Jamie T Rauwe Britpop aan tweehonderd per uur

Jamie T

In vergelijking met de laatste passage van Jamie T in Brussel, in februari 2015, is er eigenlijk niet zo heel veel veranderd. Ja, hij heeft een nieuwe (opnieuw oerdegelijke) plaat uit, maar voor de rest staat een optreden van de man nog altijd garant voor veel dronken Britten, rauwe Britpop aan tweehonderd kilometer per uur en een uitbundig sfeertje. De bescheiden populariteit zorgt ervoor dat hij in kleine zalen als de Botanique kan blijven spelen, waar een vreemde vogel zoals deze het beste gedijt.

We kunnen niet zeggen dat de carrière van Jamie T in vogelvlucht gaat. Daar waar zijn vorige plaat nog wel wat aandacht kreeg, is zijn nieuwste worp ‘Trick’ relatief geruisloos gepasseerd. Nochtans bewees hij tijdens zijn doortocht zaterdagavond in de Orangerie dat daarop heel wat moois te vinden is: Power Over Men klonk even mysterieus als Tame Impala, het aan zijn hometown Wimbledon opgedragen Tescoland refereerde aan het betere ratelwerk van Jamie uit zijn beginjaren. Hoe dat dan wel moet klinken, bewees hij al snel met oude hits als Operation en Salvador, dat fluctueert tussen "ridicuul" en "een meesterlijke oorwurm". Jamie’s talent om met woorden te goochelen komt nergens zo duidelijk boven water als hier.

Want Jamie T doet zijn uiterste best om te bewijzen dat hij niet van één markt thuis is. Tijdens 368 prevelde hij als een blanke Kanye West, al molenwiekend over het podium (of is Mike Skinner van wijlen The Streets misschien een betere referentie?); een nummer later stond hij solo met een gitaar op het podium om met Sign Of The Times een innig moment van retrospectie te brengen. Kunnen ontroeren zonder belegen over te komen, het is niet iedereen gegeven. In Dragon Bones ging hij op zoek naar zijn meest funky kant en The Prophet klonk dan weer alsof het zo op de jongste plaat van Arctic Monkeys had kunnen staan.

Jamie T was opvallend goedgeluimd voor iemand die bekend staat geregeld met angstaanvallen te kampen te hebben – de man wijdde er zelfs zijn debuutplaat ‘Panic Prevention aan. Nog leuker dan de frontman was de energieke gitarist van zijn begeleidingsband. Die zag eruit alsof hij eerder thuishoort op een goa-feestje dan op een rockconcert. Hij was bijna even energiek als zijn baas en brulde zijn backing vocals als een voetbalfan, die zijn ploeg naar voren schreeuwt, en probeerde tussendoor nog te verhinderen dat een al te enthousiaste fan het podium zou beklimmen. Tevergeefs, overigens.

Laten we ook het literaire talent van Jamie niet vergeten. Want ook al mompelt hij soms aan zo'n verscheurend tempo in een stream of consciousness waar kop noch staart aan te krijgen is, in het melancholische Crossfire Love droomden wij meteen weg bij zinsnedes als “It's hard being rich in a poor mans land”, en “Can't stop stopping / I'm not beyond nothing / still living with the devil / but the devil shut up”.

De hoogtepunten van een concert van Jamie T zijn nog identiek: een wedstrijdje zo-goed-mogelijk-een-Cockney-accent-proberen-meelippen met de oude hits If You Got The Money en Sheila en het vuurwerk ontsteken bij een alweer meesterlijk Sticks ’n’ Stones. Tussendoor kregen we met het nieuwe Tinfoil Boy en Don’t You Find nog respectievelijk een flinke portie nijd en een aardige levenswijsheid voor de kiezen. “Don't you find / some of the time / There is always someone on your mind / That shouldn't be at all / In any place or any kind”, klonk de correcte vaststelling.

Het enige bisnummer Zombie, een lied waarvoor Radio Donna indertijd de slogan “de fun, de hits” heeft uitgevonden, was voor ons het visitekaartje bij uitstek voor Jamie T. Het vond als geen ander de balans tussen melodie en het verschroeiende tempo van zijn zanglijnen, gekruid met de opvallende melancholie die zijn teksten inspireert. “Cause I'm a sad sad post teen / Could have been a love machine / No dream, come clean / Walking like a zombie, like a zombie”, klonk de mooie afsluiter van een weinig verrassend, maar desalniettemin zeer lovenswaardig concert.


November 7, 2016
Filip Van der Elst