Brian Fallon, Craig Finn - Pretentieloos amusement

Ancienne Belgique, 12 februari 2019

Twee frontmannen van twee bands die van punk naar rock zijn geëvolueerd, maar de roots nooit verloochend hebben. Geen van beide zijn echt sterke zangers, maar daar staat dan tegenover dat ze wel songs kunnen schrijven en die ook kunnen brengen. In de AB kregen we een staaltje van beider kwaliteiten.

De naam The Hold Steady zegt u misschien niet veel en eigenlijk is dat jammer. Want als u iets hebt met pakweg The Tragically Hip, dan zal eerstgenoemde groep u evenmin koud laten. Grote verschil? De frontmannen! Craig Finn heeft niet het charisma van wijlen Gordon Downie, maar zijn hart klopt even hevig voor muziek en zijn songschrijftalent wordt steevast onderschat. En dat bleek.

In de AB stond hij er alleen voor en bewees hij, net als op zijn soloplaten, dat hij niet alleen teksten kan declameren, zoals hij bij The Hold Steady pleegt te doen, maar ook kan zingen, zij het binnen de eigen beperkingen. Dat gold hier voor de songs van zijn band, die weliswaar gepaard gingen met fanatiek strummen op de akoestische gitaar, maar tegelijk getuigden van bakken emotie. In april verschijnt ‘s mans nieuwe plaat en wij stipten songs als Magic Marker en Blankets alvast aan als meer dan zomaar interessant, misschien net omdat ze de gevoelige kant van Craig Finn lieten zien; een kant die hij trouwens steevast belicht door de ogen en daden van andere personages.

Nummers als Magazines en Newmeyer’s Roof kregen een uitgebreide inleiding over de manier waarop ze tot stand kwamen en gaven zo inkijk in het leven van de muzikant, dat – zoals later ook zou blijken bij Brian Fallon – voor een groot deel rond muziek draait, net omdat ze daarin hun wedervaren en alle bijhorende frustraties kwijt kunnen. Noem het een soort van overlevingsdrang, waarbij de muziek als uitlaatklep fungeert, want echt happy werd je van de teksten van Finn niet.

Dat het publiek vooral voor de frontman van The Gaslight Anthem was gekomen, werd duidelijk uit het volume van het applaus toen Brian Fallon het podium opkwam, maar wij waren maar wat blij ook deze man aan het werk te hebben gezien. Hij ziet er dan misschien wat minder sexy uit, zijn set was minstens even boeiend.

Waar Craig Finn voor zowat elk nummer enige toelichting gaf, weidde Brian Fallon voortdurend uit over de meest onsamenhangende onderwerpen: van Biff uit ‘Back To The Future’ (“Hierna kon hij het toch vergeten als acteur, niet?”) over “piraat” Keith Richards (“Hij lijkt op Johnny Depp in ‘Pirates Of The Caribbean’. Oh wacht, het was omgekeerd”) tot plassen op straat (sic). Dat ging dan zo ver dat hij zich na zowat tien nummers plots realiseerde dat er een curfew was en dat hij dus op moest schieten. Trouwens, af en toe raakte hij zelf ook de draad van zijn eigen redeneringen kwijt.

Uiteindelijk was het vooral over muziek dat hij het had. En dat zorgde er dan voor dat hij in zijn eigen liedjes voortdurend een stukje van Madonna’s nummers stak. American Slang, ongetwijfeld één van de muzikale hoogtepunten van de avond, kreeg een staartje van Material Girl, Rosemary, door ons ook al bijzonder gesmaakt, werd ingeleid met een stukje van Like A Prayer en in A Wonderful Life kon hij het niet laten om een staaltje Don’t Cry For Me, Argentina te stoppen. Het waren aardigheidjes, die zorgden voor een glimlach naast luid applaus.

Trouwens, ook The Rolling Stones (Waiting On A Friend) Peter Gabriel (Solsbury Hill) en de door hem mateloos bewonderde Nina Simone (Lilac Wine) kregen een cameo in de show van de Gaslight Anthem-voorman. En van Lyle Lovett, voor wie hij de bewondering niet onder stoelen of banken stak, coverde hij – integraal deze keer - het prachtige Nobody Knows Me, nadat hij ook Ryan Bingham nog een pluim had toegeworpen. Hopelijk komt die door Bingham beloofde cowboyhoed er nu snel aan.

Dat alles resulteerde in een weliswaar rommelige, maar daardoor ook net originele show, die misschien niet altijd even hoogstaand, maar zeker voor honderd procent doorleefd was. Daarbij beperkte Fallon zich niet tot de akoestische gitaar, maar nam hij ook een paar keer plaats aan de piano (“Ik wil niet de competitie aangaan met Chopin, maar dat hoeft dan ook niet, want die is dood”) voor onder meer Sleepwalkers.

Dit optreden onvergetelijk noemen zou overdreven zijn, maar pretentieloos amusement was het zeker. En dat mag zo nu en dan ook een keer.

13 februari 2019
Patrick Van Gestel