetaforen, iemand?), maar zorgde er wel voor dat de show een heleboel potentiële intensiteit links liet liggen.

Tijd voor The Pop Group, de band die waarschijnlijk vooral de kalende veertigers in het publiek op de been had gebracht, maar toch maar mooi ook alle andere benen wist te overtuigen tot een dansje. We Are All Prostitutes poneerde al van bij het begin dat de oudjes het nog konden. Zonder schaamte of scrupules wervelde Mark Stewart een uur lang rond op het podium. Ja, wervelen, mét een bierbuik en ondertussen staanders allerhande per ongeluk omstotend.

Wie ‘Citizen Zombie’ van dit jaar was misgelopen kon zich op voorhand nog de vraag stellen of de protest-slogans van The Pop Group nog relevant waren na vijfendertig jaar; maar hadden die mensen Simon Underwood (bas) en Bruce Smith (drum) in De Kreun tekeer zien gaan, stelden ze die niet meer. Extreem dansbare funk-reggae-punk-chaos, met alle scherpe randjes van dien; niet zonder onvolmaaktheden, maar daardoor niet minder glorieus.

Restte nog de vraag of Viet Cong genoeg in huis had om de anticlimax te voorkomen. En hoewel ze er aan de start ongetwijfeld zin in hadden, bleek het juiste antwoord op het einde van de avond negatief. Een gesprongen bassnaar haalde de schwung uit de set nog voor die zich goed en wel had kunnen ontplooien (toch mooi opgelost met jullie 'Jurassic Park'-jam, jongens). Daarna waren er zeker puike songs als Continental Shelf, of Throw It Away, maar daar stonden dan telkens weer ietwat vervelende jams als Death of Bunker Buster tegenover.

Waarschijnlijk hadden we een beter gevoel aan deze set overgehouden, als ze exact hetzelfde maar iets vroeger en zonder technische probleempjes had plaatsgevonden. Nu leek het een beetje alsof de vader van de jongens hen op hun eigen verjaardagsfeest voor de ogen van al hun vrienden onder tafel was komen drinken. En nu terug, naar onder andere HO9909 en Thurston Moore gaan kijken!

22 november 2015
Kasper Cornelus