GoGo Penguin - Onderuitgeschoffeld

Ancienne Belgique, 10 maart 2018

Met 'A Humdrum Star' is GoGo Penguin toe aan haar vierde langspeler. En nog hebben ze de piek niet bereikt; nog valt er nieuw terrein te ontginnen. Dat werd in de Ancienne Belgique nog maar eens duidelijk.

 

Dat ze zich niet blind staren op eender welk genre is wat GoGo Penguin en voorprogramma Oscar Jerome gemeen hebben. Maar waar de laatste vooral gebruik maakt van de gitaar, laat de publiekstrekker van de avond dat instrument met opzet links liggen. Clash Magazine posteert Jerome ergens op de grens van jazz en singer-songwriter. Maar hij laaft zich ook aan hiphop, punk en rock. En daar mag je gerust een stevige snuif blues aan toevoegen. De teksten zong hij met dichtgeknepen ogen, zijn gitaar bevingerde hij op alle mogelijke manieren. En om toch iets meer als een band te klinken (zoals op plaat dus, zoals hij zelf aangaf) zette hij ook nog in op de sampler. Het resultaat was boeiend, veelzijdig, funky en gewaagd. Bovendien betrof het hier een belezen man. Zijn Where Are The Branches (Where Is Your Fruit) is gebaseerd op ‘Go Tell It On The Mountain’, de roman van James Baldwin. ‘t Is maar dat u het weet.

 

Het zijn mannen van weinig woorden, de gasten van GoGo Penguin. Niet dat je dat als een gemis ervaart, want er gebeurt meer dan genoeg in de nummers van dit Engelse drietal. Zoveel zelfs dat het soms moeilijk te bevatten lijkt. Je weet met andere woorden niet waar kijken als je pianist Chris Illingworth, bassist Nick Blacka en drummer Rob Turner aan het werk ziet. Maar dat heeft het voordeel dat je die muziek ook nooit beu wordt. Telkens weer ontdek je iets nieuws. Ook de bindteksten beperken ze tot een minimum. Blacka stelde de band tussendoor (twee keer) voor en gaf een minimum aan uitleg over de stukken, die ze speelden. Maar tegelijkertijd kon je van zijn gezicht aflezen dat dit niet iets was dat hem lag; eerder was het verplichte kost.

 

Spelen, daar draaide het om; mensen doen bewegen; magie opwekken. En dat is ook precies wat er gebeurde in de Ancienne Belgique. Veel poespas moest daar niet rond gemaakt worden. De lichtshow was sober, toonde het logo van de band achter elke muzikant en varieerde daarop, maar daarnaast was het – op enkele uitzonderingen na – vooral de duisternis die overheerste. Dat was geen bezwaar. Integendeel zelfs, er waren trouwens genoeg toeschouwers, die de muziek met gesloten ogen tot zich lieten komen.

 

Op de meest recente langspeler, 'A Humdrum Star' gaan de Britten nog verder dan ze dat al deden op voorgaand werk. Zij voelen niet de nood om allerlei elektronica aan te slepen om te bekomen wat zij voor ogen hebben. Breakbeats, triphop, thema's uit het minimalisme – vorig jaar stond GoGo Penguin nog met een eigen versie van Philip Glass' 'Koyaanisqatsi' in Flagey – worden gewoon uit piano, staande bas en drums getoverd. Alsof het niet meer dan normaal is.

 

Maar dat is het dus niet. Ook al leek het bijna logisch als je in opener Prayer de piano hoorde echoën, dan nog was dat live niet zo vanzelfsprekend. Illingworth liet de vingers niet alleen over de zwart-witte toetsen flitsen, hij gebruikte ook de handdoek om de snaren te dempen in Smarra. Ook de bassolo's van Blacka waren fenomenaal terwijl Turner misschien nog het meest verblufte met zijn toch eerder beperkte drumstel, waaruit hij steeds weer de meest maffe ritmes puurde: van tribaal (A Hundred Moons) tot oorlogstroms (Protest).

 

Op haar best is GoGo Penguin als ze dat individuele geweld versmelten tot een monumentaal geheel. In single Bardo hoor je de instrumenten samenkomen om dan weer helemaal uit elkaar te drijven. In Transient State bakenen de drums het speelveld af waarop bas en piano de gekste buitelingen maken.

 

En dan zijn er nog de twee – inmiddels klassieke – bisnummers Hopopono en One Percent waarmee ze nog één keer op onovertroffen wijze hun kunnen vertoonden. Ja, dit zou je als opscheppen kunnen zien, maar het was het niet. Dit is het resultaat van heel veel samen spelen en van een ongewone, onderlinge verstandhouding.

 

Elke keer weer als we dit trio aan het werk gaan zien, vragen we ons af of ze dit niveau echt kunnen volhouden. Elke keer weer worden we opnieuw onderuit geschoffeld.

11 maart 2018
Patrick Van Gestel