King Crimson - Luisteren naar de toekomst

, 2 juli 2018

Het momentum is aangebroken voor een nieuwe incarnatie van King Crimson, moet man van het eerste uur Robert Fripp gedacht hebben. Eindelijk roert het monster opnieuw de kop. Een nieuwe studioplaat ligt (nog) niet in het verschiet, maar op het podium verrijst Koning Karmozijn zelfzeker uit zijn as. Met de meest uitgebreide bezetting sinds de oprichting in 1968. 

Vlak voor de show wenste Fripp in een audioboodschap iedereen een prettig feestje. Het werd er één met veel drums, zoals het openende Hell Hounds Of Krim meteen duidelijk maakte. Van de bezetting uit 1995 zijn naast Fripp enkel Tony Levin (bas, Chapman Stick) en drummer Pat Mastelotto overgebleven. De ritmesectie werd verder aangevuld met Gavin Harrison en Jeremy Stacey. Drie drummers dus, die elkaar voortdurend aanvulden of tegenspraken.

Ondanks de virtuoze techniek en breedvoerigheid van de composities bleef de emotionele kracht van de meeste songs rechtovereind. Dat was ook te danken aan de doorleefde vertolking van Jakko Jakszyk, die een ideale keuze bleek om de originele zangpartijen van Greg Lake en John Wetton nieuw leven in te blazen. Dat had met een heel ander soort zanger als Adrian Belew niet gekund.

Gevolg is dat het bandrepertoire van de jaren tachtig en negentig eerder stiefmoederlijk werd behandeld. Van The ConstruKction of Light werd enkel de instrumentale, eerste helft gespeeld, en Level Five is sowieso instrumentaal, maar Indiscipline kreeg met Jakszyk een zangerige behandeling in plaats van Belews parlando.

Met het leeuwendeel van de twee sets – de pauze viel na de eerste en voor de tweede helft, aldus Fripp – dook men daarentegen de jaren zestig en zeventig in. Veel songmateriaal dus dat lange tijd niet meer gehoord werd op een Belgisch podium, zoals Sailor’s Tale en The Letters uit ‘Islands’ en Cirkus en een selectie uit Lizard van het gelijknamige album. Ook de emotionele en stilistische veelzijdigheid van de band werd geïllustreerd: agressieve stukken als Red en Larks’ Tongues In Aspic Part II wisselden af met de ontroerende schoonheid van Epitaph en The Court Of The Crimson King.

Naast Fripp stond nog een andere legende uit de beginjaren van KC op de planken. Mel Collins speelde sax en dwarsfluit alsof zijn leven ervan afhing. Samen met Jeremy Stacey op mellotron kwam vooral het oude materiaal hierdoor extra uit de verf. Maar het was finaal toch Fripps gitaar die in Starless de gevoelige snaar het best raakte. Wat ook opviel: een lichtshow bleef volledig achterwege – de muziek was al opwindend genoeg – maar tijdens Starless hulde het podium zich in monochroom rood. Een prachtig orgelpunt na een weldadig muzikaal bad van ruim twee uur.

De encores waren zeer genietbaar: de cover van David Bowie's Heroes maakte duidelijk hoe belangrijk het aandeel van Fripps gitaar was toen het in ’77 werd opgenomen. 21st Century Schizoid Man blijft na zevenenveertig jaar een waanzinnig nummer met scheurende riffs en "distorted" vocalen. Toen al wees King Crimson naar de toekomst. Of zoals oud-Crimson-drummer Bill Bruford ooit zei: “Wie wil horen waar de muziek straks naartoe gaat, legt best een King Crimson-album op.”

Wie er bij was tijdens hun passage in Brussel alweer twintig jaar geleden, zag nu een andere Crimson. Toen speelde men vooral het eigentijdse repertoire, in een dubbele triobezetting met Bruford, Belew, Levin en Trey Gunn. Vandaag lijkt Fripp de geschiedenis van de band te willen belichten, in het besef dat zelfs een legende als KC niet de eeuwigheid heeft. Toch hoorden we in Antwerpen ook nieuw materiaal, dat verschijnt op de boxset 'Radical Action To Unseat The Hold Of Monkey Mind'. Zolang muziek een toekomst heeft, blijft King Crimson in één of andere vorm bestaan.   

4 november 2016
Christoph Lintermans