Apse
Klasse apart
Jan Vael
Ancienne Belgique, Brussel — 8 november 2008
Een van dé muzikale revelaties van de afgelopen maanden was ongetwijfeld Apse. Logischerwijs keken we dan ook al een tijdje reikhalzend uit naar hun eerste Belgische liveoptredens, zaterdag in de 4AD te Diksmuide en zondag in de ABClub te Brussel. Het Amerikaanse kwintet had met hun beklemmend mooie album ‘Spirit’ hoge verwachtingen geschapen, die net niet volledig ingelost werden.
In Brussel mocht de beloftevolle Canadese indieband The Besnard Lakes de concertavond aftrappen. Dit vijftal, dat eerder dit jaar debuteerde met het album 'Are The Dark Horse', is opgebouwd rond de bebrilde zanger-gitarist Jace Lasek en zijn vrouw Olga Goreas, die bas speelt en ook aardig wat vocalen voor haar rekening neemt. We hoorden een behoorlijk gevarieerde set die geregeld naar het beste uit de jaren ’70 knipoogde: breed georchestreerde, melancholische folkrock annex americana, stevige gitaaruitbarstingen, harmonieuze samenzang, loodzware drums en een flinke injectie psychedelica. Best genietbaar bij wijze van opener, vooral dan de kalmere nummertjes met hoge zang van Lasek.

Met Apse - de groepsnaam verwijst naar de achterste nis van een kathedraal - mochten we ons vervolgens geheel onderdompelen in een zwaarmoedige, sacrale sfeer. Sinds 1999 timmeren deze heren aan hun steeds rijker wordende muzikale carrière, wat eind 2006 culmineerde in het voorlopige hoogtepunt ‘Spirit’. Een bescheiden meesterwerkje, waarop Apse op overtuigende wijze de grenzen van de post-rock aftast via spannende uitstapjes naar onder meer prog/gothic rock, psychedelica, slowcore, industrial, experimentele rock en zelfs klassiek. Moeilijk in een keurslijf te vatten dus, al lijkt Apse bij momenten een eigentijdse incarnatie van Dead Can Dance. Broeierig en bezwerend, met een glansrol voor de hypnotiserende percussieritmes en de meditatieve, haast tribale drumslagen.
Samen met de ingehouden spanning die inherent is aan hun muziek en het onaardse, ijle stemgeluid van zanger Robert W. Toher (denk aan Sigur Rós of Animal Collective, maar luister en oordeel toch best vooral zelf) leidde een en ander in het lange openingsnummer From The North al meteen tot het absolute hoogtepunt van het concert. Grandioos en overweldigend, maar helaas konden we dergelijke superlatieven niet zo lichtzinnig bezigen voor wat volgde. De band speelde weliswaar met veel overgave en hun apocalyptische soundscapes klonken ook live indrukwekkend en erg intrigerend, maar toch een pak minder meeslepend dan op plaat. Bovendien zat ook geluidstechnisch niet alles snor, waardoor bijvoorbeeld Tohers ijselijk hoge vocalen niet altijd even goed te horen waren.
Apse speelde zondag ook opvallend veel relatief korte, uptempo songs die hun voorliefde voor post-punk verraadden en zelfs uitnodigden tot een aangepast danspasje. Ook in de bisnummers gooiden ze nog even alle remmen los en klonken ze behoorlijk punky. We werden in de ABClub niet compleet van onze sokken geblazen door de groep, zoals we stilletjes gehoopt hadden op voorhand. Niettemin blijft dit een vette aanrader en het ontdekken waard - voor wie dat nog niet deed - op Pukkelpop, waar ze hopelijk op een van de kleinere podia geprogrammeerd staan. Daar komt dit soort muziek namelijk het best tot zijn recht.
