Gary Clark Jr. - Gitaar en hoed

De Roma, 21 juni 2019

Gary Clark Jr.</b> - Gitaar en hoed

Gary Clark Jr. had er zin in. Zeven minuten te vroeg – om 20.53 – begon hij aan de set in De Roma met de gitaar in de hand en hoed op het hoofd. Pas om 23.05 stapte hij definitief het podium af, nadat hij De Roma had doen losbarsten in een Come Together-samenzang. Gary Clark Jr. was een waardige seizoensafsluiter, maar het concert had soms net iets snediger mogen zijn. 

Gary Clark Jr. wordt nu al enige tijd in de armen gesloten als de nieuwe hoop van de blues. Dat is hij ironisch genoeg geworden door net buiten de lijntjes van het genre te kleuren. Op de verschillende studioalbums – ‘This Land’ is het meest recente – klinkt Clark Jr. altijd veelzijdig, maar ook gepolijst en afgelikt. Hij heeft er dan ook nooit een geheim van gemaakt dat hij een groot publiek wil bereiken met zijn muziek. Dat is alvast gelukt, want ook De Roma was al enige tijd op voorhand uitverkocht en de merchstand had die avond al goeie zaken gedaan, zo merkten we in de zaal.

Live worden die randjes er altijd net wat meer afgeveild. De zanger-muzikant uit Austin, Texas was gekomen om de nieuwe plaat voor te stellen en hij nam dat dan ook heel serieus: maar liefst twaalf (van de vijftien) nummers werden uit het album gespeeld. En laat dat nu net goed nieuws zijn, want ‘This Land’ is het meest consistente album dat hij tot nu toe heeft afgeleverd. Beginnen deed hij nochtans met enkele oudjes, zoals Bright Lights waarin hij “You gonna know my name by the end of the night”, zingt. Voor een publiek dat al op voorhand overtuigd is, lijkt het wat overbodig, maar het blijft een goede binnenkomer.

Dat werd meteen gevolgd door het soulvolle Ain’t Messin’ Around – ook een oudje – dat gewoon prettig was om naar te luisteren. Vakmanschap, niet meer en niet minder. Daarna werd de overstap gemaakt naar het nieuwe album en daar zou Gary Clark Jr. een hele tijd blijven. Die nieuwe plaat klinkt het best, als ze gaat baden in verontwaardiging, zoals in de titeltrack, die we pas veel later op de avond zouden krijgen. What About Us dompelde ons in dezelfde sfeer: die van een zwarte muzikant die in Texas woont en met de beide voeten in de wereld staat. En helemaal indrukwekkend werd het in Got To Get Up. De tekst bestaat uit slechts enkele zinnetjes, maar aan het eind waren we wel helemaal weggeblazen.

Het probleem van de avond was dat niet ieder nummer even memorabel was. Zo was I Walk Alone redelijk vergeetbaar en wilde Gary ons op Feed The Babies doen funken. Alleen ontbrak de echte funk. Feelin’ Like A Million was dan weer mislukte reggae. Pas bij Our Love – eentje van de vorige plaat – waren we weer echt onder de indruk: Gary Clark Jr. en toetsenist Jon Deas serveerden een duet, met solo’s op gitaar dan wel op toetsen, dat de tien minuten mocht overschrijden en steeds indrukwekkender werd met het voortschrijden der tijd.

Het was tekenend voor een show die meer en meer richting experiment ging, naarmate de setlist verder vorderde. De gitaar klonk nergens zo heftig als in I Got My Eyes On You (Locked & Loaded), de solo’s in Low Down Rolling Stone waren subliem en ook bij When My Train Pulls In stond er geen klokje te tikken. De enige uitzondering daarop in die fase van de set was Gotta Get Into Something, dat van The Black Keys of Triggerfinger had kunnen zijn. Drie minuten, maar ze bulkten van de fun.

Met een nijdige versie van This Land, de meest geëngageerde song tot nu toe, en met Pearl Cadillac, een song waarin hij laat horen dat de invloed van Prince wel heel groot is, knoopte hij een knap slotakkoord aan een set die bol stond van de hoogtepunten, maar toch iets korter had mogen zijn.

23 juni 2019
Geert Verheyen