Pinegrove Speeltijd is definitief voorbij

Pinegrove

“Hard aan het werk om introspectief feesten te promoten”, dat is wat er in de bio staat en we geloven hen graag. Pinegrove sloot in de Botanique hun tour af en deed dat met een brede glimlach op hun en - vooral - ons gezicht.

Pinegrove is een band die moeilijk te omschrijven valt. De muziek dweept met alternatieve country, catchy melodietjes en poppy gitaarpartijen. De teksten daarentegen zijn intelligent, staan bol van de beeldspraak en creëren in een vingerknip een melancholische sfeer. Frontman en zanger Evan Stephens Hall heeft het keelgeluid van een zuiderse hillbilly en bezit de kracht om zijn stem op gepaste tijden te laten overslaan om zo alle gevoelsvezels in je lichaam te bereiken. Bij een eerste luisterbeurt klinken de nummers wat saai en doordeweeks. Maar laat dat er u niet van weerhouden om te blijven luisteren.

Niets beters om een band beter te leren kennen dan tijdens een concert in De Rotonde. Geen kans dan om door te spoelen of scheetsgewijs door de nummers te zappen. Er restte ons niets anders dan heerlijk elk nummer tot het einde uitzieken. En hoewel we niet honderd procent overtuigd waren na afloop, betrappen we er ons de dag erna toch op hoe besmet of verslaafd we geworden zijn aan de band. En niet helemaal onbelangrijk: we hebben het gevoel dat er nog heel wat rek opzit. 

Pinegrove zijn – laat ons daar vooral geen doekjes omwinden – een bende nerds. Jongens die dolenthousiast zijn over het heelal, nieuwe planeten en alles wat met natuurwetenschap te maken heeft. Jongens die op de speelplaats met een propvolle boekentas op de rug in een hoekje wachten op het belsignaal. Jongens die twee straten verder worden opgehaald door moeder in een Volvo familiewagen en bij het instappen alvast een fruitsapje krijgen toegestopt. Schuchter, zoekend naar de zin van het leven en vooral naar een manier om met leeftijdsgenoten te communiceren. Maar wel altijd doodeerlijk en uiterst dankbaar.

Zowel muziek als teksten roepen voor ons herinneringen op aan de naar koffie geurende adem van een leerkracht fysica, de met kauwgom bedekte speelplaats of de inktvlekken op onze handen. Herroepen jeugdsentiment, volledig de verdienste van Hall, een liedjesschrijver waar we zeker nog het laatste niet devan gehoord hebben. Het is gek om de mensen in de zaal zijn teksten ongegeneerd te zien meezingen, terwijl ze gaan over teruggetrokkenheid en afasie. Vooral dat laatste - een spraakgebrek te wijten aan een kortsluiting in de hersenen en tevens een nummer op het fantastische ‘Cardinal’ – is pijnlijk persoonlijk, maar toch worden ze door iedereen begrepen. Alsof ieder van ons het cijferslot van zijn dagboek heeft kunnen kraken en stiekem zit mee te lezen.

Aphasia is trouwens een geweldig nummer, waarin de bewuste spraakstoornis gebruikt wordt als een metafoor voor de communicatie met de medemens. Voor dit soort jongens is dat altijd opnieuw zwoegen. Dat is misschien de reden waarom Hall lange dialogen tracht te voeren met zijn publiek. Hij daagt zichzelf uit en ondertussen draagt het bij tot de gezelligheid die Pinegrove bij momenten wenst uit te stralen. Hij babbelde maar al te graag over zijn favoriete sandwich: iets met hummus, paprika's en spinazie; zijn favoriete woord: “rhythm”, maar vraag ons niet meer waarom; of waarom ze de voorkeur gaven aan Brussel boven Antwerpen.

Live viel ook op hoe geweldig de nummers in elkaar zaten. Tempowisselingen, drie gitaren die zich in het puberduister perfect wisten te vinden, Hall die zonder gène het achterste van zijn strottenhoofd liet zien en een drummer die stiltes en geluidsbrijen moeiteloos met elkaar afwisselde. We hoorden veel materiaal uit het vorig jaar verschenen album ‘Cardinal’, maar het absolute hoogtepunt was voor ons toch Angelina. Veel te kort natuurlijk; en we schreeuwden ei zo na om het nummer nog een keer te spelen. Het gekke is dat Hall en zijn bende het nog zouden gedaan hebben ook, de goeierds.

Maar het waren uiteindelijk de twee nieuwe nummers, die het meeste indruk hebben nagelaten. Bij elke plaat, van ‘Everything So Far’ tot ‘Cardinal’, hoor je de stappen voorwaarts. Nu de speeltijd eindelijk voorbij is, hopen we dat Pinegrove met de derde plaat de aandacht krijgen die ze verdienen.


10 maart
Joris Roobroeck