Humo's Rock Rally 2016 - Veel soeps

, 2 juli 2018

Het lijkt ons geen pretje, drie weken in een vochtige schuilkelder met een beschimmelde korst brood, een glaasje water en het licht van een kaars meer dan achthonderd demo’s beluisteren. Bij Humo zijn ze gelukkig gek genoeg om daarvan een jaarlijks ritueel te maken. Honderd overgebleven artiesten aller genres mogen het bijgevolg komen uitleggen in een nabijgelegen dranklokaal. Wij gingen eens kijken wat voor lekkers er in De Zwerver langskwam. Veel soeps, zo bleek.





Eerste vaststelling: de bescheidenheid van alle artiesten aanwezig. Bij het aansnijden van gevoelige onderwerpen als “toekomstperspectief” of “carrièremogelijkheden” werden schouders achteloos opgehaald en zenuwachtige glimlachjes vertoond. Het muzikantenleven is nog steeds een onzeker bestaan en dat zal nog een tijdje zo blijven. Toch hebben we heel wat potentieel zien passeren in De Zwerver. En gelukkig maar. Naar verluidt schreeuwt (pb) nog steeds “matig” in zijn koortsdromen na de eerste preselectie in de Vooruit.

Voorbeeldje van al dat potentieel was dirk. Dat ze hun strepen al hebben verdiend tijdens wedstrijden als Westtalent en Verse Vis was eraan te zien. De band stond live stevig op de poten en duwde een geweldige brij van snedige riffs, schreeuwende gitaren en licht geestesziek geschreeuw recht de keelholte binnen. Muziek die bleef hangen en die zelfs met een welgemikte schouderklop niet uit het systeem te halen was. Dirk. is een band, die duidelijk klaar is voor het grotere werk.

Tweede vaststelling: het geneuzel waar Oscar & The Wolf zo razend bekend mee is geworden, blijft nazinderen bij jonge artiesten. Zowel frøwst als Poolside Echo tapten uit dat vaatje, al gooiden ze er wel hun eigen gedistilleerd brouwsel bij om het net iets pittiger te maken. Bij frøwst hielden ze het bij het "synthste" uit de eighties, ingepakt in een sound die deed duizelen alsof je na een wilde avond vol absint je bed indook en reflecterend naar het plafond lag te staren. Onterecht als reservekandidaat aangeduid door de Humo-jury, maar naar onze bescheiden mening te veel van hetzelfde om het tot de volgende ronde te schoppen.

Poolside Echo maakt dan weer indiepop die op de dansbenen mikt. De demo’s getuigen van een enorme groeicapaciteit en daarmee is alles gezegd. Te jong om potten te breken, maar vraag het gerust binnen een jaar opnieuw.

Ook het hiphopgenre was met twee acts vertegenwoordigd in Leffinge. Johnny favorite aka Madsin – we hebben nog steeds geen idee met welke naam hij tegenwoordig wil aangesproken worden - verraste met een amusant optreden. Statisch - al zal dat wel de bedoeling geweest zijn - strak in het pak, in zijn teksten ongegeneerd stront en ingewanden door de ruimte keilend en voor de gelegenheid een gitarist meezeulend. Hiphop, die ons deed denken aan Mf Doom of Army Of The Pharaos, maar geen spek voor de bek van de gemiddelde muziekliefhebber die hiphop nog steeds als een indringer ziet in hun veilige indiebubbel.

Pjay was dan qua flow en enthousiasme beter gezegend dan zijn voorganger in datzelfde genre. Maar nogmaals: in deze kringen wordt hiphop enkel geapprecieerd als er een kunstig kantje aan zit en bij voorkeur in het Nederlands gebracht wordt.

Ook niet helemaal op hun plaats was het jonge producersduo Double Dazzle, die met hun mix van edm en knallende bassen een verdienstelijke poging ondernam om ons in beweging te krijgen. Tevergeefs. Een dj-duo op een Rock Rally; er zijn in het verleden al voor minder vuilnisbakken in brand gestoken.  

Mad Horses slaagde er dan wel weer in om voor wat commotie te zorgen op de dansvloer. Pure rock-'n-roll uit het Kortrijkse, die er niet voor terugdeinsde om drie rake stoten in het middenrif te planten. We zagen in de nabijheid enkele vuisten in de lucht gaan; er werd zelfs paardje gereden in de gang. Kortom: zeer amusant, maar te weinig beklijvend om een diepgewortelde indruk te maken.

In een ver verleden werd eenieder die verkouden klonk en een gitaar ter hand nam prompt tot de nieuwe Dylan gedoopt. In het geval van Nemo – volgens zijn profiel fan van de goede man– gaan we deze vergelijking terug opbergen. Wat hebben we dan wel gehoord? Ben Howard-muziek waarbij meisjesvingers hitsig krullen in het haar draaien, maar dan met een stem die even hard jammert als die van Thom Yorke bij een optieker. Origineel? Niet echt. Maar wel verdomd sympathiek en charmant gebracht. Een zangvogel om te koesteren.

Fitzgerald en Noble & The Isegrim hadden we op voorhand met een groot uitroepteken aangestipt. Bij Noble & The Isegrim lag dat aan het geweldige singletje House Of Blue Leaves, dat al dagen in ons hoofd ronddartelde. Groot was de teleurstelling dan ook toen bleek dat ze hun kat gestuurd hadden. Daar zal hopelijk een goede reden voor geweest zijn.

Fitzgerald is van hetzelfde laken een broek. Rock en pop worden keurig gemixt en ook de hitgevoeligheid zit hen in de vingers. Helaas maakte de band live een bleke indruk. De nummers werden schoorvoetend gebracht, het geluid was een onsamenhangende brij en de stem van de zanger was niet trefzeker genoeg om te imponeren. Iemand in het publiek wist te vertellen dat hij ze al beter had gezien, dus we gaan ervanuit dat ze last hadden van een minder dagje. Groot nadeel voor hen: de concurrentie bracht wel hun a-game mee. We vermoeden dat mindere dagjes genadeloos afgestraft zullen worden. Volgend jaar derde keer goede keer dan maar?

18 januari 2016
Joris Roobroeck (Foto's: Wannabes)