Autumn Falls 2015: The Mountain Goats - Stay Alive, stay forever alive

, 2 juli 2018

Geen K3 Zoekt K3 meer op tv? Dan maar naar de Botanique in Brussel voor weer een avondje Autumn Falls en kijk: zelfs het weer had het ondertussen begrepen: regen en zo’n zeven graden. Het begon er op te lijken.





En kijk: ook op het podium van de Orangerie van de Botanique stond iemand helemaal naar onze zin. Tegelijk engelachtig met haar gouden, lange haar en porseleinen gezichtje als mogelijk buurmeisje met haar eenvoudige grijze rok en dito trui: Tamara Lindeman van The Weather Station.

Helaas, de engel uit Toronto was verkouden, nipte thee uit een plastic bekertje en verontschuldigde zich meteen na opener I Mined dat ze solo bracht. Maar eerlijk: we hadden niets gemerkt. Haar stem klonk loepzuiver als altijd, ondersteund door eigen gitaarwerk en met plaatselijke steun van bassist Christophe Albertijn en drummer Erik Heestermans.

Die twee trekken al een week of twee met Lindeman door Europa en mochten vandaag invallen vanaf het nieuwe Don’t Understand. Eerst nog voorzichtig, om pas voluit te gaan in het stevigere Floodplain. Niet dat er één nummer van The Weather Station echt stevig is. Lindeman grossiert in fijne observaties van het leven in al zijn facetten en verpakt die in ragfijne luisterliedjes, maar toch…

“Sorry dat ik niet zo energiek ben dan anders”, snifte Lindeman. “Normaal duik ik al eens in het publiek of ontstaat er een moshpit.” Het mag duidelijk zijn dat ze ondanks haar toestand, haar gevoel voor humor niet had verloren.

Met Shy Women doken we voor de vierde keer in haar knappe album ‘Loyalty’ van eerder dit jaar. Ondertussen was er ook al een nieuwe ep, maar daaruit kregen we nog maar één song. In plaats van uit die ep te putten, dook ze het verleden in met Everything I Saw dat het voor de gelegenheid zonder banjo moest doen.

Pas daarna putte Lindeman nog eens uit ‘What Am I Going To Do With Everthing I Know’ met Almost Careles om af te sluiten met het pakkende Personal Eclipse  en onze persoonlijke favoriet: The Way It Is, Way It Could Be.



De set van The Mountain Goats kondigde zich heel wat energieker aan. Geen wonder ook: hun laatste album ‘Beat The Champ’ had het Amerikaanse worstelen als onderwerp. De band werd dan ook aangekondigd door het beroemde audiofragment ‘Hard Times’ van Dusty Rhodes net voor zijn kamp tegen de toenmalige NWA World Heavyweight Championship Ric Flair in 1985. 

Je verwachtte zo dat het viertal het podium op zou stormen in een spannend worstelbroekje. Maar nee, bassist Peter Hughes kwam als eerste op en die droeg gewoon een ruitjespak met das. Weg verwachting.

Toch werd er stevig afgetrapt met The Ballad Of Bull Ramos en na Cry For Judas leek het alsof we het hele laatste album zouden krijgen, want Animal Mask en het geweldige Foreign Object met zijn stomende saxpartij volgden.

Maar dan veranderde de toon van het concert die tot dan uitgelaten en energiek was plots met oudje Get Lonely dat klonk alsof het al drie opeenvolgende jaren zo kil was als vandaag met een klagende klarinet en pianotoetsen die als koude druppels in je nek vielen. Mooi maar iets te abrupt.

Nog even herleefde de set met Heels Turn 2 waarvan de betekenis door frontman John Darnielle geduid werd met een lang verhaal over de twee types worstelaars (Faces en Heels) waarin ook duidelijk werd dat hij het worstelen vaak als metafoor gebruikte voor het echte leven.

Na de epische finale van dat nummer vertrok de band en bleef Darnielle alleen over. Even hield hij de schijn hoog dat zijn publiek verzoekjes mocht afvuren, maar uiteindelijk deed hij gewoon zijn zin en bracht hij oudjes als Jenny, The Recognition Scene, Woke Up New, de traditional The Coast Of High Barbary (omdat hij ver van zijn familie verwijderd was en hij die song vaak zingt voor zijn zoon) en Steal Smoked Fish. Op zich allemaal aardig, maar de dynamiek van het concert was weg.

Toen de band eindelijk terug kwam, was de overgang wel geslaagd. Met het ingehouden Luna (dat basloopje!) ging het over naar The Diaz Brothers en kwam er weer energie in de set.

Die viel echter weer weg toen het nogal lang duurde om een gitaar te stemmen, maar Stabbed To Death Outside San Juan werd toch een nieuw hoogtepunt. Het was meteen het laatste nummer in de reguliere set uit ‘Beat The Champ’, want daarna volgde nog Damn These Vampires en ontdeed Darnielle zich van schoenen en kousen (met worstelaars er op!) om een gek dansje te doen op Never Quite Free.



This Year  uit ‘Sunset Tree’ mocht het concert afsluiten, maar dat was zonder de fans gerekend. Darnielle en co grepen in de bisronde toch nog een keer terug naar hun laatste plaat om tot onze opluchting ook nog Southwestern Territory te spelen. Jammer van die ene valse pianonoot al kon die de ontroering niet voorkomen.



Van ontroering gaat het bij Darnielle al gauw weer naar cynisme. En zo kregen we nog No Children na een lange bindtekst over een koppel dat ooit goed overeenkwam en trouwde om te eindigen als verbitterde, aan de drank verslaafde ruziemakers.

Even vreesden we dat de slotzin van die song ons de nacht in zou sturen: “I hope you die, I hope we all die” luidt die, maar nee, de echte afsluiter was

Spent Gladiator 2 en daarin klinkt het “Stay alive ,stay forever alive.” Daar wilden we maar al te graag voor gaan na dit sterke, lange maar soms te plots van sfeer wisselende concert.

21 november 2015
Marc Alenus