Django Django Knettergekke hyperkinetica

Ancienne Belgique, Brussel
Django Django

Onze conclusie na alweer een behoorlijk bizar concert van Django Django: wij zouden graag eens met die mannen een pint gaan pakken. En we hebben opnieuw enkele originele, nieuwe danspasjes bijgeleerd. Wij hebben onze indierock/elektro graag zoals deze heren die brengen: met een raar en bijzonder pikant sausje.



De mysterieuze, James Bond-achtige intro op Hail Bop zette al meteen de toon voor anderhalf uur vol nerdige, hoekige levensvreugde. Django Django is hoe het zou klinken als Franz Ferdinand (niet alleen vanwege het grappige, Schotse accent) en Hot Chip samen een liefdeskind zouden maken. Sommige van hun refreinen klinken zo aanstekelijk dat het haast ridicuul wordt: even besmettelijk als syfilis tijdens het komende seizoen van Temptation Island.

De natuurlijke chaos van een live optreden zat af en toe wel eens in de weg van de ritmische cadans op plaat: zo klonk hitsingle Default een pak minder gestructureerd dan in onze woonkamer. Maar het amusement, dat van het podium afspatte, compenseerde dat ruimschoots. Sommige songs, zeker van jongste worp 'Born Under Saturn', klonken live dan weer pittiger dan op plaat. Het aaibare Shake And Tremble bijvoorbeeld, of Reflections, dat opgeleukt werd met een intro op piano en een fijn saxofoonintermezzo.

De Ancienne Belgique was niet volgelopen voor dit optreden, maar zo erg was dat niet: zo had u tenminste voldoende ruimte op de achterste rijen om enkele suffe danspasjes uit te proberen. Django Django leverde misschien geen uniek optreden af, het was vooral een heel plezant optreden. Het soort muziek waarop Octaaf De Bolle van turnclub De Spieren Los - uit Samson & Gert, voor zij die niet in de jaren negentig geleefd hebben - zijn turnoefeningen zou uitproberen.

Het lijken ook fijne jongens, die zichzelf niet al te serieus nemen. Zanger Vincent Neff stond goedgeluimd op het podium en deed zijn uiterste best om ons mee te nemen in de kosmische trip waarin de band zich onderdompelde. Lukraak schreeuwde hij oehs en aahs door de microfoon en leek hij wel een indiaan die klaar was om aan een regendans te beginnen. Het aantal keren dat hij ons begroette met "People of Brussels", was niet bij te houden en leende zich perfect tot een spelletje bingo - al valt een jeneverbingo af te raden of ze hadden ons een uur of twaalf later in het UZ Brussel mogen komen ophalen.

Ook de rest van de band liet zich niet onbetuigd: toetsenist Tommy Grace sprong zo nu en dan monotoon op en neer alsof ie in een springkasteel stond. Op andere momenten sloeg hij achteloos op een tamboerijn; en niet zomaar eentje: ongetwijfeld de grootste tamboerijn die zijn neefje van acht in de muziekwinkel kon vinden.

Zo'n anderhalf uurtje met Django Django staat dus garant voor dolle pret, al moet gezegd dat het optreden halverwege wat vaart verloor. Een song als Love's Dart klonk net iets teveel als een doorslagje van de rest van het oeuvre. Gelukkig eindigde het daar niet bij: een pittig Waveforms trok de boel meteen weer recht, geruggesteund door een knoert van een percussiepartij in het slot waar good old Safri Duo jaloers op zou zijn. De hilarische woestijnballade Skies Over Cairo inspireerde u en ons tot de belachelijkste, Oosterse dansmoves; Slow West (dat overigens in de sountrack van de gelijknamige film is opgenomen) en Life's A Beach dompelden ons dan weer onder in de betere westernambiance.

Maar dé referentiesong van Django Django is toch wel Wor: een sirene kondigde het begin aan van zo'n vier minuten knettergekke, gebalde hyperkinetica. Een even eenvoudige als geniale baslijn zette ledematen in beweging waarvan we niet eens wisten dat we ze hadden. En de brug leende zich uitstekend tot het doorgaans nogal uitgemolken ga-allemaal-zitten-en-spring-dan-recht-bij-de-ontploffing-trucje. Typisch Django Django: schoonheidsprijzen zullen ze er niet mee winnen, maar amusant was het des te meer.

Of Django Django ooit grotere zalen zal kunnen vullen, lijkt ons een beetje twijfelachtig. Daarvoor klinkt het allemaal net iets te rommelig. En sommigen hebben misschien eerst een fikse lading LSD nodig voor ze de vibe van dit bizarre viertal goed kunnen vatten. Maar we gunnen het hen wel. Nog voor wij de deur uit waren, stond de band al aan de merchandisingtafel met een brede glimlach mee te verkopen en te signeren. Zo hebben wij onze muzikanten graag.


December 12, 2015
Filip Van der Elst