Het moet ondertussen alweer zo’n slordige tien jaar geleden zijn dat we Hooverphonic voor het eerst live aan het werk zagen. Het debuutalbum ‘A New Stereophonic Sound Spectacular’ (1996) was pas verschenen, en eerder toevallig pikten we de set van onze streekgenoten mee op het Krakrock-festival in Avelgem. Wisten wij veel dat dit behoorlijk origineel klinkend groepje, toen nog kortweg Hoover geheten, in de daaropvolgende jaren in sneltempo zou uitgroeien tot een van Belgiës muzikale kroonjuwelen. In juni ’97 verving de zeventienjarige Geike Arnaert de oorspronkelijke zangeres Liesje Sadonius, en om die tiende verjaardag te vieren onderneemt Hooverphonic momenteel een eenmalige clubtour waarbij ze hun debuut nog eens integraal spelen. De primeur van deze tournee was voor Les Nuits Botanique.
Deze aparte “back in time”-show vond dinsdagavond plaats in de Orangerie, en zat geprangd tussen twee beloftevolle Franstalige acts van eigen bodem. Singer-songwriter Arker vond het alvast een hele eer te mogen openen voor zijn helden van Hooverphonic, en wierp zich samen met zijn begeleidingsgroep (waarvan de achtergrondzangeres zich eveneens van haar beste kant liet horen) gretig op het materiaal van zijn onlangs uitgekomen debuutalbum ‘Them & I’. We hoorden een paar kalmere, maar voor het merendeel toch uptempo nummers met invloeden uit zowel pop als elektronica en zelfs een vleugje hiphop. Lang niet slecht, en zeer overtuigend gebracht.
Volledig naar verwachting liep de zaal echter pas vol voor de speciale verjaardagsset van Hooverphonic alias Hoover, een set waarvan we in Brussel de première meemaakten. Zoals op voorhand aangekondigd werden de nummers uit ‘A New Stereophonic Sound Spectacular’ in de originele elektronische sfeer gepresenteerd, zegge en schrijve een vernuftige mix van triphop, galmwave, donkere elektronica en ambient-soundscapes die de groep tien jaar geleden tot vervelens toe het predikaat “de Belgische Portishead” opleverde. Songs als Inhaler, het prachtige 2Wicky (onder meer gebruikt door Bernardo Bertolucci in zijn film "Stealing Beauty") en Barabas worden tot op vandaag nog geregeld live ten gehore gebracht door Hooverphonic, en bij de hernieuwde kennismaking met andere tracks was het verbazend om te constateren hoe inventief en sterk de band reeds in zijn beginfase klonk.
Ook de podiumopstelling was weer helemaal zoals in 1997, compleet met de glitterbol achteraan en het verhoogje vooraan, waarop de in hoge laarzen gehulde zangeres Arnaert de ijle vocalen van Sadonius op de originele opnamen moest doen vergeten. En waar ze, haar reputatie als (een van de) beste zangeres(sen) van ons land indachtig, vanzelfsprekend glansrijk in slaagde. Op de achtergrond ontfermde Alex Callier zich voor de gelegenheid over de elektronische sfeerschepping en nam slechts sporadisch zijn bas ter hand, terwijl Raymond Geerts zoals altijd de gitaar beroerde. Overigens onttrokken dikke slierten rook de groepsleden tijdens een groot deel van het optreden aan het zicht. Van enige interactie of communicatie met het aandachtige publiek was al evenmin sprake deze keer, het trio liet de knappe muziek voor zich spreken en de nummers werden aan elkaar gelast via allerlei samples uit films (tot zelfs een versie van de evergreen Can’t Help Falling In Love With You). Wij waren onder de indruk en gingen helemaal op in deze trip terug in de tijd. Ook al zoals aangekondigd, kregen we er in de bisronde nog een paar pareltjes uit hun tweede plaat ‘Blue Wonder Power Milk’ bovenop, waaronder Battersea en kippenvelmoment Eden.
Wie het allemaal iets luchtiger wilde, kon daarna nog zijn of haar beentjes strekken op de frisse electropop van
Superlux. Vier jongens en een meisje uit de omgeving van Luik die binnenkort hun tweede album uitbrengen en zich duidelijk prima in hun sas voelden op het podium van de Orangerie. Hun meeslepende en bovenal dansbare nummers, afwisselend gezongen in het Engels en het Frans door
Nicolas Muselle en het erg beweeglijke en charmante “roodkapje” Elena Chane-Alune, zijn enerzijds schatplichtig aan 80’s new wave en neigen op andere momenten meer richting hedendaagse electroclash. Een bescheiden revelatie, en nog maar eens het bewijs dat er ook aan de andere kant van de taalgrens heel fijne muziek gemaakt wordt.