Molly Burch - Tijdloos verleidelijk

Trefpunt, 30 november 2018

Twee keer geschoten en twee keer in de roos. Dat is de positieve balans van Molly Burch die in 2016 schjnbaar vanuit het niets vanuit Austin op onze radar verscheen. Benieuwd naar de magie wilden we dan ook bij haar eerste show hier aanwezig zijn. Democrazy zorgde voor de kans en wij grepen ze.

Ondanks achtendertig graden koorts en een keelontsteking stond Galine er op om te mogen openen voor Molly Burch en hoewel ze naar het einde toe echt de pijn en hoest moest wegslikken, bewees de Belgisch-Nederlandse waarom haar eerste ep zo geprezen werd. Zelfs in deze staat klonk ze nog honderd keer beter dan Britney Spears van wie ze Toxic coverde. “Ik zag haar deze zomer. Zij zong niet veel en danste vooral. Ik ga het omgekeerde doen,” zei Galine en ze hield woord.

Galine trad vanavond aan als trio. Ze begeleidde zichzelf op de piano en had ook een drummer en gitarist bij. Uiteraard speelde ze vooral de licht dansbare nummers uit haar ep 'Fabulae', maar ook het tragere River Flower dat op haar volgende plaat zal staan. We kijken er naar uit.

Ken je dat? Als je een kaartspel speelt met een kind, legt dat meteen al zijn azen, koningen en koninginnen op tafel. Wel, hetzelfde gevoel hadden we bij Molly Burch: Bam! Hier heb je Candy. Lap! En hier heb je Wild!

Meteen kregen we dus de twee singles uit Burchs laatste album ‘First Flower’ dat begin oktober verscheen. In evenveel tellen lag Trefpunt aan de voeten van de uit Austin, Texas afkomstige zangeres. Ze had ons natuurlijk al lang verleid met haar twee albums en vooral met haar geweldige stem die in de hoogte wel iets heeft van die van Angel Olsen, maar die vooral in de diepte een onweerstaanbaar bronzen klank heeft.

Of is het meer een honingkleurige klank? Feit is dat ze geweldig verleidelijk klinkt en mooi past bij het kwikzilveren gitaargeluid van die andere ster op het podium: haar vriend en gitarist Dailey Toliver. De magie tussen die twee is wat de muziek van Burch zo speciaal maakt. Samen leveren ze een soort tijdloze, maar hoogstaande popmuziek af die op het eerste gehoor niet zo spectaculair, maar wel bijzonder stijlvol is.

Ook de rest van de band verdient trouwens een pluim. Op het eigenlijk te kleine podium van Trefpunt, zetten tweede gitarist Hendrik Siems (The Love Machine), bassist Julian Neel en drummer Andrew Colberg (o.a. Howe Gelb) zich volledig ten dienste van de twee protagonisten. En was het omdat dit het laatste optreden was van het Europese luik van de tour of gewoon omdat het stuk voor stuk klasse muzikanten zijn, de band vormde echt een strakke eenheid.

En natuurlijk had Burch nog meer troeven achter de hand. Eerst kregen we nog Dangerous Place en het titelnummer van haar laatste plaat, waardoor we even dachten dat ze die integraal zou spelen, maar dan skipte ze Next To Me en greep ze terug naar haar debuutplaat met het huppelende Wrong For You.

Daarna keerden we terug naar ‘First Flower’ met het zwoele Good Behavior. Dat ging middels ingenieus drumwerk meteen over in Without You, dat ook weer het volgende nummer op de plaat was.

We konden dan al vermoeden dat Burch nog een troefkaart zou spelen, want het volgende nummer op ‘First Flower’ is publiekslieveling To The Boys. En ja hoor, we kregen de snoep die we verwachtten, maar niemand die er om maalde, want wat een geweldig nummer is dat en hoe virtuoos speelt Toliver hierin op zijn semi-akoestische gitaar!

Pas tien nummers ver in de set, greep Burch nog eens naar haar debuutplaat. Please Be Mine deed ons zwijmelen en bijna hadden we het meisje naast ons ten dans uitgenodigd voor een zwoele tegelplakker. We kregen nog een kans met Every Little Thing, maar we lieten het toch maar zo.

Downhearted, de subtiele parel waarmee het destijds allemaal begon, sloot de set af, maar Gent liet Burch niet zomaar richting Engeland vertrekken en eiste nog een bisnummer. En dus telde Burch nog eens af voor Try. “I wish you would try”, klinkt het daarin. We twijfelen er niet aan dat ze daarmee niet onze plannen tot een slow bedoelde, maar even klonk het wel zo.

1 december 2018
Marc Alenus (Foto's: Marc Alenus)