Black Label Society - Niet bekeerd

, 2 juli 2018

Welkom in de MASS ‘O DOOM. Waar je cool wordt afgemeten aan de lengte van je haar; waar de grootste doetjes het stoerst doen, waar op kleding en huid te koop gelopen wordt met de bands van je voorkeur; waar het bier rijkelijk vloeit; en waar de meest gebruikte vingers de wijsvinger en de pink zijn. En Zakk Wylde was de hogepriester van de Black Label Society-parochie.





Een ding staat vast: je krijgt er steeds waar voor je stoelengeld. De Basiliek van de Ancienne Belgique was dan ook al goed gevuld om 18u30, toen de eerste band, Crobot, zijn ding kwam doen. En voor Black Tusk, als bij wonder herrezen na de dood van bassist Jonathan Athon, zat de zaal al voor drie vierde vol. De met grunts en screams doorspekte metal van dat trio bleek echter grotendeels verloren te gaan aan de parochianen, die hun geloof (logischerwijze) vooral aan het hoofdprogramma betuigden.

Dus was de AB tot heilig huisje omgedoopt voor Black Label Society. Daar was geen ontkomen aan. Het gigantische, zwarte doek met het logo gaf dat al aan. De T-shirts en bedrukte jeansvesten in de kerk onderstreepten het. Vanavond droeg hogepriester Zakk Wylde zijn mis op. En iedereen zou op de knieën moeten.

Dat precies de mash-up van Whole Lotta Love (Led Zeppelin) en War Pigs (Black Sabbath) als intro werd aangewend, sprak bijna vanzelf. Wylde’s muziek zit ergens tussen die twee in en neigt naar de meer melodieuze kant van de metal zonder de obligate en overdadige solo’s te vergeten. En daar is duidelijk een markt voor. Want Black Label Society is bijzonder populair over de hele wereld, ook al omdat Wylde zijn boodschap predikt via de sociale media en daar kan rekenen op 381.000 volgers.

Zakk Wylde is niet vies van een stukje zelfverheerlijking. Niet alleen is er een mini-verhoogje voorzien waarop hij het publiek een goed zicht geeft op zijn gitaarkunsten, hij soleert ook nog eens een dikke tien minuten in zijn eentje, waarbij je als niet-gitarist even gebiologeerd toekijkt om dan te checken of je nagels wel bijgevijld zijn. Dat dit eventueel interessant kan zijn voor aspirant-gitaristen, nemen wij best aan, maar voor de rest wordt het geloof hier toch behoorlijk op de proef gesteld.

Dat neemt niet weg dat Wylde kan prediken als de beste. Daarvoor heeft hij niet alleen de songs, hij kan ook nog eens een aardig stukje zingen waarbij zijn southern drawl doorschijnt zonder dat dat stoort. En het publiek ging met graagte door de knieën. Bij Bleed For Me (en echt niet alleen daar) werd er enthousiast ingegaan op het voorgaan van de priester en algauw zweefden dan ook de eerste lichamen door de lucht. De frontman verstond trouwens perfect de kunst om zijn parochie op te zwepen.

Alles liep dan ook op rolletjes tot die ellenlange gitaarpreek het ritme van het concert volledig brak. De twee slows die daarna volgden (Angel Of Mercy, In This River met Wylde op piano en de foto van overleden Panteragitarist Dimebag Darrell gedrapeerd over de massieve muur van versterkers) deden het optreden helemaal verzanden.

Met de laatste drie songs werd dan toch nog een beetje de boodschap uitgedragen, waarbij Wylde zijn gitaar meermaals als een hostie naar de hemel stak, maar de sfeer van het begin van het concert kon dan niet meer worden opgeroepen.

Lof verdient de band wel voor het uitvoerige danken van hun fans inclusief (uiteraard) het royaal uitdelen van plectrums en drumsticks en het handen schudden van de eerste rijen.

Memorabel was dit concert zeker niet te noemen. Maar dat zal de parochianen ongetwijfeld een zorg geweest zijn. Zij hebben vast gedroomd van gitaren en versterkers en tonen nu de blauwe plekken en schrammen trots aan hun vrienden.

14 mei 2016
Patrick Van Gestel (Foto's: Bert Gysemans)