The Me In You - En nu de lat nog hoger leggen

The Me in You is een beetje op kousenvoeten uit het niets opgekomen en heeft daarbij het bijzonder mooie debuut ‘Forgotten Clothes’ meegebracht. De vijf bandleden zijn niet meer van de jongsten en waagden zich vorig jaar, na lang wikken en wegen, aan de eerste stappen buiten het repetitiehok.





Laat ons beginnen bij het begin: wie is The Me In You?

Han Wouters (gitaar en zang)
: The Me in You bestaat sinds 2009 en is ontstaan uit de restanten van Milkman. Vroeger speelden we elektrisch en luider, nu meer akoestisch.

Stijn Claes (gitaar, toetsen en zang) : Door omstandigheden - omdat we geen drummer meer hadden en vonden - zijn we van geluid veranderd, maar dat had ook te maken met het vermijden van geluidsoverlast in ons repetiehok. Daardoor zijn we de nummers van nabij gaan bekijken en beluisteren: hoe ze op zich waren en hoe ze opgebouwd waren. Je luistert meer naar de samenzang.  Less is more en dat was een leuke aanpassing. We zagen dat de basis wel goed zat en zo hebben we onszelf herontdekt.

Hoe is de bal aan het rollen geraakt?

Stijn Claes
: Toen we een huisje in de Westhoek hebben gehuurd. We hadden een jaar gewerkt aan de nummers en zijn dan met eigen middelen beginnen opnemen. We hebben een videoclip gemaakt voor Girl In Armour en die werd dan opgepikt. Uiteindelijk hebben we besloten om met de demo echt aan de slag te gaan met een producer.

Is het niet raar om de nummers, waar je zo lang aan gesleuteld hebt, af te geven aan een producer?

Stijn Claes
: Dat is een mes dat aan twee kanten snijdt: we kennen die liedjes van binnen en van buiten en je wil vooral je eigenheid behouden en de sfeer die er in dat huisje hing. En het is een moeilijke oefening om daar met een producer naar te zoeken. Maar met Bob Heirmans (The Go Find - nvdr) en Joris Caluwaerts (Zita Swoon - nvdr) waren we er ook wel gerust in.

Moeten we iets achter de cd-titel zoeken?

Stijn Claes: Net als met de naam The Me In You willen we de mensen met onze muziek raken en dat zit ook in die titel  'Forgotten Clothes': een stuk van jezelf laten liggen in iemands kamer bijvoorbeeld. Ik hou wel van dat beeld. Je bent hoe je je kleedt en het is soms leuk daar een beeld bij te creëren of iets achter te zoeken.

Han Wouters: Je hoopt natuurlijk ook altijd dat er iets bij de mensen die je muziek horen blijft hangen. Iets positiefs dan (lacht).

De eerste recensies waren unaniem positief. Wat doet dat met jullie?

Stijn Claes
: We kijken er iets nuchterder tegenaan dan vroeger misschien. Maar je kunt niet ontkennen dat het wel iets doet dat mensen er positief tegenover staan. Die verwondering is er dus nog steeds. Het stimuleert wel en bevestigt dat we de juiste keuzes hebben gemaakt, maar daar blijft het bij.

Han Wouters: Als je zeventien jaar oud bent, is het een must dat dat iets met je doet, maar bij ons maakt dat minder uit omdat we al zolang bezig zijn.

Stijn Claes: Het sterkt ons ook om met die muziek naar buiten te komen en op te treden. We blijven wel realistisch: de auto moet afbetaald worden en om ermee te rijden is er diesel nodig.

Hebben jullie niet een wrang gevoel gehad dat je niet eerder dat pad bent ingeslagen?

Han Wouters:
Daarvoor is het nog wat vroeg.

Stijn Claes: Het moet leuk zijn dit als gast van achttien jaar mee te maken, gewoon omdat je dan veel meer ruimte hebt om dingen te doen. Maar wij zijn nu meer realistisch en kunnen dit beter plaatsen in ons leven, kunnen ook meer afstand nemen. Het is al een hele stap geweest om dit effectief te doen. Onder elkaar wordt daarom gelachen, maar we genieten er ook dubbel van. Als wij onze nummers horen op de radio, sturen we elkaar nog steeds een sms'je. Ook al luister ik niet meer naar de radio (lacht).

Kunnen jullie je in de vergelijkingen in de recensies vinden?

Han Wouters:
Nick Drake en Bon Iver werden ook vermeld in de biografie, maar het zijn ook de platen die ons het meest beïnvloed hebben. Net zoals Sparklehorse, die we vijftien jaar geleden samen aan het werk hebben gezien.

Stijn Claes: Bon Iver vond ik een superstraffe plaat en die stond tijdens de opnames ook vaak op. Prefab Sprout zit er ook in, al is het moeilijker te ontdekken.

Han Wouters: En Afghan Whigs. Je hoort het niet maar het sluimert er ergens wel in.

Wat bedoelden jullie met “We speak in a minor key.”, dat in het cd-boekje staat vermeld?

Stijn Claes
: Ik heb het artwork verzorgd en het was zelfs een optie om de plaat zo te noemen. Ik vind het een heel mooie zin en het zegt ook veel over hoe wij zijn. In de recensies hebben ze dat goed opgevat. Het is van toepassing op ons en ik vond het leuk als visueel extraatje: een verstopte zin achter de cd in het hoesje.

Han Wouters: Ook het feit dat we niet te grootsprakerig wilden overkomen zit daarin.

Stijn Claes: Het blijft in feite maar muziek, al gebruiken we ook veel mineurakoorden (lacht).

Jullie muziek is ook te vinden op Spotify en Deezer. Wat betekent dat voor jullie?

Han Wouters: Stijn Claes
: Elke vorm van promo en om muziek te verspreiden is ok. We kunnen dan wel een plaat maken, die dan liefst in die volgorde beluisterd wordt, het is tegenwoordig onvermijdelijk dat mensen gewoon enkele nummers via pakweg Itunes kiezen. Liefst zoveel mogelijk.

Onlangs was er de week van eigen kweek op Studio Brussel, met onder andere een uitzending over poulains. Met welke artiest - nationaal of internationaal - zou je eens een nummer willen opnemen?

Stijn Claes
: The Bony King of Nowhere heeft een heel straffe plaat gemaakt. Dat lijkt me ook heel oprechte muziek.

Han Wouters: Skrillex, dat is eens iets anders.

Stijn Claes: Micha Marah ook (lacht). Nee, het kan wel eens leuk zijn om samen te werken met een totaal andere groep, met mensen die niet in hetzelfde vaarwater zitten.

Wat zijn jullie ambities na deze vlotte start?

Han Wouters:
Zo veel mogelijk optreden en daarna liefst zo vlug mogelijk de studio in. We hebben nog wat nummers liggen maar we zouden toch nieuwe dingen willen maken.

Stijn Claes: Die plaat is een momentopname en je moet dat op het juiste moment kunnen loslaten. Dat hebben we gedaan denk ik. Nu komt het er op aan om veel te spelen en te leren. En daarna de lat nog hoger te leggen.

26 februari 2012
Frederic Heymans