Foals Nog lang niet uitgedanst

Vorst Nationaal, Brussel
Foals

Foals mocht in Vorst Nationaal bevestigen dat er nog genoeg vuur en inspiratie in hen zit om meer te zijn dan de zoveelste indierockband met een houdbaarheidsdatum. En die missie is ruim geslaagd: Foals verraste ons misschien minder, maar ze slaagden er verdorie nog altijd in om ons op de juiste momenten helemaal murw te slaan.



Anders dan je misschien zou denken, was het niet de eerste keer dat de jongens uit Oxford het grote Vorst Nationaal mochten betreden. Zes jaar geleden gebeurde dat ook al eens, weliswaar als  voorprogramma van Snow Patrol. Vreemde cast, maar toen al lieten deze energieke heren een stevige indruk na.

De weg, die Foals intussen heeft afgelegd, mag er best wezen: van de Botanique over het Koninklijk Circus naar Vorst Nationaal, met tussendoor nog pittige festivaloptredens, zoals op Pukkelpop. Het is niet zo dat ze de kleine zalen echt ontgroeid zijn. Vorst Nationaal was jammer genoeg verre van uitverkocht voor hun komst.

Eerst het slechte nieuws: we betwijfelen of ze dat ooit wel zullen doen. Vierde langspeler 'What Went Down' was zeer verdienstelijk, maar kon niet meer teren op de kracht van de verrassing die hun vorige drie platen wel in petto hadden. Nieuwe nummers als A Knife In The Ocean en Give It All voelden ook live wat stuurloos aan. Al gold dat niet voor alle nieuwe nummers: Mountain At My Gates klonk even scherp als hitsingle My Number, en met titelsong What Went Down bewaarde Foals de grootste mokerslag uit de nieuwe plaat voor de bisronde. Eigenlijk was de opener, het hevige Snake Oil, ook al een mooie adelbrief voor wat ons te wachten stond.

Welke nieuwe richting Foals ook uitgaat, zolang de band kan blijven rekenen op stomende liveshows, is de toekomst verzekerd. Frontman Yannis Phillipakis heeft nog altijd dezelfde aangename stem en vooral hetzelfde aanstekelijke enthousiasme, dat hem nog steeds alle hoeken van het podium en zelfs de zaal injaagt; met één duidelijke missie: het publiek zo heetgebakerd krijgen als hijzelf dat is. Van ver lijkt hij zelfs een beetje op Tyrion Lannister uit 'Game Of Thrones' - dat geheel terzijde.

Opvallend was dat tweede album 'Total Life Forever', op het magistraal opbouwende pareltje Spanish Sahara na, volledig genegeerd werd. De mathematisch afgelijnde kwajongensherrie vanop debuutplaat 'Antidotes' kwam gelukkig wel uitgebreid aan bod: de zomerse gitaarriff in Olympic Airways deed ons vermoeden dat Two Door Cinema Club hem bij Foals is komen stelen; het refrein van Red Socks Pugie sloeg ook acht jaar later nog steeds gensters, zeker met de bij Muse geleende outro; en de hyperkinetica van ongeduldige, enthousiasje jongens hoorde je nergens beter dan op Balloons.

De beste momenten waren misschien wel de meest voorspelbare: de splinterbom, die Inhaler heet, kon nu, in tegenstelling tot tijdens de vorige tournee, wel rekenen op een splijtend slot. En we betwijfelen of Foals ooit een opzwepender nummer kan maken dan de traditionele afsluiter Two Steps, Twice. Het klinkt aanvankelijk als een fout aerobicsnummer, maar de machtige explosie met flarden smerige elektronica ertussen vermengd, slaagde er ook in een grotere zaal als Vorst Nationaal moeiteloos in om de sprongkracht van het publiek te testen.

Conclusie: Foals is ook na plaat vier springlevend; met meer enthousiasme en volwassenheid, maar zonder de speelse en opzwepende kant uit het oog te verliezen. Festivalorganisatoren, die nog een groep zoeken om de stevigheid van hun tenten uit te testen, weten waar ze moeten zijn.


February 25, 2016
Filip Van der Elst