Ben Harper & The Innocent Criminals Wederzijdse liefde

Ben Harper & The Innocent Criminals

Tweeëntwintig jaar was het geleden dat Ben Harper zijn eerste grote show mocht spelen; in België nog wel, op Blues Peer, waar hij het gezelschap kreeg van niemand minder dan B.B. King en Ray Charles. Hij was dat niet vergeten en heeft nog steeds iets met dit land. En aan de reacties in de zaal te zien was de liefde wederzijds.

Nochtans duurde het toch even voor die liefde veruiterlijkt werd. Na de enthousiaste ontvangst bekoelde de zaal een beetje. Nochtans koos Ben Harper er niet voor om zijn fans plat te slaan met nieuwe songs, maar koos hij voor oudere songs om de toeschouwers te verwelkomen. Zo kwam het dat na een lange intro Oppression en Diamonds On The Inside de opwarmers waren.

Dat The Innocent Criminals (enkel gitarist Jason Mozersky stamt uit de Relentless 7) ervan genoten om terug met de man op het podium te staan, was af te lezen uit het spelplezier dat afspatte van percussionist Leon Mobley, die al in de eerste song een djembesolo mocht weggeven (en ook verderop nog schitterde). Hij zou niet de enige Criminal zijn, die zich zou uitleven. Bassist Juan Nelson deed bijvoorbeeld ook zijn ding in een tussendoortje dat geprangd zat tussen Fight For Your Mind en de (te korte) cover van Them Changes (van Buddy Miles), die Nelson trouwens zelf zong.

Misschien was dat punt, waarbij Nelson ook nog eens een muzikaal duel aanging met zijn frontman, wel het moment dat de naald oversloeg en het publiek echt overtuigd werd. Het showelement was dus niet onbelangrijk, iets wat nog eens onderstreept werd in Faded, waarin Harper naadloos een stukje Led Zeppelin smokkelde en zijn lapsteel liet zingen, klagen, grollen en knallen.

Maar het waren niet alleen oudere songs, die bovengehaald werden. Wij werden wel gecharmeerd door de versie van Shine met dat Hammondorgel. En Call It What It Is misstaat helemaal niet in de catalogus. Dat laatste nummer toont trouwens aan dat er op die twintig jaar weinig tot niks veranderd is in de wereld. De lijn tussen opener Oppression en het hoger vermelde nummer, dat gaat over de moorden op jonge, zwarte mensen in de VS, is jammer genoeg flinterdun.

Voor elke ernstige song was er nochtans ook ruimte voor humor. Toen een jongedame hem smeekte om met haar te trouwen, zei hij haar droogjes dat ze dat maar met zijn vrouw moest bespreken. En de alomtegenwoordige hoed was echt geen kopie van die van Pharrell, maar werd elke avond aangepast aan het land waar hij te gast was. “Dit is de Belgische versie”, gaf hij nog mee nadat hij er enkele deuken in had gemaakt.

Met de bisnummers had Harper het pleit trouwens helemaal gewonnen. Op zijn vraag nam het publiek graag de eerste strofe van Burn One Down voor zijn rekening en de matige en vooral rommelige cover van Under Pressure (van Queen en David Bowie), die de band samen met voorprogramma The Jack Moves opdiste, deed de temperatuur helemaal ten top stijgen.

Uiteindelijk zou Harper nog één keer solo terugkeren voor een mooie, typische fluisterversie van Waiting On An Angel vooraleer weer voor even van het Belgische toneel te verdwijnen. Maar de fans kunnen er nu weer even tegen.


October 19, 2016
Patrick Van Gestel