The Black Angels

Wallonië Vakantieland

Lene Hardy
Botanique, Brussel10 januari 2009

De Franstalige jeugd was massaal naar de Botanique getrokken voor de hoogdag van de Waalse rock. Het Luikse collectief Jaune Orange presenteerde niet minder dan achttien bands in één avond. Er werd gedanst, er werd geroepen, er werd met bier gegooid, het rookverbod werd straal genegeerd. Kortom, het was er gezellig. Maar laten we de muziek vooral niet vergeten.


Een dergelijke hoeveelheid bands in vier en een half uur persen veronderstelt een timing die strakker is dan de tijdstabellen van de gemiddelde Japanse trein. Zeker als je weet dat geen enkele band tegelijkertijd speelde met een andere. Jaune Orange wisselde mooi af tussen de Orangerie en de Rotonde, met een ratio van drie bands per keer. Dat de meeste bands slechts tijd hadden voor drie à vier nummers was slechts een detail. De wissels gebeurden zo snel en efficiënt dat een pintje halen je al snel een hele act kostte, maar daartegenover stond dan ook een showcasefestival om u tegen te zeggen.

De avond begon in de Rotonde met de onbekende El National Quarterback, 7even PM en Pale Grey. De eerste twee brachten middle-of-the road indie. De laatste in de rij moest het hebben van een soort slaapkamerelektropop met bliepjes die, net als de jongens zelf, hun weg niet goed leken te vinden. Het meisje op de eerste rij kreeg de slappe lach bij het zien van de onhandige, maar gepassioneerd wiebelende gitarist van Pale Grey. Wij dachten onwillekeurig aan When The Lady Smiles, maar dat kon ook iets met de overenthousiaste zanger van 7even PM te maken hebben. Niet onaardig, maar alleszins niets om te onthouden.
Ondertussen maakte de Orangerie zich op voor wat steviger werk en voor de eerste bekende namen. Two Star Hotel mocht openen en deed dat zoals altijd met de nodige show en zonder de nodige inhoud. Leuk hoor, die rode broeken en witte zonnebrillen, maar onze muzikale waardering koop je er niet mee.
Op The Electric Ladies Blues had niemand ons kunnen voorbereiden en zeker hun eigen groepsnaam niet. Laat je niet misleiden. Het betreft een hardcorecollectief met vrouw op zang. Al snel kroop ze op haar knieën over het podium in een fuchsia satijnen nachtkleed terwijl haar muzikanten er onverstoorbaar op los ramden. Headbangen! Borsthaar! Tieten! Niet origineel, maar wel het beste wat we tot dan toe zagen. Zeker toen we nadien ook nog The Experimental Tropic Blues Band moesten uitzitten. Ze begonnen met een cover van Status Quo en overstegen ook daarna nooit het niveau van een geroutineerde coverband. Alle rock-‘n-roll clichés werden op een hoopje gesmeten met als resultaat een van de belachelijkste bands die we ooit in ons leven mochten aanschouwen.
Gelukkig boodt de Rotonde soelaas met zachte, lieve folk. Tsu recycleerde de bassist van Pale Grey en deed iets dat van heel ver aan Fleet Foxes deed denken. Akkoord, slechter. En veel, veel saaier. Maar toch. Als je bekijkt wat we tot dan toe hadden moeten doorstaan, waren we meer dan tevreden. De andere helft van Pale Grey zagen we op zijn beurt terug met Dan San. Deze jongens zijn in de platenkast van hun ouders gaan neuzen, kwamen daar de Bretoense folk van Alain Stivelle tegen en besloten dan een meerstemmige band op te richten. Jammer genoeg kwamen ze er op het podium pas achter dat ze allemaal over een flinke basstem beschikten. Toch zagen we wel potentieel in Dan San. Ook al was niet elk nummer even geslaagd, de Simon  & Garfunkelachtige structuren in hun muziek deden ons meer dan eens wegdromen. En zo dacht het publiek er duidelijk ook over.
Net zoals een half uur eerder in de Orangerie bleek de laatste band weer de slechtste te zijn. We hebben altijd al een gruwelijke pesthekel gehad aan bands op barkrukken. Misschien zijn we bevooroordeeld. Blue Velvet en hun hartverscheurende ballads mogen wat ons betreft door middel van zeven plagen van de aardbodem geveegd worden. Na een half liedje was de overvolle Rotonde al voor een derde leeggelopen. Barkrukbewoner nummer één liet het niet aan zijn hart komen. Hij en zijn al even langharige kameraad spuiden nog wat sentimentele druiperigheid op akoestische gitaar voordat ook wij besloten het op een lopen te zetten. De toorn Gods kon niet meer lang op zich laten wachten.
De laatste ronde in de Orangerie was gereserveerd voor alles wat jong en hip was. Naast een esthetisch verantwoord uitzicht werden ook de oren verwend met aanstekelijke deuntjes die zich schaamteloos in de britpop wentelden. Neem nu Hollywood Porn Stars. Ze zien er verdomd goed uit en nestelen zich comfortabel tussen Arctic Monkeys en The Fratellis. Moest dit een Vlaamse act zijn geweest, hadden ze een tienermeisjesaanhang om u tegen te zeggen. Maar stiekem vonden we hun zijprojectje Les Singlets veel sympathieker. Pretentieloze, masculiene rock zonder complexen in de beste traditie van bands als Jet. Een fijne, overstuurde stem en flink wat rock-‘n-roll, meer heeft een mens niet nodig. Airport City Express, alweer dezelfde jongens in een licht gewijzigde bezetting, kon ons veel minder boeien.
In de Rotonde bolden we uit met band dertien, veertien en vijftien van de avond. Alledrie maakten ze niet bijzonder veel indruk. De theatraliteit van My Little Cheap Dictaphone was hooguit amusant te noemen. Ze brachten – en exclusivité! – een voorproefje van hun rockopera met het nodige drama. Op de beste momenten zochten hun ritmes langzaam het gezelschap van Tom Waits op, maar fervente aanhangers van rockopera’s zullen wij wel nooit worden. Van Vancouver herinneren we ons helemaal niets meer, maar de mooie, hoge stem van singer-songwriter Elvy ligt wel nog vers in het geheugen. Zijn zachte liedjes stonden ons wel aan, al schoot hij dikwijls vocaal tekort in moeilijkere passages.
Voor de die-hards waren er daarna nog drie dj-sets in de Orangerie, maar het was intussen al ver na middernacht en we hadden het wel gezien. Muzikaal sloeg de balans van deze avond eerder negatief door. We zagen weinig goede bands en nagenoeg niets dat ons echt in vervoering bracht. Ondanks het overaanbod konden we het concept echter wel smaken. Een gezellige avond in de Botanique rondhangen en je bent weer helemaal bij. Deze labelnight is zeker voor herhaling vatbaar.
← Terug naar overzicht