Car Seat Headrest Bewonderenswaardige nerd

Car Seat Headrest

“What happened to that chubby little kid who smiled so much and loved the Beach Boys? / Tell my mother I'm going home, I have been destroyed by hippie powers”. Nooit gedacht dat we ooit zo gefascineerd zouden zijn door een trendy nerd met de danspasjes van een broccoli met een epilepsieaanval.  

Even een situatieschets: Will Toledo, amper vierentwintig jaar, bracht op zichzelf maar liefst elf volledige lo-fi popalbums uit onder de naam Car Seat Headrest alvorens hij een contract tekende bij Matador Records. Hieruit volgde ‘Teens Of Style’, een best of van alles wat hij voordien had bijeen geschreven en het glorieus onthaalde ‘Teens Of Denial’. Will Toledo is bovendien een artiestennaam. Zo is er een interessante LinkedIn-pagina te vinden van een zekere Will Barnes die beweert zich in zijn vrije tijd wel eens met muziek bezig te houden.

Een jaar geleden stond Car Seat Headrest nog in een nauwelijks gevulde Witloofbar. Dat de jongens nu voor een uitverkochte Orangerie mochten spelen, hebben ze te danken aan die ene briljante plaat. Het publiek was er dan niet rouwig om dat drie kwart van de set afkomstig was van ‘Teens of Denial’. Fill In The Blank loste het startschot met meebrulstrofe “You have no right to be depressed / You haven’t tried hard enough to like it”.

Met Vincent werd duidelijk welke glansrol Ethan Ives vanavond zou spelen. De krullenbol achter de gitaar verzorgde de tweede stem terwijl hij het gebrek aan beweging bij de frontman compenseerde. Het enige, kwalijke element in de volmaaktheid van Car Seat Headrest bestond erin dat de aangrijpend bibberende stem van Will Toledo soms iets te veel verzonk in gitaargeweld. “I didn’t want you to hear that shake in my voice / My pain is my own”. Dat is een spijtige keuze, wanneer iemand tekstueel zelden teleurstelt.

Met Maud Gone werd het hoge starttempo naar beneden gehaald en greep de band voor de eerste keer naar ouder werk. Toledo’s stem werd het middelpunt en dat klonk beklijvend en hypnotiserend tegelijk.

Het voorspelbare hoogtepunt werd uiteraard Drunk Drivers/Killer Whales dat als statement door de Botanique galmde; een anthem dat zoveel meer is dan gewoon een anthem. Het is een aanklacht tegen het louter handelen uit eigenbelang en de kwalijke gevolgen die daarmee gepaard gaan. Het verhaal van Tilikum, de orka uit Seaworld werd zo vlotjes samengesmolten met de problematiek van dronken bestuurders. Conclusie: “It doesn't have to be like this” en Will Toledo is een grote meneer.  

Een grote meneer in een net pak die tijdens het fantastische bisnummer Connect the Dots (The Saga of Frank Sinatra) voor het eerst in beweging komt, zijn gitaar aan de kant duwt en met gebalde vuisten voor zich uit begint te slaan. Een geweldige danser bleek Toledo niet te zijn. Of dat ons stoorde? Geen moment.


16 maart
Jorik Antonissen