John Vanderslice + Jel
Sympathieke duizendpoot mist subtiliteit
Debby Vervoort
Trix, Borgerhout (Antwerpen) — 8 november 2008
Muziekclub Trix bestaat pas enkele weken en begint al enkele hardnekkige tics te vertonen. Een daarvan is het programmeren van supportacts die als een tang op een varken lijken te passen op de hoofdact. Op zich is dit geen negatieve zaak, zo krijgt de bezoeker die vaak niet verder dan zijn eigen genrevakje durft te kijken de kans om zijn horizon te verbreden.
Jel als voorprogramma van John Vanderslice uitnodigen lijkt geen voor de hand liggende keuze. In Amerika is hij misschien een gevierd artiest van het gerenommeerde Anticon label, in België is het een illustere onbekende. Met enkel een (drum)computer en zijn eigen stem als instrument brengt hij Avant Hop. Op zijn best weet hij aangename soundscapes te creëren, met samples van klassieke muziek, filmconversaties en andere onbestemde geluiden, voorzien van de nodige “beats ‘n breakz”. Wanneer een mens voorzien is van de nodige specerijen zou hij er bijna van gaan zweven. Als Jel echter zelf de microfoon ter hand neemt hopen wij dat iemand snel de stekker uittrekt. Het magertjes opgekomen publiek staat er in een halve cirkel bij te kijken, alsof ze reeds plaats hebben gemaakt voor een breakdancer die later aangekondigd zal worden.
Gelukkig is Jel een sympathieke kerel die met zijn leuke bindteksten enkele toeschouwers tot bij de bühne weet te lokken. Uit zijn nieuwste plaat ‘Soft Money’, brengt hij onder andere Nice Last en All Around met gastvocalen van Stefanie Böhm (Ms. John Soda). Al wordt het een beetje een pijnlijke bedoening, toch beschikt Jel over voldoende zelfspot om het niet aan zijn hart te laten komen. (“I’m going to play one more song” -geen reactie van het publiek- “No Jeff, do three!”). In november zal hij Trix opnieuw aandoen met zijn groep Subtle, met leden van ondermeer 13&God en cLOUDDEAD, als supportact van Tomàn. Hopelijk kunnen zij op meer respons rekenen.
John Vanderslice was een dag eerder ook al te zien in Trix, om de leek wegwijs te maken in de productietechnieken. Hij is bij ons vooral bekend als producer van Death Cab For Cutie en The Mountain Goats, maar eigenlijk is hij een muzikale duizendpoot. In zijn vrije tijd (God weet waar hij die nog vandaan haalt) duikt hij zelf in de pen en achter de gitaar en wist hij zo al enkele noemenswaardige platen uit te brengen. Zijn nieuwste ‘Pixel Revolt’ grossiert weer in de zorgvuldig uitgekozen instrumenten en boeiende lyrics, elke song is een verhaal op zich. Als we met etiketten gaan goochelen zouden ze de woorden pop en folk vermelden. Op plaat klinkt zijn muziek ingetogen, en doet hij bij momenten zelfs aan Sufjan Stevens denken, als hij de trompetten en belletjes uit de kast haalt. Live is het toch een heel ander verhaal.
Als geboren perfectionist laat Vanderslice zich omringen door een schare bekwame muzikanten. Basgitaar, drums en keyboards vullen het podium, maar voor de belletjes en andere snuisterijen is er helaas geen plaats meer. De ingetogenheid moet plaats ruimen voor het alledaagsere gitaarwerk. You Are My Fiji en Time Travel Is Lonely weet hij nog perfect uit de brand te slepen. De overige nummers zijn best te pruimen, maar er ontbreekt een zekere subtiliteit.
John is echter zo’n innemende persoonlijkheid, die zoveel sympathie en vreugde uitstraalt dat we hem veel kunnen vergeven. Hij legt een ongeziene bescheidenheid aan de dag wanneer hij iedereen bedankt voor de kansen die hem gegeven worden. En wanneer hij de loftrompet afsteekt over de mooie plaatsen die hij vandaag bezocht heeft is de spontaniteit van een kind op zijn gezicht af te lezen. Hij heeft duidelijk plezier in het spelen en zo weet hij het publiek alsnog in te palmen. Cool Purple Mist, een nummer dat John Darnielle van The Mountain Goats voor hem schreef is duidelijk een van zijn favorieten. Ook Plymouth Rock, The Mansion en Angela kregen een plaatsje op de setlist.
Als bisnummer speelt Vanderslice Radiant With Terror, een nummer over ... “the war on terror”, jawel. Het nummer is een bewerking van het gedicht “Fall 1961” van R. Lowell, destijds geschreven als een reactie op de Koude Oorlog, maar tegenwoordig weer zeer actueel. Afsluiten doet hij met Time Travel Is Lonely, dat hij met verve en overtuiging weet te brengen. Een uitbundig applaus is zijn verdienste.
