AURORA - Een engeltje

, 2 juli 2018

Wonderbaarlijk hoeveel perfectie er in één persoon kan schuilgaan. Als we dit uitzonderlijke kleine meisje nog een persoon kunnen noemen. Een engeltje dat is ze. Aurora’s betovering is nog niet uitgewerkt, maar hier is wel ons verslag van een uniek avondje Botanique.

Alvorens het paradijs te betreden, moest er eerst nog een voorprogramma of twee passeren. Aan een geweldige stem mankeert het Rachel Louise niet. Eerder aan de juiste productie en omkadering. Singles die live met minimale instrumentatie fantastisch klinken, verdrinken in zwakke arrangementen, die potentiële pophits doen inzakken.

Omkadering was bij dePresno net het enige dat wel op punt stond. Ze zien er uit alsof ze the next big thing moeten worden, maar slagen er live niet in om een publiek meer dan twee songs geboeid te houden. Oorzaak: trage elektropop die nooit een aantrekkelijke climax bereikt.

Moeilijk te zeggen wie het meest overweldigd was. Het publiek door hemelse gezangen drijvend op zee van onheilspellende elektronica of Aurora door de dolenthousiaste reactie er op. Winter Bird – Aurora weet hoe ze een sublieme song schrijft – zette de sfeer. Verstomde blikken en hier en daar een dansje voor dit amper twintigjarige wonderkind en haar poëtische weltschmerz: “Rest against my pillow like the ageing winter sun / Only wake each morning to remember that you're gone”.      

De kwetsbaarheid die Aurora doorgaans meedraagt en frustraties die opspringen wanneer ze haar idealen tracht na te jagen, klinken prachtig. Eén van de grote sterktes van Aurora is dat ze deze ook moeiteloos weet om te zetten in kracht die zijn beurt ook weer fantastische nummers oplevert (Warrior, Lucky).

Zoals het hoort als je de Orangerie uitverkoopt, zwierde ze ook kwistig met snellere dansbare pophits, die ze zich vlotjes meester maakte. In I Went To Far kreeg ze de liefde die ze vroeg, Running With The Wolfs had eeuwig mogen duren, Conqueror maakte plaats voor een dansje en dan was er nog Runaway. Het gerucht gaat dat ze het lied schreef toen ze twaalf jaar was. Over een talent gesproken. 

Hoe mooi die elektronische popsounds ook mogen zijn, het hoogtepunt was een intieme, akoestische versie van Murder Song. Nog zo’n opmerkelijk nummer waarbij je je afvraagt hoeveel levens deze jonge Aurora eigenlijk geleefd heeft. Bovenmenselijk en anderzijds zo snoezig en aangenaam.   

Of de band nu wat dolt met een rock anthem dat ze leuk vinden om te spelen (facepalm van de tourmanager tot gevolg) of dat Aurora vertelt over de dolfijntjes op haar ondergoed. Aurora is een verslavende gelukzaligheid, een genot om bezig te zien. Als zo’n engel ook nog eens fantastische en onderbouwde songs brengt, wordt zo’n show legendarisch. Aurora beloofde om terug te komen. Wie ons een pintje wil trakteren, we staan op de eerste rij.

24 oktober 2016
Jorik Antonissen