BSF 2017: Feist, The Divine Comedy Taart in twee lagen

Paleizenplein, Brussel, 14 augustus 2017
BSF 2017: Feist, The Divine Comedy

Onze vrees dat noch The Divine Comedy noch Feist het Brusselse publiek zouden aankunnen, werd gelukkig geen bewaarheid. Integendeel, de massa toonde – tenminste vanuit ons standpunt – veel, zelfs heel veel respect voor beide topnamen van de affiche van Brussels Summer Festival.

Na het optreden van The Divine Comedy konden we eigenlijk niet anders dan ons afvragen waarom het zo lang geduurd had voor we deze band aan het werk hebben gezien. Want Neil Hannon en zijn exquise gezelschap staan niet enkel garant voor goede muziek, ook het showgehalte van dit concert was meer dan gemiddeld. Bovendien heeft hij de backcatalogue om een set mee te laten openbloeien; hetgeen ook gebeurde.

In Brussel deed hij dat door aanvankelijk enkele (relatief) nieuwe songs - zijn meest recente plaat dateert uit 2016 - aan het begin van de show te reciteren om daarna in de rijkelijk gevulde buidel te graaien; dat alles tot groot jolijt van het publiek, dat steeds enthousiaster werd en uiteindelijk achterbleef met een gelukzalige glimlach om de lippen; zo van het soort waarvan je je afvraagt waar die vandaan komt, als je van niks weet.

De humor van de flegmatieke Brit was één aspect dat daartoe bijdroeg. Steeds weer haalde hij zijn gebrekkige Frans boven (“Mon français est merde”, liet hij zich ontvallen), ook al iets waarmee hij het publiek charmeerde. En dan waren er nog de verkleedpartijtjes. Napoleon en de Britse bankier met bolhoed en paraplu (inclusief sneer naar de Europese Commissie in The Complete Banker) mochten uiteraard niet ontbreken.

Door dat alles zou je bijna vergeten dat Neil Hannon in de eerste plaats een uitstekend songschrijver is met een neus voor scherpzinnige en rake teksten, waarmee hij met lichte ironie en zichzelf nooit sparend, de maatschappij overschouwt. Muzikaal deed het soms denken aan Belle & Sebastian of zelfs af en toe aan Robert Wyatt, maar eigenlijk bleef hij vooral zichzelf, ook muzikaal. Dat collega’s als New Order (At The Indie Disco) en Van Morrison (een ludiek verzoekje) werden geciteerd, was uiteindelijk slechts een – gesmaakt, dat wel - fait divers.

Nee, hieraan ontbrak niks. Wie al overtuigd was van de kwaliteiten van The Divine Comedy, werd hier in zijn/haar goede smaak bevestigd. Wie ook maar een tikkeltje gevoel had voor betere popmuziek, werd over de streep getrokken. Wij horen bij de tweede categorie. En hoe zit het met u?

Aan Feist om dat feestje te overtreffen. En daar slaagde ze wonderwel in, en dat zonder tierlantijntjes (tenzij dan de van kleur verschietende lichtwaaier in de achtergrond). Op het podium, mooi uitgelijnd: een eenvoudige band (drummer, bassist-toetsenist en violist-gitarist-toetsenist) in stemmig zwart met daartussen de kleurrijke verschijning van de Canadese dame en haar onafscheidelijke gitaar; nog eentje die weet hoe je een concert moet aanpakken.

Ook zij haalde haar beste Frans – en dat stelde niet veel voor – boven om de Brusselse harten te ontdooien na een zo lange afwezigheid door de songtitels binnen haar beperkingen te vertalen, hetgeen soms tot (ook voor haar) grappige, maar desondanks verstaanbare resultaten leidde.

Waar wij ons vooraf afvroegen of Feist de slag met een babbelziek festivalpubliek zou kunnen winnen, bleek dat dat publiek – we hebben het zelf meegemaakt – elkaar terechtwees indien er te veel gekletst werd. Maar omdat steevast gekozen werd voor het stevige werk uit haar repertoire – de enkele solo-uitstapjes zoals Secret Heart, een ode aan het koppel dat tijdens haar Engelse show een trouwaanzoek deed, daar gelaten – was zelfs dat niet echt een probleem.

En dat begon al met de opener, het titelnummer van de meest recente plaat, dat een fysieke versie kreeg waarin de frontvrouw zich al meteen vastberaden toonde om niet met zich te laten sollen. Het zou een constante zijn doorheen het hele optreden: Feist die wild tekeerging achter de microfoon en/of vooraan het podium het publiek uitdaagde tot participatie.

Ook dat was een element dat meermaals boven kwam drijven. De toeschouwers werd steeds weer gevraagd om mee te klappen, dansen en zingen; in die mate zelfs dat ze de tekst van een nummer als Any Party ter plaatse gewoon aanpaste om de massa aan te sporen om mee te doen. Vergelijk het met uw huiskamer wanneer je jezelf niet kan bedwingen om je favoriete nummer mee te zingen; datzelfde gevoel overheerste op het Paleizenplein.

Hoogtepunten genoeg trouwens in de setlist, waaruit wij graag A Man Is Not His Song, de fantastische cover van de (vooral van Nina Simone bekende) traditional Sea Lion Woman of de onovertroffen versie van Century pikken, maar er waren er nog.

Uiteindelijk liet Feist in afsluiter Let It Die nog eenmaal horen over wat voor een prachtige stem zij beschikt voor het podium te verlaten. De eigenwijze versie van 1234, die ze als toetje opdiende, aanvankelijk solo, waarna de band inviel, was de kers op de feestelijke taart.


15 augustus 2017
Patrick Van Gestel (Foto's: CPU - Bert Savels)