Dranouter 2016 Koningsdag

Dranouter
Dranouter 2016

Dranouter, de hemel en de hel tegelijk. Een bucolisch decor waarin zich één keer per jaar plots drie dagen bachanale taferelen afspelen en tegelijk kleine kinderen dartelen tussen de brallende en lallende feestvierders. Kortom, een plaats waar wij elk jaar willen zijn.



Helaas kwamen we net te laat om Yevgueni in bijzondere bezetting te zien spelen in de kerk van Dranouter. Zoveel volk is hier voor een mis nog nooit opgedaagd. Geen nood. Zondag krijgen we nog een kans om deze Nederlandstalige topband aan het werk te zien en zo kunnen we het volledige concert van Nive Nielsen & The Deer Children zien. Hadden we gedacht…

De kinderen waren mooi op tijd, maar Nielsen zelf had problemen met haar vliegtuig in Stockholm en was te laat. Veel te laat! Een uur later, om kwart voor acht, begonnen de Deer Children dan maar met extra lome drumslagen zonder Nive Nielsen. En het wonder geschiedde: nog voor het eind van de intro maakte de frontdame haar - naar eigen zeggen - meest dramatische entree ooit, de gitaar- en ukelelekoffer nog onder de armen.

Enig voordeel van dit alles: we kregen een gebalde set met enkel het beste dat Nielsen te bieden had; met veel stevig werk als Done & Gone dat wel teder begon, maar dan uitbarstte als een rijpe zweer. Of In My Head waarin gitaar en blazers elkaar de loef afstaken. Het slotakkoord was voor Aqqusanit waarin vier kazou's voor een meeklapmoment zorgden en Nive toch nog blij terug naar Groenland kon.

In geen tijd toverde de crew van King Dalton het Clubpodium daarna om tot een sjamanentent met een koeienvel als backdrop voor de altijd en overal meereizende totem van de band. De haast van het opstellen liep door in de stomende set die terecht op extatische kreten vanuit het publiek werd onthaald. De vocale uithalen van Jorunn Bauweraerts sloegen gensters en de psychedelische groovefolk van de band was afwisselend opzwepend en tranceverwekkend. Daar kon zelfs het kleine ongeluk met de omvallende totem, net voor The Day I Will Be Dead, niets aan veranderen.

Behalve uit de twee prima albums putte King Dalton ook uit de soundtrack van 'Tom & Harry' met Jewel Pleasures waarin Pieter de Meester schitterde op baritonsax. Dat deed hij op Hunter’s Moon opnieuw: hij schreeuwde zich de longen uit het vege lijf en gooide de microfoon na de laatste noot gewoon weg.

In de Morphine-cover Early To Bed was het aan bassist Thomas De Smet om te schitteren. Hij mocht de zang overnemen, ondertussen baspulsen uitsturend naar het middenrif van een steeds uitzinniger publiek dat onmogelijk stil kon blijven staan en maar al te graag de Dilligence nam naar Babylon.

Veel overgave ook in de grote tent waar Arno een bijna thuismatch mocht spelen. De Oostendenaar puurde het laatste restje adrenaline uit het verweerde lijf en bracht vol overgave al de klassiekers uit zowel zijn solo-carrière als zijn tijd bij TC Matic. Bijgestaan door een prima band die met snedige gitaren en jachtige percussie extra energie in de set stak, klonken Vive Ma liberté, O la la la, Les Filles Du Bord De Mer en al die andere klassiekers alsof ze nog maar net geboren waren. En Arno trok er de gepaste grimassen bij. Alsof hij weeën doorstond.

Voor verstilde momenten geen plaats, maar wel voor tonnen présence en vloeken. “Godverdomme, kust min kloten!”, scanderend, jutte hij het publiek op en de papa’s en mama’s van de ronddartelende kinderen namen de kreet gezwind over.  Ook de Britten die even verderop kampeerden op camping Ypra op hun tocht naar de oorlogsrelikwieën kregen hun portie. “Dit is voor de Brexit!”, riep de oude krijger en zetten Putain Putain in met de bekende zin: “Nous sommes quand même tous de Européens.” En Arno? Die is op zijn zevenenzestigste duidelijk nog altijd Europese top.

Ondertussen werd er in de Voute gedanst op het enige folkbal van het weekend. Jukebox van dienst was het Hongaars-Italiaanse duo I Fratelli Tarzanelli, dat opereert vanuit Gent. Zij trakteerden de danslustigen op een zeer gevarieerde set waarbij zelfs een paar aanwezige “boomballers” een paar keer moesten blozen. Een Scottish op Moneymaker Shaker lukte nog wel, een een walsje in drie ook, maar het walsje in vijf of een rondeau en couple op Mode D’Emploi Pour Vivre Heureux was voor sommigen toch wat hoog gegrepen.

Voor hen was er gelukkig nog de fijne humor van het duo en natuurlijk ook de muziek. Voor de dansers was er plaats zat en wie dat wou, kon ook gewoon wat freestylen. Niemand die er hier wakker van lag. Een folkbal op Dranouter? Dat smaakte na deze fijne, afwisselende set gewoon naar meer.

In de grote tent mocht daarna Hayseed Dixie zijn hilbillyding nog doen. Leuk voor even, zeker vanaf een bepaald alcoholgehalte in het bloed, maar ons gingen de bluegrasscovers van AC/DC, Springsteen, Survivor (gekoppeld aan een stukje Redemption Song), Billy Joel, Queen en anderen snel vervelen. En zo kroonde Arno zichzelf tot de echte koning van deze eerste dag Dranouter en stichtte King Dalton zijn eigen koninkrijk in de Club.


August 6, 2016
Marc Alenus