Songhoy Blues Geroutineerd

De Roma, Borgerhout
Songhoy Blues

We trokken naar De Roma met een stevig bezwaard gemoed, gezien we vernamen dat Allen Toussaint onverwacht na een optreden overleed. En net voor we de zaal binnentraden, zagen we nog op een van de immer esthetisch verfijnde affiches aangekondigd: Allen Toussaint Quartet. Zo’n verschrikkelijke zonde, het heeft echt niet mogen zijn. Maar we zakten die avond natuurlijk naar De Roma af om er Songhoy Blues aan het werk te zien, een Malinese band die de nog jonge en relatief onbekende Témé Tan als voorprogramma mee op sleeptouw had genomen.



En het moet gezegd: Témé Tan deed volledig wat van hem verlangd werd. Hij warmde het met mondjesmaat binnenkomende publiek op met een erg aanstekelijk concert. Témé Tan is het muzikaal alterego van Tanguy Haesevoets, die zich voor de gelegenheid een keertje helemaal solo uitleefde. Normaal laat hij zich omringen door zijn begeleidingsband, Les Améthys, een groepsnaam die zijn naam ontleent aan Haesevoets’ moeder.

Wat Témé Tan solo liet zien en horen was anders ook best de moeite. Slechts voorzien van enkele instrumenten en een loopstation creeërde hij een muzikale feelgoodwereld die vaag herinnerde aan Oscar & The Wolf of zelfs Stromae, maar dan met een meer exotische en diverse invalshoek (invloeden: Paul Simon, Peter Gabriel). Hij was een beetje zenuwachtig, gezien een filmploeg van “Fans Of Flanders” een kijkje kwam nemen, maar hij deed er echt alles aan om het publiek te plezieren.

Hij vroeg ons wat we graag wilden horen en, als de set daarom aangepast diende te worden, dan was dat maar zo. Hij had een trager nummer in gedachten, maar op verzoek van het publiek kwam er iets meer dansbaars. En hij liet niet na om de nummers persoonlijk te kaderen. De kans is overigens groot dat de band stilletjes aan op doorbreken staat, want hij mocht onder meer het podium al delen met Ibeyi en Great Mountain Fire. Talent om in de gaten te houden dus.

En dan was het de beurt aan Songhoy Blues, een kwartet dat de blues van Ali Farka Touré koppelt aan een stevige portie eigenzinnigheid. De band kwam op en meteen voelde het publiek dat de band het stilaan gewoon wordt om hun nummers de wereld rond ten gehore te brengen. Een erg goede zaak, zou je dan denken. De band koos helaas de tactiek van de directe aanval en zodoende kregen we meteen drie hitsige, opwindende bluesjams waarbij je haast niet anders kon dan ten lange leste Jimi Hendrix te vermelden. Dit neemt niet weg dat er een erg solide en ervaren band stond te musiceren, want ook de interactie met bas en drums was om duimen en vingers van af te likken.

Niet dat het een foutloos optreden was. Een beetje een jammere zaak dat net Songhoy Blues - in tegenstelling tot het voorprogramma - wat stug en niet-communicatief overkwam, hetgeen in aanzienlijke mate de concertervaring belemmerde. Al leerden we in dit specifieke geval ook dat de context soms bijzonder interessante informatie biedt. Songhoy Blues bestaat namelijk uit muzikanten die uit eigen land zijn moeten vluchten omwille van oorlog, onrust en andere moeilijkheden en dan willen we dat communicatieve euvel maar al te graag met de mantel der liefde bedekken.

Hoe dan ook, Songhoy Blues bestaat uit excellente muzikanten en ze hebben de songs om mee uit te pakken. Alleen werkten de hoge verwachtingen die avond wat tegen hen. Dat een absolute topmuzikant als Damon Albarn hen met zijn African Express-verhaal heeft opgepikt is een fantastisch gegeven en is wellicht meteen ook de reden waarom we deze band hier en nu in de Roma aan het werk konden zien.

Zowat alle songs van het steengoede debuut kwamen aan bod. De blues waren zeer alive tijdens het stevig stompende Nick, dat een beetje klonk alsof John Lee Hooker van speed werd voorzien. Hetzelfde gold voor het prikkelende Seckou Oumarou (Hooker meets de touaregblues van Tinariwen) En er was ook altijd ruimte voor improvisatie, zo bleek uit het sfeervolle, maar traag voortkabbelende Wayei. Genoeg variatie tijdens de set, want de band beschikte ook over poppier (Al Hassidi Terei) en hitgevoeliger materiaal (Soubour). Maar ook sober en intiem, zoals in het wondermooie Mali, dat opgespaard werd als bis, behoorde tot de mogelijkheden.

Toch kon de band op een of andere manier de hoge verwachtingendus niet inlossen, al maakten ze het gebrek aan communicatie wel weer goed met tomeloze energie. Zeker frontman Aliou maakte de meest gekke bewegingen op dat podium waardoor het publiek uiteindelijk alsnog overstag ging. Zo zagen we een koppeltje slowen op een wat trager, bluesy nummertje, om iets later als een gek uit de bol te gaan op een ander nummer. Toch bleven wij net een beetje op onze honger zitten, wetende dat de band enkele aardige covers achter de hand hield (o.a. Should I Stay van The Clash of Kashmir van Led Zeppelin).

Al bij al een aangename concertavond, zij het wat onder ongelukkige omstandigheden. Toch liet Témé Tan, een jong en pril talent, al erg knappe dingen horen terwijl Songhoy Blues helaas een net iets te geroutineerde set afleverde.


November 11, 2015
Philippe De Cleen