SOHN De verlichting van een donkere ziel

SOHN

Er straalt een klare gloed door het SOHN-landschap. De melancholische obscuriteit is niet meer. Chris Taylor draagt een hoed en geen mystieke, zwarte kap. Een helderheid die ons haast verblindde, al heeft de bombastische, doch perfect gesynchroniseerde lichtshow daar ook wel iets mee te maken. 

Laagje voor laagje bouwt openingsnummer Tempest zich op. Opmerkelijkste vaststelling: die hoge noten, hij haalde ze toch wel zeker. Wat een stem! “Oh lord, I got lost along the way”, zong Taylor; we kunnen niets meer wensen van een man die glinstert in smart.

Toch zonk een groot deel van SOHNs set weg in een tweestrijd tussen de intrigerende perfectie van de plaat en het bombasme van een liveset. Songs als Signals, Tremors en Bloodflows dwaalden betekenisloos voorbij door een aanpak die de slordigheid meedroeg van een liveset terwijl de gezochte climaxen geen toegang vonden tot het publiek.    

Maar SOHN wist te raken, toen we er het meest naar verlangden. The Wheel - een blijvende favoriet - was prachtig met de synchroon klikkende, neonverlichte baren. En wat dan gezegd van Artifice, oftewel: hoe hard kan je een hoogtepunt zelf creëren en aankondigen. Met de arm in de lucht stelde de naar Wenen geëmigreerde Brit de eerste tonen uit alsof hij ons wou vertellen: “Dit is de climax!  Dans!” en “Beter wordt het niet” toen het hoogtepunt verstreken was en Taylor met het hoofd genietend bleef verder knikken. Beter werd het ook niet meer; of toch niet tijdens de reguliere set.

De verdienstelijkste poging kwam er nog van het ontketenende Falling. Het soulvolle Hard Liquor dat onze hoogste verwachtingen koesterde, wist in brave uitvoering niet meer te verrassen. Taylor verliet het podium en het drietal, dat ergens in de achtergrond nog wat drums, synths en zelfs een extra vrouwenstem verzorgde, mocht het nummer rustig laten uitdoven om vervolgens ook eens langs het verlichte gedeelte het podium te verlaten.

In tegenstelling tot het zwakke slot van de reguliere set had de bisronde wel nog iets in petto. Rennen werd een prachtstuk met wederom een glansrol voor Taylors wondermooie spectrum aan vocalen. Tot slot zette hij het begeerde “I can feel it coming we can never go back” uit Conrad in; smeltende poolkappen waren nog nooit zo dansbaar.


Vandaag om 18u
Jorik Antonissen