Born Ruffians - Verfrissend

CHAFF, 3 juni 2018

Herkansing voor Born Ruffians, die een week eerder forfait moesten geven vanwege administratieve beslommeringen - “We won’t import drugs anymore”, beloofde drummer Steve Hamelin - maar dat in het piepkleine café CHAFF, gelegen aan het Brusselse Vossenplein, graag en met veel enthousiasme goedmaakten. En wij waren erbij.

Het blijft voor de Canadezen van Born Ruffians moeilijk om in Europa voet aan grond te krijgen. Dat heeft er misschien mee te maken dat zij, net als Field Music, popmuziek maken die enig inleven vraagt. Songs gaan zelden gewoon rechtdoor, maar beginnen vaak als uptempo rocker om halverwege dan een zo drastische tempo-inzinking te kennen dat je je even afvraagt of je ergens iets gemist hebt, om dan uiteindelijk toch terug gerustgesteld te worden. En dan zijn er nog de koortjes die het drietal - ergens onderweg zijn ze intussen gitarist-toetsenist Andy Lloyd kwijtgespeeld - voortdurend door de nummers draait.

 

In CHAFF en bij uitbreiding dus op deze tournee had de band rond zanger-gitarist Luke Lalonde een nieuw album voor te stellen. Eentje dat draait rond de dood, maar tegelijkertijd niet somber is. Daarvan is Forget Me het exponent. Ondanks de zwoele temperaturen in het zaaltje van drie op vijf meter voelde je dat de thermometer toen even de draad kwijt was en de rillingen de aanwezigen over de rug liepen. Maar aan de andere kant sprak er ook hoop uit: het komt allemaal goed, zelfs in het slechtste geval. De levenslust spatte in elk geval van de songs van de nieuwe plaat af en dat was zowaar - ook gezien het weer - verfrissend.

 

Maar uiteraard bleef het niet enkel bij de nieuwe plaat. Born Ruffians hebben zo stilaan een rijk gevulde fruitkorf om uit te kiezen en de ene vrucht was al wat sappiger dan de andere. Toen bassist Mitch Derosier dus over de pedalen en tussen de microfoonstandaards was gekropen en zijn broek nog één keer had opgetrokken, gooide het trio meteen een kluif uit met Tricky en werden de vraag- en antwoordkoortjes meteen gedemonstreerd. Derosier viel amper in te tomen. Zelfs al had hij maar een vierkante meter ter beschikking, dan nog leek hij zichzelf te moeten inhouden om niet tussen de dertig aanwezigen te springen. Uiteindelijk deed hij dat trouwens ook nog, zij het enkel maar om hen aan te sporen om mee te klappen.

 

Wat vooral zo mooi was aan dit toch wel best unieke optreden, was dat, ondanks de beperkingen (geen podium, weinig volk, weinig plaats, ...) de band in elk nummer het beste van zichzelf gaf. Derosier en Hamelin brulden de backing vocals in de microfoon en de frontman wrong zich in alle mogelijke bochten (inclusief een grappig dansje rond de microfoon in hoogtepunt Ring That Bell. En het kortstondig, technisch probleempje dat de band ondervond tijdens Hummingbird zou wellicht niet opgevallen zijn als gitarist en bassist niet even uit beeld (want gehurkt aan het frunniken met de pedalen) waren verdwenen. Hamelin bleef immers doordrummen alsof er geen vuiltje aan de lucht was.

 

Uiteindelijk kreeg het sowieso al verwende (vijftien songs, ruim anderhalf uur muziek) publiek er nog een toegift bij ook nog. Op verzoek van een fan werd Red Elephant in een nieuw pakje gestoken en op een dienbord aangeboden. Het was trouwens niet het enige nummer van het debuut. Maar ook een Ocean's Deep ('Birthmarks') en een And On And On And On ('Ruff') kwamen aan bod, waarmee het publiek de vruchten kon plukken van het geduld dat het had opgebracht; als ze al niet toevallig op het Vossenplein waren beland. Wij waren in elk geval tevreden te zijn afgezakt naar Brussel op een snikhete zondagavond.

4 juni 2018
Patrick Van Gestel (Foto's: Lobke Van Gestel)