The Bordershow - #WeekVanDeBelgischeMuziek26 - Wat je altijd al wilde weten...
Uiteraard konden wij niet zomaar voorbij aan de Week Van De Belgische Muziek. Dus staken wij de koppen bij elkaar en gingen we op zoek naar enkele rake vragen voor een keur aan bekende of minder bekende Belgische bands en artiesten. Klaar voor even onverwachte antwoorden? Een gloednieuwe band die we zeker nog in de kijker willen zetten, is The Bordershow, de nieuwe band rond Maarten Huygens. Hij is gitarist en co-songschrijver bij Intergalactic Lovers, maar vooral een koppige dromer die via muziek een magisch gevoel probeert te capteren, dat zich meestal net buiten de grenzen van zijn waarnemingen bevindt.
Deze nieuwe band is ook een onwaarschijnlijke combinatie van buitenbeentjes, zoals de geniale fotograaf Guy Kokken die op bas elke jeugdige rockgod naar huis speelt, drummer Friso Veldeman die zich hier ontpopt tot een originele muzikant met vele petjes, Bert Noël, een gitarist wiens onuitputtelijke passie voor muziek hem zover kreeg dat hij zich begon te verdiepen in keyboards, omdat deze band dat nodig had, en Tim Supply, fijnbesnaard als een Afrikaanse J.J. Cale, die zijn spel steeds geduldig tot de juiste lijn weet te distilleren.
In 2026 treedt The Bordershow meer in de openbaarheid. In de loop van het jaar zal de band verspreid muziek lossen. Het orgelpunt wordt de release van het debuutalbum, gebaseerd op muziek die Maarten schreef in de tijd dat hij in Galway woonde. De nabijheid van de ruwe, beukende oceaan had een diepe invloed die nog versterkt werd door er dagelijks in te duiken. De bron van inspiratie die daar werd aangeboord lijkt eindeloos, en had ook al zijn invloed op het succesvolle album 'Liquid Love' van Intergalactic Lovers.
De debuutsingle van The Bordershow heet Naxos. Dat klinkt, letterlijk alleszins, een beetje vergezocht. Of toch niet?
Maarten Huygens: Tijdens een vakantie op het eiland Naxos ben ik bewust op zoek gegaan naar wat daar muzikaal leefde. Daarbij ben ik levende tradities tegengekomen die ver weg liggen van de “veredelde Griekse moussaka-muziek” die we hier soms horen. Het deed mij effenaf meer denken aan hetgeen wij als Ierse, Schotse of Bretoense folk zien. Ik zag zelfs een soort van doedelzak die eruitzag als een leeggemaakte en opgeblazen geit met wat pijpen in. De melancholie is hier ook aanwezig, maar komt soms nog stekender over omdat ze is ingebed in een lichtvoetiger geheel.
Het ontdekken van die analogieën deed mij beseffen dat onze muzikale geschiedenis nog veel rijker moet zijn dan we vermoeden. Dat gevoel heeft mij een aantal jaren later de trigger gegeven om Naxos te schrijven. Nadat de basisstukken en de voornaamste melodieën vorm hadden gekregen, is de tekst er in één keer uitgerold. Deze is gebaseerd op gewaarwordingen, dromen en persoonlijke gebeurtenissen die samenkwamen in één geheel. Een soort van contrast tussen een geborgenheid in het kleine, en een groot overweldigend doemgevoel.
Kan je nog andere nummers in je catalogus aanstippen, dingen waar je heel trots op bent, maar eigenlijk toch een beetje miskend zijn? Een B-kantje, een geflopte single, een demo die nooit werd uitgebracht…
Eigenlijk hebben we met The Bordershow nog maar net ons eerste nummer officieel uitgebracht, maar het is er wel een dat ik hier sowieso graag uitkies. Naxos gaat denk ik een stuk verder in de richting van de melancholische folkpop dan ik gewoon ben. De structuur is ook behoorlijk klassiek. Het nummer blijkt bovendien polariserend te werken: bij sommigen blijft het instant hangen, anderen moeten er niet van weten. Zelfs binnen de band is er discussie over... Het is niet ons meest flitsende of gekke nummer, maar tijdens het maken van de plaat bleek Naxos mij telkens te raken waar ik het voelde.
Wat was je vreemdste optreden?
Strikt genomen geen optreden van The Bordershow, maar wel mijn eerste optreden ooit, waarbij Friso ook al de drummer was. We waren veertien of vijftien, en speelden op het vrije podium van de lagere school van Friso’s jongere broer. We waren met drie gitaristen, waarvan er altijd wel twee hetzelfde speelden. De mate van zenuwen die ik toen had, kan ik niet beschrijven met woorden. Tijdens het eerste nummer sprong mijn hoge mi-snaar, dus nam ik een nieuwe uit mijn reservesetje. Maar ik was volledig “gedebiliseerd” van de zenuwen, kon niet nadenken en had mijn jack in de output van mijn stembakje gestoken. Met als resultaat: een nieuwe gesprongen snaar. Ik vroeg toen aan het publiek of er toevallig iemand een hoge mi bij zich had, wat niet het geval bleek te zijn. Gelukkig waren er nog twee gitaristen, en met een enorm gevoel van opluchting stapte ik het podium af, om de rest van het optreden vanuit het publiek te bekijken.
Waar komt de bandnaam vandaan? Was dat meteen de eerste keuze?
De naam is gekomen vanuit een fascinatie voor grensstreken, zowel fysiek als conceptueel. Om het even te beperken tot het culturele, dan gaat het om de grenzen waar je moet zijn voor de boeiende dingen, zowel de onontgonnen grensgebieden tussen reeds bekende terreinen, als de grenzen tussen het bekende en terra incognita. Dat is waar ik onbewust steeds naartoe getrokken word.
Welke Belgische plaat van voor je geboorte had je graag zelf gemaakt willen hebben? Waarom?
Hier ga ik voor de eerste plaat van Rum, en dan vooral voor ‘t Daghet In Den Oosten. Zo veel naar geluisterd, liefst diep in de nacht met wat vrienden, kaarslicht en een goed glas wijn. Tijdens mijn Erasmusjaar in Tübingen, Duitsland, ben ik bevriend geraakt met een Amerikaanse jazzmuzikant. Hij schrijft nu voornamelijk soundtracks en is pianoleraar van Mike McCready van Pearl Jam. Maar de kopie die ik voor hem maakte, is de cd-speler van zijn auto nog niet uitgeraakt.
Heb je een relikwie waar je erg aan gehecht bent, een instrument waar je iets mee hebt, een poster of een ticket van je eerste concert of een ander specifiek optreden...?
Mijn allereerste gitaar zal speciaal blijven voor mij. Het gaat om een klassieke gitaar van Esteve die toen (we spreken over 1991, denk ik) achtduizend Belgische frank kostte. Af en toe doe ik iets raars, maar niet te dikwijls, want ik ben bang dat het dan zijn uitwerking verliest. Af en toe haal ik de gitaar uit zijn zak, enkel om de geur uit de klankkast op te snuiven. Die geur katapulteert mij dadelijk terug naar de magie van het spelen van mijn eerste noten.
Is er een primeur - een nieuwe plaat, een nieuwe single, een tournee... – die je nu al met ons zou willen delen?
Op het einde van dit jaar willen we met een volledige plaat komen, genaamd ‘Galway Tapes’. Het gaat een diverse en heterocliete plaat worden, maar men gaat horen dat de uiteenlopende songs en stukken muziek toch in elkaars gezelschap horen.
Foto: Anton Coene
