The Gaslight Anthem Moreel zijn we nog steeds een punkgroep

Moreel zijn we nog steeds een punkgroep

Benny Horowitz is niet alleen de uitstekende drummer van The Gaslight Anthem, hij heeft er ook plezier in om interviews te geven. Honderduit praat hij over de eetwedstrijd die hem na het concert nog te wachten staat: "Morgen voel ik me waarschijnlijk rotslecht, maar wat moet dat moet. Een uitdaging kan je niet zomaar over je laten gaan." Maar als het over muziek gaat, is hij meteen bloedserieus.



Ben je nog altijd nerveus voor een optreden?
Benny Horowitz: Nu ben ik nog niet, maar zowat een uur voor de show begin je toch rusteloos te worden.

Is dat iets dat mindert met de tijd?
Het is verbeterd. Toen ik als jong broekje in bands speelde, voelde ik me verschrikkelijk voor ik het podium op moest. Nu ben ik toch iets zelfzekerder, maar ik ben nog steeds zenuwachtig. Dat mag ook. Want als je dat niet meer hebt, doet het je ook niets meer.

Ooit nam ik deel aan een drumkliniek onder leiding van Omar Hakim. Hij speelde onder andere met Sting en Madonna. Nadien deelde hij handtekeningen uit en ik vroeg hem of er geen trucje was om die zenuwen te onderdrukken. Maar hij zei meteen dat je dat nooit echt kwijtraakt.

Jullie zijn geleidelijk aan gegroeid. Had je er de voorkeur aan gegeven om een hit te scoren en meteen in grote zalen te spelen?
Het heeft zijn voordelen om een hit te scoren. Je krijgt meteen zoveel meer aandacht van mensen die je voordien nooit hebben gehoord. Maar sommige bands bereiken dat punt veel te snel en zijn dan vaak alleen maar van die ene song bekend. Wij hebben altijd meer belang gehecht aan het maken van albums.

Jullie schrijven de muziek van jullie nummers als band. Hebben jullie inspraak in de teksten?
De teksten zijn Brian (Fallon, zanger-gitarist, nvdr) zijn ding. Eigenlijk wil ik me er ook niet echt mee moeien. Ik lees ze wel eens Brian ze klaar heeft, maar dat is meer als klankbord, niet zozeer om kritiek te leveren. Hij legt wel uit waar ze over gaan. Maar we hebben geleerd om hem daarin te vertrouwen. Zijn teksten zijn immers erg goed.

En hoe zit dat met de muziek?
Die wordt meer op democratische wijze bepaald. Het idee voor een song begint gewoonlijk bij Brian. Soms is dat niet meer dan een riff, maar dat kan ook een heel nummer zijn, een demo op een akoestische gitaar. Daarna komt hij ermee naar ons en beginnen we daaraan te werken. Dan wordt het een collectief proces.

Komt de muziek altijd eerst?
Dat hangt ervan af. Zelf geef ik er de voorkeur aan dat Brian al een melodie heft uitgewerkt. Ik schrijf het ritme van een song namelijk het liefst op basis van een melodie. Voor sprekende, snellere tracks moet alles samenpassen. Dus als Brian dan met een compleet werkstuk op de proppen komt, werken we daarvanuit.

Beschouwen jullie jezelf nog steeds als de punkband, die jullie ooit waren?
Eigenlijk zagen buitenstaanders ons vooral als een punkband. Sommigen van ons kwamen inderdaad uit de underground punkrockscene. Ikzelf heb jarenlang hardcore gepromoot. Sinds ik zeventien jaar oud was heb ik in zowat twintig groepjes gespeeld. Die waarden die je daar oppikt - en dat geldt ook voor een dokter of een leraar - neem je mee voor de rest van je leven.

Dat was ook voor ons zo. De muziek mag dan niet eens punk zijn, maar we hebben allemaal tatoeges en onze muziek was een tikkeltje sneller en dus werden we bestempeld als punkgroep. Wat onze muziek betreft vind ik niet dat wij punk zijn, maar moreel vinden we ons wel terug in die ideologie.

Er is nu eenmaal een niveau van bullshit waardoor je moet waden om te komen waar je wil en dat strookt niet altijd met de punkideologie, maar als je opgroeit, is dat nu eenmaal zo. Wij willen trouw blijven aan de waarden die we ooit hadden, maar aan de andere kant willen we ook kunnen leven van onze muziek. Dat was al mijn doel van toen ik dertien jaar oud was. Dat wil nog niet zeggen dat je daarvoor je morele waarden opzij moet zetten. Je kan nog altijd een geweten hebben als je dit doet. En nu zijn wij op een punt gekomen waar dat zo mogelijk nog meer kan.

Je had het al over je tatoeages. Ze worden zelfs in jullie nummers vermeld. Hoe belangrijk zijn ze voor jullie?
De echte "tattoo guys" zijn zij die hun borst, hun zijden en de bovenkant van hun armen laten tatoeëren. Er bestaat een zekere etikette op dat vlak: enkel als die delen van je lichaam vol staan, mag je de zichtbare delen van je lijf laten tatoeëren. Wij hadden allemaal al tatoeages voor we elkaar leerden kennen. Maar een 'Sink Or Swim'-tatoeage (naar de titel van hun eerste plaat, nvdr) hebben we allemaal.

Voor mij moeten die tatoeages iets betekenen. Bepaalde mensen laten tatoeages zetten omdat het kunst is, maar voor mij zit er meer achter.

Hoe slagen jullie erin je songs levend te houden tijdens een show?
De versie op plaat wordt verondersteld de perfecte versie van een nummer te zijn. Je zou er honderd keer naar moeten kunnen luisteren. Maar een optreden mag niet hetzelfde zijn als wat je hoort op plaat. Het moet vooral opwindend zijn. Voor een band als wij is het belangrijker om energie uit te stralen dan om perfect te zijn.

Ik wil spelen zoals ik me die dag voel. Zelfs toen we optraden voor tien man, die niet eens echt geïnteresseerd leken, keken we die mensen in de ogen en speelden we nog harder. Dat was de vibe van deze band van in het begin : "sink or swim".

Je voegt ook steeds stukjes toe, gewoon om het spannend te houden. Vaak gebeurt dat gewoon. Je moet risico's durven nemen op dat podium en iets doen dat je niet eens gerepeteerd hebt. Die mensen geven veel geld uit om ons aan het werk te zien. Het kan niet de bedoeling zijn dat we dan gewoon de nummers spelen zoals ze op het album staan. Zelf heb ik er een hekel aan om buiten te komen. Als een band dan klinkt zoals op plaat, zet ik nog liever die plaat op.

is dat waarom jullie covers opnemen in de setlist?
We spelen de nummers waar we zelf van houden, nummers die leuk zijn om te spelen. De laatste tijd luisteren we veel naar Farside, één van mijn favoriete posthardcore bands. Weinig mensen kennen ze, maar hun songs zijn briljant en die durven dan wel eens in de setlist belanden.

Voor jullie setlist lijken jullie te werken met een soort raamwerk: een aantal nummers komen steeds terug tijdens verschillende concerten en andere worden dan weer steeds veranderd. Waarom doen jullie dat?
Dat gebeurt geleidelijk aan. Vroeger veranderden we de hele set elke avond, maar mettertijd stelden we vast dat als je een aantal songs groepeert, de overgangen en dergelijke veel vlotter gaan. Uiteraard kunnen we niet elke avond dezelfde set spelen. Er zijn immers mensen die ons komen zien in meerdere steden. Maar bepaalde songs moeten we elke keer weer spelen, gewoon omdat men die wil horen. Het kan leuk zijn om een bepaalde track een maand niet te spelen, dat houdt het afwisselend voor ons en voor het publiek.

We ontdekten dat bepaalde songs gewoon goed samengaan. Dan moet ik na elke song niet ieder van ons afzonderlijk aankijken om te zien of ze klaar zijn. Het vorige nummer wordt afgesloten en we gaan gewoon over naar het volgende zonder erbij na te denken. Dat heeft een goede invloed op de voortgang van de live-ervaring.

Veranderen nummers tijdens een tournee?
Dat is nu zeker het geval. Toen we repteerden voor deze tour, hadden we de tracks van 'American Slang' nog niet gespeeld sinds we uit de studio waren gekomen. Je moet dan bijna leren om die nummers in te passen in de show en hoe je ze moet laten klinken als The Gaslight Anthem. Dat kan best moeilijk zijn soms.

Jullie sound heeft  een evolutie doorgemaakt op jullie platen. Wat betekent dat voor de volgende?
Eigenlijk kan het alle kanten opgaan. Mogelijk verdiepen we ons verder in de bluesrock. Of misschien gaan we terug naar het oudere werk. Een nummer als Orphans is misschien wel de snelste song die we ooit hebben geschreven.

Op dit moment beginnen we na te denken over hoe de volgende plaat moet gaan klinken. Brian is altijd aan het schrijven. Dat hoort ook zo. Het is een deel van het creatieve proces. Hoe meer nummers je samen schrijft, zelfs al is het een song die je nooit gaat gebruiken, des te beter wordt de volgende track, gewoon omdat je dat vorige nummer ook hebt geschreven.

Het draait tenslotte om de muziek. Dit is niet zoals op kantoor werken. Daar heb je je job onder de knie en dan zit je aan de grenzen van je potentieel. Als muzikant kan je vijfennegentig jaar oud zijn en toch nog iets leren dat je nooit eerder kende. Je kan iets horen dat je opwindt, je kan dat gaan spelen en het aanpassen tot iets dat van jezelf is. Dat maakt een band tot wat het is.

We Did It When We Were Young is het laatste nummer van de plaat en klinkt anders. Zegt dat iets over de toekomst?
Eigenlijk waren we tot de vaststelling gekomen dat al onze trage nummers gebaseerd zijn op het folkformaat: countryfolk met een akoestische gitaar. Nu wilden we iets anders en op die manier kwamen we terecht bij de indierock, dingen als Bright Eyes of The National. Daar wordt een bepaald ritme aangehouden, de gitaar leidt en de tekst volgt. We wilden deze song met opzet aan het eind van de plaat omdat je van daaruit alle kanten op kan.

Voor 'Darkness On The Edge Of Town'
ging Springsteen met zeventig songs onder zijn arm de studio in. Hoe zit dat bij jullie?
Waarschijnlijk verschillen we op dat punt van andere groepen: wij gaan met tien of elf nummers naar de studio. Waarschijnlijk hebben we er vooraf wel dertig geschreven, maar nummers die gewoon maar goed zijn, vliegen eruit. Veel van de nummers die we schreven zullen het daglicht nooit zien., maar daarvan wordt dan wel vaak een stukje achtergehouden dat we dan verder uitwerken. Als dat niet lukt, belandt dat nummer gewoon in de prullenbak. Elke keer nemen we ons weer voor om met vijfentwintig songs naar de studio te trekken en de beste eruit te nemen, maar dat is nog nooit gelukt.

Er steken allerlei genres in jullie muziek. Is dat iets dat gebeurt op organische wijze of wordt daar echt naartoe gewerkt?
Onze verschillende invloeden komen dan gewoon naar boven. En dan betonen we respect voor elkaar. Op die manier komen we tot die unieke sound. En hoe meer we samen spelen, hoemeer die invloeden naar boven komen. We ontdekken nu stilaan ook wat onze gezamenlijke invloeden zijn: bluesrock en blues.

Zelf ben ik altijd gek geweest op zwarte blues. Maar het valt niet mee om dat in punkrock te stoppen. Dat proberen we al jarenlang. Wat deze plaat betreft, hebben we ons teruggevonden in Eric Clapton en Bluesbreakers, Peter Green's Fleetwood Mac, bluesrock gebaseerd op gitaren.

Ik ben ook een enorme Motownfan en ik heb geprobeerd om een beat snel en aggressief te maken zonder de standaard punkrockmotieven te gebruiken. Dus kwam ik uit bij de vier vierde beat, de klassieker (klapt op zijn benen). Je vindt ze niet beter dan dat. Dat werkt nog steeds. De uitdaging was om dat in onze songs te krijgen. Dat gebeurt zelden bewust. De dingen waar we op dat moment naar luisteren hebben een grote invloed.

Waar luister je nu naar?
Op dit moment zit ik weer in een punkperiode. Teenage Bottle Rocket is zo'n band waar ik het nu voor heb. Maar ik ben ook een enorme Jack Whitefan. Black Keys komen ook veel aan bod. En uiteraard gaat er geen week voorbij zonder dat ik naar Led Zeppelin, Otis Redding en Marvin Gaye luister. De klassiekers zijn nu eenmaal belangrijk.

Op jullie website werden jullie fans aangespoord om te gaan stemmen.
Inderdaad. Iemand had ons gevraagd of er iemand in de band was die geïnteresseerd was in politiek. Dat was ik en dus komt er binnenkort een open discussie tussen fans en mij over politiek. En daarom heb ik onze fans ook gevraagd om te gaan stemmen.

Wat vind je van de huidige situatie in de VS?
Ik ben bezorgd, maar slecht lichtjes. Bill Clinton is immers hetzelfde overkomen. Het is gewoon een typische verschuiving in ideologie als dat land in oorlog is en de economie het niet goed doet. Die Tea Party baart me echter meer zorgen.

Ik vraag me af of die wig in de Amerikaanse politiek ooit zal verdwijnen. We roepen altijd van de daken dat we moeten samenwerken, maar eigenlijk komt het er nooit van. Obama lijkt mij de persoon die het in zich heeft om zijn eigen morele bezwaren naar de achtergrond te schuiven en een pragmatische, verstandige oplossing te zoeken. Maar uiteindelijk wil het volk dat niet. Zij willen gewoon hun grote gelijk halen.

Bedankt!


January 8, 2011
Patrick Van Gestel