Daniel Norgren Niet verrassend, wel overtuigend

De Roma, Borgerhout
Daniel Norgren

Nadat Daniel Norgren de avond ervoor de AB inpakte, moest nu Antwerpen er aan geloven. En daags nadien was Diksmuide aan de beurt. Dat stond vooraf al vast.



Een voorprogramma vonden ze in de Roma niet nodig. Jammer, want wie in de 4AD naar deze Zweed gaat kijken, krijgt er gratis de Limburgse Astronaute bovenop. Drie jaar geleden verraste die ons met een puike ep en binnenkort ligt haar debuutalbum – eindelijk – daar waar het niet lang mag blijven liggen: in de winkelrekken.

Maar wij kregen dus alleen Daniel Norgren en zijn tweekoppige band,  bestaande uit Anders Grahn op staande bas en keyboards en Drummer Daniel Skoglund van Sons Of Boda.

Norgren gooide zijn geloofwaardigheid in de strijd, toen hij opkwam op sneakers en met zo'n T-shirt met indianenprint, dat je op elke markt kan kopen. Maar meteen haalde hij het aanwezige publiek bij de les met grootste hit en opener I Waited For You. Meteen was duidelijk wie hier de meester was. Met zijn stem, rafelig als de rand van zijn beige pet maar toch helder en krachtig, en zijn spaarzame gitaaraanslagen. De meester zong en de klas was meteen stil. 

Eens de hit gehad, doken Norgren en zijn kompanen in het verleden met Highbird  en Though It Aches uit ‘Horrifying Deatheating Spider’ (2010) en Moonshine uit ‘Black Vultures’ (2011). Zo liet hij horen dat zijn roots in de blues liggen en dat hij desgewenst ook behoorlijk energiek uit de hoek kon komen. De grimassen, die hij trok bij de lange, intense gitaarsolo, bewaren wij doorgaans voor de beslotenheid van de slaapkamer, maar de opgewekte extase kwam in de buurt.

Het ultrakorte Why May I Not Go Out And Climb The Trees mocht dan wel recenter zijn, de song verhaalt hoe de kleine Daniel niets liever deed dan in bomen klimmen en ander kattenkwaad uithalen in de bossen rond Göteborg.

Met If You Look At The Picture Too Long zette Norgren zich achter de barpiano en schoof hij op richting gospel en soul. Gesamplede vogelgeluidjes klonken door de foyer van de Roma en Norgren zong beter en minder geforceerd dan op plaat.

Daar, achter die piano, voelde Norgren zich duidelijk in zijn sas, want hij bleef er nog een poosje zitten voor een song of vier. Toch legden hij en zijn makkers telkens weer verschillende accenten. De ene keer door zachtparelende basklanken en voorzichtige borstelstreken over de drumvellen, de andere met harmoniezang, een eenzame tamboerijn of een verscheurende streep mondharmonica (in het niet op album verschenen People Are Good). Met Softly Falling Snow kregen we zelfs een kerstlied, zo net voor de Vasten.

Eens van achter de piano gekomen, gleden we weer langzaam Norgrens verleden in. Eerst nog voorzichtig met het op accordeon gespeelde Everything You Know Melts Away Like Snow uit ‘Alasbury’, maar dan resoluut, met het op gitaar begeleide I’m A Welder en Black Vultures en nog dieper met het tedere Stuck In The Bones waarbij Skoglund zijn drums voor een extra gitaar inruilde.

Whatever Turns You On zette een kort maar stevig uitroepteken achter de organisch aanvoelende set. Maar net als in Brussel, moest Norgren nog eens terugkomen. Dat leverde bijna een arbeidsongeval op voor Grahn, die op weg naar de piano bijna over zijn eigen bas tuimelde, maar even later toch net op tijd inviel op het pareltje Like There Was A Door dat nog aan dimensie won door het gepast gebruik van de wahwah-pedaal door Skoglund, die opnieuw de extra gitaar voor zijn rekening nam.

Voor de echte afsluiter kroop Norgren zelf nog eens achter de piano voor een naakt, maar ontroerend Everlasting Friend. Zo verraste Norgren geenszins en hield hij het op min of meer dezelfde setlist als in Brussel, maar met zijn simpele, maar zeer doeltreffende composities loste hij moeiteloos de hooggespannen verwachtingen in.


February 6, 2016
Marc Alenus