Pallas
Zelfzeker uit het hoofd van Zeus
Christoph Lintermans
Spirit of 66, Verviers — 7 maart 2012
Pallas was even zelfzeker als de Griekse godin met dezelfde naam, die uit het hoofd van Zeus geboren werd. De Schotse progrockveteranen kwamen eindelijk hun laatste, sterke album ‘XXV’ voorstellen.
Ze hadden overigens wat goed te maken, want in de herfst moest men afzeggen wegens een dringende operatie aan de stembanden van nieuwe zanger Paul Mackie. Daar was in Verviers gelukkig niks meer van te merken. En hij deed Alan Reed – met alle respect – snel vergeten. Mackie vertoont zowel fysiek als vocaal een sterke gelijkenis met Reed, maar van een epigoon is geen sprake; de man zingt onder zijn eigen voorwaarden.

En hij stal regelmatig de show: enige theatraliteit was hem in de beste progtraditie niet vreemd. Dat zadelde hem in de tweede helft van het concert enigszins met een Freddie Mercury-complex op, maar er waren voldoende ironische knipoogjes (het Schotse accent in de bindteksten, de pyjamabroek met ruitjes) om ermee weg te komen.
Het vijftal trapte af met het dramatische Fragments of the Sun (uit het comebackalbum 'Beat The Drum'), maar maakte snel de overgang naar ‘XXV’ dat als rode draad doorheen de avond liep. Met pakkende songs als Falling Down en Crash And Burn en de single Monster kwam men meteen stevig uit de hoek. De band maakte indruk met strak ensemblespel terwijl intrigerende visuals de achtergrond inkleurden. Absolute hoogtepunten waren het titelnummer, Young God en Violet Sky, waardoor het album de allure kreeg van een intergalactische trip.
Met een kleine maar niettemin indrukwekkende back catalogue wist men ook daarnaast een feestje te bouwen. De livefavoriet Ghost Dancers en het ingetogen Northern Star (beide uit ‘The Dreams of Men’) en een breed uitgemeten Midas Touch (van ‘The Cross and the Crucible’) herinnerden het publiek eraan dat deze band in het afgelopen decennium hoogstaande albums had gepend. In de twee encores ging de temperatuur verder de hoogte in, toen het klassieke werk uit de eighties uit Pandora’s doos sprong. Met Cut + Run en Arrive Alive kon de avond niet meer stuk.
Pallas is een band die veel meer lof verdient dan ze ooit heeft gekregen. Met Graeme Murray heeft men een bassist die prominent in de mix zit en – net als Chris Squire van Yes – een lager register toevoegt aan de zanglijnen. Gitarist Niall Mathewson speelt met telepathisch gemak en Ronnie Brown strooit stoïcijns met keyboardloopjes, terwijl Colin Fraser alles tot in de puntjes mept.
Band en crew hadden zich in de Spirit of 66 duidelijk geamuseerd. De man van de verkoopstand kwam in een traditionele kilt even meezingen. Tijdens de laatste toegift sprong ook roadie Lewis Fraser – het akoestische voorprogramma – op het podium en vocht een vriendelijk worstelpartijtje uit met Mackie. Rare jongens toch, die Schotten.
