Groezrock 2016 - Feest!

, 2 juli 2018

In Meerhout was het dit weekend feest. Meer nog: het was een jubileum, Groezrock mocht vijfentwintig kaarsjes uitblazen. Even leek het er op dat de grillen van ons Belgische weer een serieuze domper op de feestvreugde zouden zetten, maar dat viel best mee.





De organisatie had dag en nacht gewerkt om het terrein en de omgeving droog te houden zodat de festivalgangers het festivalseizoen in stijl op gang konden trappen. Groezrock 2016 was net zoals het gelijknamige dubbelalbum, een 'best of' van de laatste vijfentwintig jaar. Een heleboel bands, die aan de basis lagen van het Groezrockverhaal, waren speciaal afgezakt om mee te vieren en rakelden op het podium volop anekdotes op over hun verleden in Meerhout.

De programmatie zette ons dikwijls voor moeilijke keuzes, er was altijd wel wat te zien, maar waar dat met een album of cd wel kan, kan je een band op het podium niet op pauze zetten om dan verder te kijken eens je het bij de andere band voor bekeken hield. Bovendien waren het allemaal klassebands. Welk podium je ook koos, het was allemaal vakwerk. Toch een pluim op de hoed van de organisatie.

Op vrijdag waren we vooral gecharmeerd door de bewegingen op de Watch Out Stage, strategisch geplaatst tussen de kassa's en de handtekeningensessie-container. Tangled Horns startte daar als een echte diesel in de winter, een beetje pruttelend, maar eenmaal op dreef niet meer te stoppen. Wat een verschil met het akoestische concertje dat ze twee weken geleden nog gaven bij Fatkat Records ter gelegenheid van Recordstore Day.

Tangled Hors is een band, die je misschien  niet meteen op groezrock zou verwachten, maar aan de publieksparticipatie te merken bleek dit helemaal geen foute keuze. De veelzijdigheid van de band werd nogmaals onderstreept door midden in Megalith een ferm stuk van Come Together te plakken.

Bij We're Wolves was het heel andere koek. Dit was een wilde bende, gekleed in jeans en leder, die muzikaal het midden hield tussen Motörhead, The Shrine en Peter Pan Speedrock. Geen gelul, maar spelen. En dat werkte: ze wisten het enthousiasme op het publiek over te brengen. En daar draait het toch om.  

Op het hoofdpodium straalde folkpunker Frank Turner zijn sympathieke zelf. Tot vijf minuten voor het optreden was hij nog druk bezig met handtekeningen uitdelen en poseren voor selfies in de daartoe voorziene container. Dat Walls of Jericho aan de andere kant van de weide op hetzelfde moment het Impericon-podium aan het verbouwen waren, deerde de brave man niet. Hij kwam, zag en deed zijn ding. En duizenden kelen zongen vrolijk mee met zijn “positive songs for negative people”.

Hatebreed had minder positieve songs bij zich en opende met een ironisch A.D. (ofwel American Dream), de voorloper van het nog uit te komen, nieuwe album, een feit waaraan we door zanger Jamey Jasta op geregelde tijdstippen aan herinnerd werden. De korte harde songs volgden elkaar aan sneltempo op. Het hardcorevolk lustte er pap van en er werden cirkeltjes getrokken dat het een lieve lust was. Maar eenmaal voorbij de PA stond de verkleumde massa koeltjes toe te kijken en op de mobieltjes de volgende afspraak uit te zoeken.

Dat had bij No Fun At All kunnen zijn. De Zweden tekenden al voor hun vijfde passage en vierden dus ook een soort van jubileum. Eentje dat stond als een huis, trouwens. In vlammende vaart gingen ze van start met krakers als Suicide Machine en Perfection en lieten ze amper tijd om te bekomen. Maar het werkte en zij slaagden er wel degelijk in de weliswaar kleinere, Impericon-tent achter zich te scharen. In die mate zelfs dat een heel pak volk de tent uiteindelijk niet in kon.

Zaterdag had de regen plaats gemaakt voor zon en dat zorgde meteen voor een flinke groei aan toeschouwers, die hopelijk allen zagen hoe Hollywoodactrice Juliette Lewis zich uitleefde met haar Licks. Poses aannemend en geregeld de gitaristen opvrijend kwam ze vooral sterk rockend uit de hoek. Misschien is het een risico om er als gevierd actrice een rockband op na te houden, maar wie haar bezig zag en hoorde, zal zich eerder afvragen waarop ze zich nu het best zou toeleggen. La Lewis doorspekte haar set met covers, maar ook het eigen werk stond stevig op de benen.  

Wie ook stevig op de planken stonden waren Night Birds, die de Watch Out Stage in vuur en vlam zetten. Van surfpunkhardcore uit de tachtiger jaren in de traditie van Zero Boys en Circle Jerks gaat ons hart nog steeds sneller slaan. Met entertainer-zanger Brian Gorsegner achter de microfoon blijkt de band trouwens de ideale frontman te hebben. De muziek trok niet voor niets Fat Wreck records over de streep om het nieuwe album 'Mutiny at Muscle Beach' wereldwijd uit te brengen.

Van een jonge band naar een oudere band was op Groezrock een kleine stap. In de Back To Basics-tent speelde het Canadese SNFU, de band die begin jaren tachtig werd gevormd rond de excentrieke Mr. Chi Pig. Van de ooit zo acrobatische zanger bleef op het eerste gezicht niet veel over, maar eens hij op dat podium stond, bleek de man toch nog danig uit te voeten te kunnen. Aan charisma ontbrak het hem dan ook niet. Net zoals het publiek overdonderd werd door de performance, waren de Canadezen waren verbaasd over het feit dat er zoveel fans in de tent waren, die de songs ook nog eens woord voor woord konden meezingen.

Eveneens in de Back To Basics-tent stond Dag Nasty, de Amerikaanse melodische hardcoreband van Brian Baker (Minor Threat); en nog wel in de originele bezetting. Oerzanger Shawn Brown was immers voor het debuut 'Can I Say' uitkwam, al vertrokken, maar vervoegde dus nu terug de band voor een beperkte Europese tour met voor België alleen een passage op de Groezrockweide. Een zegen, zeker voor veel veertigplussers, die deze band actief hebben meegemaakt. Nieuwe single Cold Heart paste perfect tussen de oude klassiekers, die ook hier woord voor woord werden gescandeerd. Om aan te geven dat stagediven wel degelijk mocht, voegde Shawn Brown zelf de daad bij het woord en vloog met hebben en houden in het publiek; het startsein voor de luchtacrobaten in het publiek om het beste van zichzelf te geven.

2 mei 2016
Bert Gysemans (Foto's: Bert Gysemans)