Rock Werchter 2018 - Dag 3: Alles kleurt Belgisch

Werchter Weide, 4 juli 2018 - 7 juli 2018

Negen Belgen stonden er op dag drie van Rock Werchter geprogrammeerd en dus kleurde dag drie – al helemaal na de overwinning van de Rode Duivels – Belgisch. Eén bezoeker zagen we in een rood kostuum met zijn gezicht geschminkt in de driekleur. Respect, bij zulke temperaturen. 

Ook onze eerste drie optredens waren Belgisch. Twee daarvan hadden we te danken aan een vervanging. Millionaire van Tim Vanhamel mocht invallen voor Dotan (hahaha) en Susanne Sundfør werd vervangen door Glints. Beide maakten een hele goeie beurt. Alle leden van Millionaire betraden het podium op de tonen van de Brabaçonne en gekleed in hesjes van de Rode Duivels. Ze openden sterk met Visa Running, wisten om 13u op dag drie al The Barn op de been weten te brengen en wij vroegen ons dus vooral af waarom ze "maar" invaller waren voor fucking Dotan. Ze speelden een sterke set, met daarin zowel I’m On A High als Body Experience Revue en Champagne. En even voelden we iets dat leek op Belgische trots. Afsluiter Wake Up The Children droeg Tim Vanhamel op aan “alle toekomstige voetballertjes.” Fuck voetbal! Millionaire had vooral laten voelen wat een stevige portie rock-‘n-roll is.

Glints deed het ook uitstekend. Jan Maarschalk Lemmens refereerde op geen enkele manier aan voetbal, maar bleef gewoon bij de muziek. Hij werkt naarstig aan een debuutalbum, maar bewees al over voldoende materiaal te beschikken om een set neer te zetten die van begin tot eind bleef boeien. Dat hij het nodig vond om Bugatti op het einde twee keer te spelen, vergeven we hem; vooral omdat die tweede versie nog scherper en steviger klonk dan de eerste. Het was schattig hoe hij een nummer als Dread al bestempelde als “een oudje” en die roze broek was misschien ook niet de beste keuze, maar als Jan begon te rappen, kon hij de vergelijking doorstaan met welke internationale naam dan ook. Een band was er niet te zien, maar als Vince Staples het op zijn eentje mag doen, dan mag Jan Maarschalk Lemmens dat ook.

Nog zo’n hype, die al een plaatsje had weten te versieren op Rock Werchter, was Angèle. Drie singletjes heeft ze voorlopig en dus waren dat onze enige herkenningspunten. Maar het optreden van Angèle was ook mooi om te zien; en niet alleen omdat zij er niet onaardig uitziet en een sexy Rode Duivels-hesje met trainingsbroek had aangetrokken. Wel omdat je zag dat ze aan het genieten was: ze dartelde als een elfje over het podium en stuurde iedereen met een goed gevoel weer naar buiten. Angèle maakt muziek om mensen blij mee te maken en dat was haar gelukt. Dat achteraf vooral de beeltenis van haar en haar outfit bleef hangen, was niet meteen haar schuld.

Daarna stonden The Breeders op het programma. Een optreden waar we vooraf erg naar uitkeken, maar dat we niet anders kunnen bestempelen als een teleurstelling. Ja, Cannonball was briljant en we waren zeer aangenaam verrast dat ook Gigantic (Pixies) de setlist gehaald had, maar voor het grootste gedeelte ging de show te traag vooruit. Dat kwam door de lange pauzes tussen de nummers, gitaren die nog gestemd moesten worden, gekeuvel dat blijkbaar noodzakelijk was voor het inzetten van het volgende nummer,... Maar ook gewoon doordat de band heel flauw stond te spelen. De uitschieters waren te zeldzaam en dat is jammer, want als ze dan wel eens van jetje gaven, was het meteen heel goed. Maar na elk nummer bleef het zolang stil, dat het optreden telkens weer een beetje inzakte. Het contrast met Jack White dus (zie verder) kon niet groter zijn.

Maar eerst gingen we nog naar MGMT en Jorja Smith. Bij MGMT kregen we het beruchte “klopje op dag drie” waardoor we niet meteen konden zeggen of MGMT nu echt zo saai stond te spelen of dat het aan ons lag, omdat we er nu eenmaal niet zo goed bij waren en zelfs zaten te knikkebollen. Toen de band in 2014 nog een stuk later geprogrammeerd stond in KluB C, vonden we dat een verraseend goed optreden. Wat ons nu vooral is bijgebleven, is Andrew die op een hometrainer zat tijdens She Works Out Too Much. Nu zijn we na Electric Feel vertrokken om post te gaan vatten bij Jorja Smith en hebben we dus zelfs Kids gemist. Sorry, Andrew en Ben!

Jorja Smith kunnen we samenvatten als “veelbelovend”. Haar eerste album ‘Lost And Found’ is uitstekend, ook al speelde ze er maar de helft van. De andere helft van de show was goed voor nog meer moois, wat dus wil zeggen dat er nog veel meer is waar die plaat vandaan kwam. Wie Amy Winehouse mist, kan voor Jorja opteren. Ze speelde, naast haar eigen songs, twee uitstekende covers (No Scrubs van TLC en Lost van Frank Ocean) en waarom Blue Lights nu nog altijd geen echte wereldhit is geworden is een raadsel.

Smith is er nog maar net eenentwintig geworden, beschikt over een dijk van een stem, een visie en heel wat songschrijverstalent. Regelmatig zaten we dus met open mond te kijken naar zoveel talent. Ze ging te vroeg weg, kwam weer terug voor nog twee nummers (“We hebben nog wat tijd”) en speelde met Let Me Down en Don’t Watch Me Cry (de titels alleen al) de twee mooiste nummers van haar concert. Het was het eerste concert van Jorja Smith in België, op 21 oktober komt er eentje bij wanneer ze in een uitverkochte AB speelt. En dan gaan we weer kijken.

Na Jorja was het aan de twee headliners van die avond. Jack White kreeg eindelijk de positie op Rock Werchter die hij verdiende (“Lord knows the sun and I don’t get along”, grapte hij) en een slot van anderhalf uur. In die tijd passeerden er eenentwintig nummers. White gunde zowel het publiek als de band zo goed als geen pauze en liet het ene nummer na het andere uit de spekers knallen. Daarbij grasduinde hij door heel zijn oeuvre en pikte hij er een aantal van onze favorieten uit.

Zo waren we dolblij met Ball And Biscuit en Icky Thump, klonken Steady As She Goes en Sixteen Saltines steviger dan ooit en waren we heel blij met het prachtige liefdesliedje I’m Slowly Turning Into You. The Same Boy You’ve Always Known zette hij akoestisch in en liet hij halverwege, toen iedereen dacht dat de song al afgelopen was, elektrisch verdergaan. Dit is tekenend voor White: hij doet waar hij zin in heeft en de band moet volgen.

Dat White zich daarvoor omringt met de best vindbare muzikanten is duidelijk. De pianist moest zelfs even plaats maken voor White toen die quatre mains kwam meespelen tijdens Hotel Yorba. En bij My Doorbell stak White drumgewijs een handje toe. Een rusteloos, geniaal optreden van een rusteloos, geniaal muzikant.

Hadden de eer om dag drie af te sluiten: Pearl Jam. Het duurde tot 2007 voor ze eens tot op Rock Werchter geraakten. In 2000 moesten ze op het laatste moment afzeggen na de ramp in Roskilde. Sindsdien hebben ze de weg naar Rock Werchter gevonden, want sinds 2007 was dit al de vijfde passage van Eddie Vedder en zijn maten. Ze hadden geen nieuwe plaat te promoten en dus deden ze gewoon wat ze altijd doen: spelen aan honderd per uur. Tenminste, na ingetogen opener Elderly Woman Behind The Counter In A Small Town. Vanaf dan mochten de gitaren in feite onophoudelijk gieren, rende Eddie Vedder van links naar rechts over het podium, dook hij al eens het publiek in en mocht Mike McCready duchtig soleren.

Pearl Jam speelde een set op Rock Werchter waarbij ze ons eraan herinnerden waarom ze nog steeds onder "grunge" gecatalogeerd worden. Mind Your Manners, Do The Evolution en het heerlijke Spin The Black Circle (opgedragen aan Jack White) vlogen er stevig in en cover Kick Out The Jams van MC5 werd zelfs gebracht samen met de leden van MC50, een dag eerder nog schitterend op Sjock Festival.

Maar Pearl Jam vergat evenmin de klassiekers. Zeven keer zouden ze teruggrijpen naar ‘Ten’ en daarbij hoorden we alle gebruikelijke nummers voorbijkomen: Even Flow, Jeremy, Why Go, Porch en Once, maar ook meezingers als Alive en Black. Tijdens Black zat Eddie Vedder er even naast, begrijpelijk en vergeeflijk. Eerder had ook Jack Johnson al een zinnetje gemist in Imagine van John Lennon, dat gebracht wordt met alleen maar smartphonelicht. Ook dat is begrijpelijk en vergeeflijk. En hoewel het nummer een cliché keuze lijkt, was het ook een mooi moment.

Er was de Grote Speech van Eddie over het belang van liefde en vrede in de wereld, er waren de Nederlandstalige zinnetjes, er was de dankbaarheid jegens Rock Werchter en het roemen van de line-up van dit jaar - Alive werd opgedragen aan Nick Cave - en er was de cover I Believe In Miracles van The Ramones, die daar perfect bij aansluit. Kortom, Pearl Jam heeft weer een knap concert gespeeld.

Alleen hebben we dergelijk concert al eerder gezien, hadden we liever wat meer verrassingen op de setlist gezien en maakte Pearl Jam niet meer de overdonderende indruk van die eerste keer. Vier sterren van de vijf, als we dan toch eevn oordeel moeten geven.

10 juli 2018
Geert Verheyen