Animal Collective Slappe start, straf einde

Botanique, Brussel
Animal Collective

Het is altijd al een kleurrijke bedoening geweest bij Animal Collective. De muziek leent zich daar nu eenmaal toe. Maar met deze plaat en de bijhorende show in de Botanique werd uiteindelijk extra kwistig omgegaan met muzikale verf. Zelfs al bleef het optreden aanvankelijk wat in het grijs steken.



Geen idee hoe het met u zit, maar als wij naar een optreden gaan, verwachten we toch live muziek (The Knife even daar gelaten, en dan nog). Blijkbaar denkt niet iedereen daar zo over. Voor GFOTY - Girlfriend Of The Year voor wie het zich zou afvragen - ligt dat anders.

Want Polly-Louisa Salmon, zoals haar ouders haar noemden, maakte er eerder een soundmixshow van. Zelf murmelde ze wel eens iets in de microfoon; tenminste als ze niet buiten adem was van het over het podium hossen, maar verder was het de tape die door de boxen schalde. Wel had ze twee dansers bij zich, die moesten zorgen voor de nodige “show”. Af en toe waren er flashbacks naar The Flying Lizzards’ versie van Money (That’s What I Want) toen het liefje van het jaar uitlegde dat Money Me belangrijker was dan haar performing me, maar verder deden wij weinig meer dan geduldig afwachten tot het voorbij was. Hetgeen niet wegneemt dat er nogal wat mensen het schouwspel met een glimlach gadesloegen. Maar of dat nu uit medelijden dan wel uit inleving was?

Het was dan ook voor Animal Collective dat wij naar de Orangerie waren gekomen. Een orangerie, die was omgebouwd tot tempel met grote, lichtgevende beelden langs beide zijden van de drumkit, allerlei symbolen die aan het plafond bengelden en een enorme backdrop, waarin uiteraard opnieuw veel verwijzingen naar de schilderkunst van Kandinsky, Picasso of Miró – dat meest recente album heet niet voor niks ‘Painting With’waren verwerkt. Dat effect werd nog versterkt door de lichtshow, die de beschilderde canvassen voor elk van de drie synthtorens, die voor de heren waren voorzien, nog eens extra kleur gaven. Het stelde bovendien het publiek in staat om eigen schaduwfiguren tevoorschijn te toveren op die borden.

Maar Animal Collective kwam dus schilderen met muziek, met stemmen, met woorden. En die tableaus waren aanvankelijk niet steeds even boeiend met een wat saai Bees als bodem van het dal.

Nochtans begon het optreden wel met een hoogtepunt. De eigenaardige canons in Recycling, die Avey Tare en Panda Bear uit de mouwen schudden, in combinatie met de heel eigen elektronica, die Animal Collective zo typeert, greep je meteen bij de lurven.

Maar het was blijkbaar moeilijk om die aandacht vast te houden, ondanks een drummer die het drietal krachtig ondersteunde en soms uit de Underworld leek te zijn weggelopen. En als het dan uiteindelijk goed was, was het meteen erg goed, zelfs al waren het niet eens woorden, maar meer klanken, die het publiek bereikten. Dan lag de parochie wel degelijk aan de voeten van de drie hogepriesters.

En dat was pas echt toen het einde van de show, die voor het grootste deel als massieve brokken van meerdere songs tegelijkertijd werd geserveerd, al naderde. Maar toen was het ook meteen goed raak. Golven van opwinding zinderden door de zaal en leken maar niet weg te willen ebben. Ook niet toen de pauze al gepasseerd was. Want met Hocus Pocus en afsluiter Floridada werd het feestje lustig verdergezet.

Het was een motor, die heel wat opwarming nodig had vooraleer hij aansloeg, maar dan was het wel aan Formule 1-snelheid dat de bolide voorbij vloog. Jammer van die slappe start.


April 2, 2016
Patrick Van Gestel