Leffingeleuren MCA en Andrew Loomis leven (10/9)

Leffingeleuren

Leffingeleuren besliste een paar jaar terug te downsizen. Wat ons betreft een goeie gok want Leffinge huisvest nu een van de gezelligste festivals van het land. Die schaalverkleining uit zich vooral in de bekendheid van de bands, niet in het aanbod.

De rit naar het ongerepte polderdorp Leffinge verliep vlotjes; aan een dagticket en jetons raken was dan weer iets chaotischer. De klok tikte verder en toen we uiteindelijk een aardig gevulde Zaal De Zwerver binnenstapten, perste Föllakzoid net de laatste noten uit Electric. Ze plukten uit hun platen ‘III’ en ‘II’ - hoe origineel! - een drietal langgerekte songs, die kolkend opgebouwd werden zonder echt los te barsten.

Bands als Can en Hawkwind echoden door de quasi duistere zaal. Toen de Chilenen een half uur later de gitaren aan de haak hingen, leek het alsof we nog maar net ingestapt waren voor een trip, die nog de hele avond had mogen duren.

Wij hosten een avond lang van de ene kant van het kerkplein naar het andere. In De Kapel (een als kapel vermomde festivaltent, inclusief houten voorgevel) kwamen we na Föllakzoid terecht in een geheel andere wereld.

Night Beats flitste ons terug naar de sixties met een rauwere versie van The Allah Las. De Texanen (ja, met cowboyhoed) hebben alles wat Tarantino kan zoeken in een band. Helaas zagen we de cineast niet scouten in Leffinge. We hadden graag tot het gaatje bij Night Beats vertoefd, maar terwijl ze zich doorheen Bo Diddley's Mama Keep Your Big Mouth Shut ramden, slopen wij naar buiten om de heel erg vetjes aangestipte Nothing te gaan checken.

Wij verbleven eerder dit jaar een paar maand op Mars en misten zo de hype rond Nothing. Door iedereen aangepord maar onbevooroordeeld, wachtten we vol ongeduld voor het podium. En wat gebeurde? In amper vijf seconden waren we al langsheen al onze favoriete gitaargenres geraasd. Wat een fenomenale start! Wat ons betreft mag de Muziekencyclopedie jaargangen 1991-1992 nu definitief bij het oud papier: alles staat gewoon op de plaat van Nothing. Swervedriver, Dinosaur Jr., Nirvana (de T-shirts aan de merch hadden ook een erg vette Nirvana-knipoog), Ride,... Noem maar op en het zat ergens wel verstopt in de sound van Nothing.

Jullie hebben geluk, dit is nog maar de tweede dag van een erg lange tour doorheen Europa. Over een paar weken zijn we alles en elkaar allang beu". We gokken dat ze op zondag 18 september nog net uiterst scherp zullen staan wanneer ze in Trix aantreden.

Het café van De Zwerver verborg een paar minder bekende namen. We gingen even piepen bij Marc Mèlia, maar zouden uiteindelijk tot de laatste toetsaanslag blijven plakken. Gewapend met een synthesizer en een stemvervormer liet de Catalaanse Brusselaar je met de ogen dicht ronddobberen op een luchtmatras in een rustige, open zee. Mooi intermezzo!

Het drukst bijgewoonde concert tot dan toe was dat van StuBru-protégés Soldiers Heart. Sylvie Kreusch en haar band betoverden zonder moeite. Sant in eigen land ook wel een beetje want ons Kosovaars-Nederlands gezelschap had na een paar songs vooral trek in een wafel met bloemsuiker (ja, die legendarische Leffingeleuren Brusselse wafels!).

Nog voor de laatste hap achter de kiezen was, waren we al in het zuiden van Algerije aanbeland (voor de gelegenheid aangekleed als een West-Vlaams dorp). Het kwintet Imarhan doet een frisse woestijnwind waaien door het desertbluesgenre. Met twee gitaren, een bas en twee percussie-instrumenten zweepten ze de kapel op in een transcendentale Touareg-trip. Was Dan Snaith in Algerije geboren, Caribou had gewoon Imarhan geheten. Leuk hoe ze in Leffinge zo diep en breed tegelijk programmeren!

Van een Algerijnse naar een Vlaamse trip, in Leffinge is het een kleine stap. Een uitzinnige Zaal De Zwerver was getuige van de heropstanding van Kapitan Korsakov. De nieuwe plaat komt pas in oktober uit, maar het publiek zag nu al dat het goed was. Je kan bezwaarlijk zeggen dat de Gentse band een originele sound spuit, maar het was zo verdomd goed en meedogenloos. Pieter-Paul Devos (zie ook Raketkanon) werkte het bisnummer af surfend met de gitaar boven het publiek en met de microfoon diep in de keel; hét beeld van de dag!

Programmaboekjes kunnen nogal eens misleidend zijn. Naast Dinner werden DIIV en MacDeMarco genamedropt, maar aangekomen in De Kapel vonden we niets van dat. Wat we zagen, was een geflipte Deen die met een zilveren doek om het hoofd de eighties even terugbracht naar Leffinge. De schaamte voorbij maakte Anders Rhedin van de nood een deugd met als enige doel een tent te entertainen: "Doe de spot even uit en geef me wat meer rook op het podium, zo denken jullie dat er achter mij een heus orkest zit". Dinner wist maar al te goed dat zijn performance niet alledaags was: "Dat was geen luid applaus, maar jullie zijn tenminste tijdens de song niet weggelopen. Dt is voor mij het beste applaus". Relativeren voor gevorderden!

Wooden Indian Burial Ground leek ons een prima keuze om de avond mee af te sluiten. En dat werd het ook echt wel! Vooraan het podium werden onze trommelvliezen van bij de eerste song verpletterd (en geloof ons vrij, terwijl je een kebab eet, is het moeilijk om oordoppen in te pluggen). Motorpsycho, The Cramps en The Buzzcocks hingen boven het podium en keken instemmend toe.

Heel eventjes gingen we in de grote zaal Truckfighters check,en maar wegens een overdosis voorspelbaarheid stonden we nog geen song later alweer loos te gaan bij WIBG. De band uit Portland trakteerde op een eerbetoon aan onlangs overleden stadsgenoot Andrew Loomis met een puike cover van Dead Moon. Eén van de strafste optredens van de dag kon niet zomaar eindigen: "We hebben geen nummers meer, willen jullie misschien een beetje Beastie Boys?". De beste versie van Fight For Your Right, die we in jaren hoorden, liet geen spaander heel van het café. MCA leeft! In Leffinge dan nog wel!

Rond het kerkplein werd nog een feestje op gang getrokken en ook Awesome Tapes From Africa deden in De Kapel nog een venijnige poging om de ledematen tot wilde dancemoves te verleiden. Maar voldaan pilsten we uit en slopen ongemerkt richting parking. Met een plaatje van Nothing en Wooden Indian Burial Ground onder de arm.


September 12, 2016
Christophe Demunter