Gent Jazz 2017 - Dag 1: Dekselse hoofddeksels

Bijloke, 6 juli 2017 - 15 juli 2017

p.p1 {margin: 0.0px 0.0px 0.0px 0.0px; font: 11.0px Helvetica; -webkit-text-stroke: #000000} span.s1 {font-kerning: none}

De eerste dag van Gent Jazz demonstreerde verschillende manieren waarop het genre gebruikt en vernieuwd wordt.  En er waren de hoofddeksels van Grace Jones.

De jongens van Compro Oro hadden hun fleurigste hemdjes opgeduikeld om in hun eigen Gent het ‘tussenprogramma’ van de dag te gaan wezen. Hun muziek was even kleurrijk: de grillige melodieën van het duo vibrafoon-gitaar floreerden over heerlijk voortstuwende grooves die de ritmesectie was gaan lenen in Ethiopië, Cuba of het Midden-Oosten. Het geheel was easy on the ears en mikte op de heupen. Hoewel ’t nooit echt gevaarlijk werd, keerden we graag twee keer terug naar de Garden Stage.

Miles Mosley is de volgende muzikant uit het West Coast Get Down-collectief die aan de grote deur komt aankloppen. We hoorden al werk van hem op het concert van Kamasi Washington in de AB, bij Mosley zelf mocht pianist Cameron Graves een uitstekende song van zijn eigen plaat brengen. Wat een groepsgeest!

De muziek was eerder funk die naar jazz geurde dan omgekeerd, in tegenstelling tot bij de eerder genoemde Washington. Waar Mosley als vocalist niet echt indruk maakte, compenseerde hij dat met wilde, in psychedelische effecten gedrenkte contrabas-solo’s en veel goesting. Wie tijdens die solo’s samen met ons aan Hendrix dacht, kreeg dat vermoeden bevestigd tijdens de cover van 6 was 9. Op vlak van songwriting hoorden we niks verbluffends, maar de show was energiek en entertainend.

De hippe minimalistische jazz van Gogo Penguin was een heel andere ervaring. Je zou het hen er niet op nageven op basis van hun verschijning, maar drummer Rob Turner, bassist Nick Blacka en pianist Chris Illingworth hypnotiseerden moeiteloos en rustig op de Main Stage. De pianoriedels waren melodieus op een onopvallende manier, de drums waren zo weggelopen van bij Aphex Twin, de bas stuwde en duwde. Lette je even niet op, dan gleed je in een staat van verdoving en afwezigheid. Ware het niet voor het nieuwe materiaal, met meer welkome ritmische weerhaken die je wakker schudden.

Naar diva-normen was Grace Jones best op tijd: na amper een kwartier viel het gordijn naar beneden op de tonen van Iggy Pop’s Nightclubbing om Jones in weinig meer dan een doodsmasker, een cape en enkele verfstrepen te onthullen. This Is zette de heerlijke dubbassen verder, Jones’ stem klonk mysterieus en zwoel, en ze danste nog steeds (bijna) even elegant als in de vroege jaren ’80. En toen verdween ze even in de coulissen, om van hoofddeksel te wisselen. Dat duurde net ietsje te lang, al begon ze doodleuk“I forgot my dildo” te zingen bij wijze van inleiding voor My Jamaican Guy dat volgde.

Het was het eerste van vele momenten die vaart uit de set haalden. Of de hoofddeksels het wachten waard waren laten we in de midden, maar ze waren (samen met haar enorm behaarde Frans) in elk geval redenen dat het nooit écht klikte met het publiek. En dat was jammer, want de klassiekers heeft ze, en ook nog steeds het charisma om massa’s in te pakken. Haar band klonk prima, maar wist niet goed hoe te reageren toen Jones hen onverwachts aanmaande mee te gaan in haar “rock ’n roll church”-improvisatie. Versta ons niet verkeerd, de show was geen ramp en kende zeker haar hoogtepunten, de cover van Roxy Music’s Love Is The Drug bijvoorbeeld, of afsluiter Slave To The Rythm. We zijn er gewoon zeker van dat ze er - ook recent - al betere heeft gespeeld.

United Vibrations sloot af voor de enkelingen die nog zin hadden in meer. Die enkelingen kregen gelijk: klik met overschot bij de vier jonge Londenaren. De muziek had dan ook een boodschap: liefde, leven in het nu en revolteren tegen de 1%. Hyperkinetische drummer Yussef Dayes was onlangs nog te zien in “Lefto In Transit” . Bij United Vibrations is hij het snel kloppende hart. De afrobeat-sound verrijkten ze met delay-experimenten en call and response-gezang. Good vibrations!

8 juli 2017
Kasper Cornelus