Marissa Nadler Van solo tot stevig

Cactus Club, Brugge
Marissa Nadler

Marissa Nadler passeerde zaterdagavond in de cactus club in Brugge. De Amerikaanse singer-songwriter bewees daar dat ze zowel alleen als met band haar nummers tot hun recht kon doen komen.



Hoewel Marissa Nadler een band bij zich had, opende en sloot ze haar set af met een reeks nummers die solo werden gebracht. Vanaf de eerste tonen van Drive wist ze het publiek te vangen met haar stem en gitaarspel, beiden gehuld in een dikke laag reverb. Solo worden haar nummers herleid tot de essentie, waarmee Nadler meteen duidelijk maakte dat ze een uitstekend songschrijfster is.

De eerste nummers van Nadlers set kwamen grotendeels uit ‘July’ en dat gaf een heel vertrouwd gevoel. Dissolve (dat ‘Strangers’ afsluit) werd iets langer uitgerekt dan op het album en leek niet echt ergens heen te gaan. Nadler was natuurlijk in Cactus om het laatste album, ‘Strangers’, voor te stellen, en dat was ook voelbaar in de set. Op één nummer na passeerde het hele album en het gedeelte, dat ze met band speelde, bestond enkel uit nieuw materiaal. 

In die band was er onder andere plaats voor JR Robinson en Esther Shaw van Wrekmeister Harmonies en het mag dan ook niet verbazen dat de klank voller en donkerder was dan op het album. Vooral de drums waren krachtiger en bij momenten zelfs net iets te overheersend. De bezetting met band betekende niet dat de arrangementen van het album letterlijk werden overgenomen. De partij van de leadgitaar uit Strangers werd overgenomen door de viool en zat meer verdoken, waardoor Nadlers gitaar en zang meer op de voorgrond konden staan. 

De herwerkte arrangementen wisten niet alle fouten van ‘Strangers’ te verdoezelen. Een nummer als Waking kon ook live niet boeien. Daartegenover stonden dan wel een hele reeks schitterende momenten. Door gebruik te maken van een band kreeg Nadler meer tijd voor andere dingen. Ze waagde zich tijdens Hungry Is The Ghost bijvoorbeeld aan een uiterst geslaagde solo. Vaak was het drumwerk van Ben McConnel de constante, wat bijvoorbeeld tijdens All The Colours Of The Dark de andere instrumenten de ruimte gaf om in te komen en weg te vallen.

Uiteindelijke eindigde Nadler de set zoals ze die begonnen was: solo. Met Fifty Five Falls en Dying Breed keerde ze helemaal terug naar het begin van haar carriere. En als toegift was er nog Tecumseh Valley, een cover van Townes Van Zandt. Hiermee was de set mooi evenwichtig verdeelt in oud en nieuw werk, in solowerk en songs met band. Het recept voor een geslaagde avond.


June 5, 2016
Robbe Van Petegem