Motorpsycho - Draak met zeven koppen

, 2 juli 2018

Als je Motorpsycho moet omschrijven, lijkt de uitspraak van Forrest Gump nog het best te passen: “You never know what you’re gonna get”. Dat de concerten altijd de moeite zijn, dat weet je dan weer wel.





Geen tweede gitarist deze keer. Reine Fiske had andere dingen aan zijn hoofd (Dungen, Elephant9, …) Trouwens, ook op de laatste plaat, ‘Here Be Monsters’, geen spoor van hem. De felle lampen waren dan weer wel gebleven om tijdens de pieken de toeschouwers te verblinden. Voor zover die al de ogen open hadden. Want een Motorpsycho-concert ervaren met je kijkers dicht is ook niet te versmaden. Je kan dan zelf de landschappen bedenken bij de sonore velden van de Noren.

Starten deden ze eerder schuchter met een voorzichtige, bluesy versie van The Jig Is Up (Kiss The Snake). Het was aanvankelijk nog een beetje zoeken naar de stem van bassist Bent Sæther. Maar dit was enkel een aanloopje. Met het korte pianodeuntje Sleepwalking werd dan, vanuit de ballade die Lacuna Sunrise aanvankelijk is, opgebouwd naar een symfonie van drums en bas waarover gitarist Hans Magnus Ryan, Snah voor de fans, met zijn dubbele-nek-gitaar een bedje van verse sneeuw uitspreidde. Sneeuw, waarvoor het gretige publiek meteen wegsmolt.

En de temperatuur zou nog stijgen. Want in The Bomb-Proof Roll And Beyond (For Arnie Hassle) liet Snah de temperatuur tot de kookdrempel oplopen en schopte de band razend om zich heen. Eenzelfde sensatie werd ervaren tijdens Big Black Dog, afsluiter en hoogtepunt van de meest recente plaat, toen het even leek of de vloer te heet was om op te blijven staan.

Zompige southern rock, snoeiharde metal, stoner, fijnzinnige psychedelica,… het zat er allemaal in. En het eruit distilleren had geen enkele zin. Motorpsycho moet je nu eenmaal ervaren als geheel, als overweldigende waterval, waarbij je dan soms vergeet om adem te halen om dan plotseling snakkend naar lucht weer boven te komen.

Flick The Wrist was fantastisch en klonk - ook al is het intussen ruim dertig jaar oud – nergens gedateerd, maar eerder verfrissend. Cloudwalker transformeerde van bescheiden musje tot de monumentale adelaar, die op de backdrop was afgebeeld. En uiteraard was er ruimte voor improvisatie. Zo werd voor de afsluiter (Here Be Monsters Pt 2) de mellotron bovengehaald om het gitaarriedeltje van Snah te vervormen tot psychedelisch buitenbeentje, dat hij uiteindelijk ook nog eens met de effectpedalen vervormde. Het was nog één keer wegdromen voor je met de neus weer op de harde werkelijkheid werd gedrukt.

Dit concert was gelaagd, kwam binnen als een magistrale draak met zeven koppen, die nu eens liefhebbend likten, dan weer venijnig beten. Het was intens, het was mooi, het was een lawine, het was Motorpsycho.

30 april 2016
Patrick Van Gestel