Autumn Falls 2015: Ducktails Zomerse herfst

Botanique, Brussel
Autumn Falls 2015: Ducktails

Ducktails keerde donderdagavond na haar passage in Gent eerder dit jaar terug naar ons land. Matt Mondanile en de zijnen moesten zich eventjes terug aanpassen aan het Belgische publiek, maar eind goed, al goed, bewees Ducktails nog maar eens.



Aftrappen deden de jonge heren van Jeremy Walch. De dromerige slackerpop van dit kwartet uit onze hoofdstad neigt soms naar het betere stielwerk van Mac DeMarco en dan weer naar bands als Surfer Blood. Een klein honderdtal aanwezigen zagen hoe Jeremy Walch van vlijmscherpe gitaarsongs overschakelde op nummers met een meer frisse toets, zowel qua gitaar als keyboards.  Al bij al wisten deze vier Brusselaren de aandacht van het publiek vast te houden en enkele songs konden ondergetekende zonder twijfel meeslepen.

Het is herfstiger dan ooit in de concertwereld en dus kon ook de Botanique een zomerse avond gebruiken. Ook daar staan de heren van Ducktails nog steeds garant voor, ook al klinken openers St. Catherine en Ivy Covered House barokker maar tegelijkertijd ook persoonlijker en donkerder dan ooit. Frontman Mondanile moest even wennen aan het Brussels klimaat en kwam er in het begin vocaal niet al te sterk uit. Under Cover liet de magistrale eighties-pop van de vorige plaat ‘The Flower Lane’ horen, maar diezelfde Mondanile kreeg in het midden van de nummer; net toen de song haar erg fraai apotheose naderde; problemen met zijn versterker en moest even onderbreken om enkele tientallen seconden later (minder fraai) hervatten. Een van de uitblinkers op de nieuwste langspeler, Heaven’s Room, leek een ommekeer in de set te betekenen maar miste dan weer haar uitvoerige en grandioze strijkers.

Ondanks enkele strubbelingen bij de aanhef van het optreden, waren de vier bandleden stuk voor stuk muzikaal meer dan in orde. Ze stonden maar al te graag op het podium van de Rotonde, met de bassist (die zijn Brusselse roots verklapte) voorop. Het instrumentale The Disney Afternoon, geniaal in al zijn eenvoudigheid, kreeg het publiek ondanks het repetitieve karakter mee dankzij de robuuste drums, prachtig melodieuze gitaarlijnen en kraakheldere keyboards. Toen bassist Josh da Costa vervolgens op ludieke wijze het zelf-getitelde “Headbanging in the fucking mirrorward” inzette, werden de eerste noten luidkeels ontvangen en dompelden Mondanile en co het publiek onder in hun verfijnde en weelderige barok-pop. Surreal Exposure kon op evenveel bijval rekenen en werd ook vlekkeloos gebracht door het viertal.

Enkele nieuwe, onuitgebrachte songs en oudere worpen deden de Botanique niet op haar grondvesten daveren, maar zorgden er wel voor dat de Rotonde bleef baden in de heerlijk sprankelende Ducktailssfeer. Diezelfde ballon werd weer even snel doorprikt toen Mondanile het voortreffelijke The Flower Lane inzette met de woorden “And now she’s gone, and I feel a mess”, maar toch bleek dit nummer absoluut een van de betere van de set. Niet minder dan een minuut na afloop keerde het kwartet terug om het uberzonnige  Killin The Vibe te spelen, dat minder lo-fi, maar zeker niet minder besmettelijk klonk dan op plaat.

De doortocht van Ducktails in de Botanique leek aanvankelijk  een moeilijke bevalling te worden, maar uiteindelijk slaagden Matt Mondanile en zijn collega’s er zeker en vast in om ons weer volledig mee te nemen in de wereld van Ducktails.


November 22, 2015
Johan Baeten