Tin Fingers Deze ep is de shit

Deze ep is de shit

Op de bovenste verdieping van een huis in een rustige buurt in Antwerpen, bevindt zich de “crib” van Felix Machtelinckx, de zanger van opkomende band Tin Fingers. Met weinig geld en veel smaak heeft de man er iets gezelligs van gemaakt. We treffen er hem en gitarist-toetsenist en buddy Quinten De Quyper aan.

Hoelang bestaat Tin Fingers al?
Machtelinckx: Vier, acht, tien, twaalf, drie jaar? Goh, dat weten we eigenlijk zelf niet. Wat was het begin? We zijn begonnen als schoolvrienden die samen folkmuziek maakten.
De Cuyper: Als we de cassette ‘Rooms On Rooms’ als start nemen van Tin Fingers, dan bestaan we nu ongeveer drie jaar.
Machtelinckx: Laat ons dat als begin zien. Daarvoor waren we wel al bezig, maar hadden we ons geluid nog niet gevonden.

En speelden jullie van bij het begin in deze bezetting?
Machtelinckx: Ja en dat is ook onze troef. Wij zijn echt een vriendengroep.
De Cuyper: Repeteren, dat is voor ons: op café gaan met de maten.
Machtelinckx: ...waardoor onze vriendengroep altijd wel beperkt is gebleven, maar soit.
De Cuyper: ...tot zes.
Machtelinckx: Zes? Ha, jij telt je lief er ook bij! Zeven dan, want Stijn, onze mixer, hoort er ook bij. (lachen)

Jullie deden in het verleden mee aan nogal wat muziekwedstrijden: 'De Zes', 'De Beloften', 'Humo’s Rock Rally'. Is dat in Vlaanderen de manier om aandacht te krijgen?
Machtelinckx: Als je ziet wat Tamino overkomt, zeker wel!
De Cuyper: Als je wint.

Dat is jullie eenmaal gelukt, niet?
Machtelinckx: Inderdaad, bij 'De Zes', maar muziek is geen wedstrijd. Eigenlijk haten we dat soort wedstrijden. Dat waren de ergste periodes in – laat het ons maar zo noemen – onze carrière. Er komt zoveel stress bij kijken, want je wilt het goed doen natuurlijk, al zijn het nooit de leukste shows die je geeft op zo’n momenten.
De Cuyper: We staken er heel veel tijd in en achteraf gezien, haal je dat er nooit uit. Je repeteert drie nummers die je dan zo ver uitbouwt dat je ze achteraf terug uit elkaar moet halen.

Jullie ep werd een beetje verrassend geproducet door Jasper Maekelberg. Heeft hij een grote inbreng gehad?
Machtelinckx: Hij heeft vooral structuur geboden. We maakten vroeger meer psychedelische muziek, omdat wij gewoon jonge gasten zijn met een hoek af. Wij willen niet gewoon platte pop maken. We zijn ook wat chaotisch. We wilden dus iemand die ons een iets cleanere sound kon bezorgen.
De Cuyper: We hadden echt iemand nodig die ons op het rechte pad kon houden; iemand die weet waar hij naartoe wil. Wij hebben de neiging om overal delay te steken en er saus over te gieten zodat alles heel eclectisch klinkt. Nu is alles meer sec gebleven
Machtelinkckx: Jasper is vooral goed voor drumsounds. Hij zit ergens tussen elektronisch en organisch in; echt goed. Wat de songs zelf betreft, heeft hij ons enkel aangespoord om hier een daar een refrein meer in te lassen.
De Cuyper: Hij heeft de pop in ons naar boven gehaald, wat wel goed is.

Ik had jullie eerder zien samenwerken met de mannen van Bed Rugs.
Machtelinckx: Noah (Melis n.v.d.r.) is inderdaad een goede vriend, een verwante ziel zelfs. Wij repeteren samen en Quinten speel ook mee met zijn nieuwe project Shy Dog. 
De Cuyper: We zeggen vaak dat het jammer is dat we elkaar niet eerder leerden kennen.

Waar komt jullie voorliefde voor synths vandaan?
De Cuyper: Ik heb dat altijd gehad. Al van toen ik jong was, vond ik de sound van die crappy orgeltjes leuk. We hebben trouwens allemaal een orgel thuis staan. En dan koop je met je eerste geld een synth en ondertussen is dat echt uit de hand gelopen. Onze eerste, een Roland E-09, kochten we de dag voor de opnames en we speelden er meteen heel de plaat mee vol.
Machtelinckx: Quinten is er echt bezeten van. Hij vlooit YouTube dan uit op zoek naar obscure Italiaanse en Russische synthklankjes en stuurt die dan door.
De Cuyper: Van die Russen die bossa spelen op orgel. Dat is echt grappig en toch ook schoon. Of Christian Chevalier (zet Sea Bird Fly op).
Machtelinckx: Of die Franse charmezanger Christophe (bekend van Aline), die vier jaar geleden een plaat uitbracht (‘Paradis Retrouvé’) met een sound die echt heel eighties was. Ze deed niets, maar het is een fantastische plaat. (verliest zich even in enthousiasme). En we hebben ook best wel wat zeldzame synths. Quinten is een echte sjacheraar. Dan verkoopt hij er weer één en koopt hij weer een andere, meestal authentiek. We zijn geen fans van softsynths. Er staat er maar één op de plaat en wij horen dat echt. We staan er zelf wat sceptisch tegenover.

In het verleden werden jullie al vergeleken met uiteenlopende artiesten van Mac DeMarco tot Arcade Fire. Grote namen natuurlijk, maar wat vind je zelf van die vergelijkingen?
De Cuyper: Ik heb Demarco altijd een rare gevonden. Die gitaarsound misschien, maar dan kan je even goed Prince noemen.
Machtelinckx: Misschien dat die wel muziek maakt vanuit dezelfde vibe. Maar eigenlijk is dat enkel interessant om de aandacht van bookers te vatten of van mensen die dat lezen en zo benieuwd worden. Het is belachelijk. We hopen eigenlijk dat wij nergens op gelijken. Je hoort misschien wel onze invloeden, maar we maken er samen iets nieuws van. Als mensen ons vragen hoe we klinken, vind ik dat altijd moeilijk om daar iets zinnigs te zeggen. En laat Arcade Fire maar Arcade Fire-platen maken.
De Cuyper: We hoorden deze week twee keer dezelfde vergelijking maken; één keer in positieve en één keer in negatieve zin. De ene zei: ”Amai megagoed, precies de nieuwe Duran Duran.” En iemand anders: “Pfff, wat was dat zeg? Precies de nieuwe Duran Duran!” (lachen)

Wij hoorden in Boy Boy en vooral Finally Feeling Alone ook iets van Unknown Mortal Orchestra terug.
Machtelinckx: UMO is alleszins een band waar ik zelf vaak naar geluisterd heb. En onze drummer is er megafan van. Live is die supergoed; echt een beest.

De eerste single uit de ep wordt Young Mother, waaraan de ep ook zijn naam dankt. Waar gaat het nummer over?
Machtelinckx
: Letterlijk gaat dat over te vroeg moeder worden, maar het beginidee ontstond, toen ik me inbeeldde hoe het zou zijn, als ik zwanger was.
De Cuyper: Dat kan tegenwoordig ook allemaal, he!

De clip bij de single toont jullie in een sportzaal en één van de andere nummers heet Swim. Stonden jullie altijd op de eerste rij bij sport op school?
Decuyer: Ik ben wel afgestudeerd met honderd procent op L.O.
Machtelinckx: Ja, op de kunsthumaniora. Jij was de enige die iets of wat kon lopen. (smalend) Honderd procent, hoe kan dat nu? Ik niet dus. Niemand van ons heeft ooit aan sport gedaan eigenlijk. Nu wel ja, nu iedereen stilaan wat pijn in zijn lijf begint te krijgen. Ik ben begonnen met wat te zwemmen.

Jullie waren dus geen helden op sportgebied. Dankt de ep daar zijn naam aan? De woorden komen ook wel voor in Young Mother.
Machtelinckx: Goed geluisterd! Maar eigenlijk is elk nummer geschreven vanuit het standpunt van een verloren figuur, een anti-held. Iemand die het moet opnemen tegen een groter iets.

Jullie zijn niet vies van ironie, me dunkt. Of is het laatste nummer €€ (spreek uit Money, n.v.d.r.) van de ep echt een verheerlijking van geld?
Machtelinckx: Nee, nee, ik ben echt zo rijk! Check my crib! (lacht) Nee, je kan wel zeggen dat ik geld niet belangrijk vind. We hadden onlangs een show in Brugge en ik riep daar: “Fuck rich people!” En iedereen begon dat te scanderen. Echt een geweldig moment.
De Cuyper: En dan daarna naar huis in zo’n gammel busje.

En wat zijn de plannen, nu de ep eindelijk uit is?
Machtelinckx: Veel geld scheppen! Nee, nu gaan we veel spelen. We hebben al heel wat data staan. De laatste is in de AB.
De Cuyper: Goede shows geven is het leukste wat er is. Als je niet speelt, raak je snel vergeten.
Machtelinckx: We hebben anderhalf jaar aan de ep gewerkt en nu is dat echt zalig dat die er is. Het geeft een soort rust. Eindelijk kunnen de mensen horen waar we mee bezig zijn geweest. En ondertussen zijn wij dan alweer bezig met het vervolg. Dat wordt nog beter, maar dat mogen we niet zeggen van ons label dus schrijf maar dat deze ep echt de shit is.

Bij deze!


25 augustus 2017
Marc Alenus