Mono - Gierende gitaren en innemende emoties

, 2 juli 2018

Wie Mono al vaker aan het werk heeft gezien, kwam in de Vaartkapoen waarschijnlijk voor weinig verrassingen te staan. Met hun visueel sterke, filmische en lang uitgesponnen songs bewees het viertal dat ze het ABC van het postrockgenre nog steeds onder de knie hebben. Verrassen doen ze na zeventien jaar en negen albums niet meer, maar imponeren des te meer.

De heren en dame van Mono hebben hun voorliefde voor klassieke muziek nooit weggestoken - succesplaat 'Hymn to the Immortal Wind' werd zelfs opgenomen met de hulp van een achtentwintigkoppig orkest - maar in een livesetting primeert duidelijk de rauwe energie die de meeste poprockoptredens kruidt. Mono raasde met een sneltreinvaart doorheen de zes songs durende set, liet nauwelijks ruimte voor een adempauze en - bovenal - ging voluit voor de onwennige, maar geslaagde combinatie van gierende gitaren en innemende emoties.

Bij het rustige Dream Odyssey was de tijd rijp om even weg te dromen, maar bij de kanonskogels, die een meesterlijke song als opener Ashes in the Snow afvuurde, was het een uitdaging om het hoofd koel te houden. Pure As Snow combineerde dan weer het beste van beide werelden: een kabbelend beekje in het begin, een woedende vulkaanuitbarsting in het slot.

Het enige probleem van zoveel moois? Op de lange duur gaat het net iets teveel wennen. Zeker omdat de podiumact weinig toevoegde aan de briljante muziek. Naar Mono gaan kijken voor energieke danschoreografie├źn of boeiende bindteksten is hetzelfde als naar de McDonalds gaan voor een slaatje; daar zijn andere opties voor. Drie van de vier bandleden zaten neer, wat ervoor zorgt dat je achteraan in de zaal enkel wat wapperende haren kon zien. Je hoorde de gitaren en drums knetteren, maar je zag er al bij al maar weinig van.

En dan is er nog bassiste Tamaki Kunishi, die - toch vanuit de verte - met de lange haren voor de ogen een beetje op Sadako uit de horrorfilm 'Ringu' (remake: 'The Ring') lijkt. Zij krijgt absoluut een pluspunt voor het mysterieuze gehalte van haar presence, maar echt gezellig oogt het dan weer niet. Al sloot die pose soms naadloos aan bij de muziek; de sound van Mono schipperde fluks tussen de hoopvolle klanken van Explosions In The Sky en de gitzwarte apocalyps die Godspeed You! Black Emperor propageert.

Met afsluiter Requiem For Hell, tevens de titel van de laatste plaat, bewezen de Japanners dat ze de pit nog lang niet zijn kwijtgespeeld. Een Finale met hoofdletter F die minutenlang duurde, maar voorbijraasde als een orkaan en die live nog beter uit de verf kwam dan op plaat. Terwijl de laatste klanken nog uitstierven, verliet het viertal al met een onwennige zwaai het podium.

Rare jongens, die Japanners, maar dat hun postrockmachine als een geoliede pletwals functioneert, staat buiten kijf.

19 november 2016
Filip Van der Elst