Soap And Skin - Een orkaan in een porseleinen kopje

Het succesvolle debuut 'Lovetunes for Vacuum'  van Anja Plaschg, aka Soap and Skin, is even duister als beklemmend, even zwart als rood, even ijselijk als rauw. De vergelijkingen met grote namen gaan niet altijd op, maar talent heeft ze zeker. Daar kan haar nogal cliché pose van frêle, getormenteerde, schichtige en wereldvreemde tiener (ze is nog maar achttien) niets aan veranderen. Live klinkt ze afwisselend als een bulderende tornado en een wenend kind. Sounds familiar, Tori? Maar wie volhoudt, wordt muzikaal beloond.





Er moet een ernstige reden geweest zijn waarom collega's me waarschuwden geen interview te vragen met Anja Plaschg, de achttienjarige zangeres van Soap&Skin die opgroeide op een Oostenrijkse varkenskwekerij. Waarschijnlijk wilde ze om diezelfde reden inderdaad geen gesprek voeren en stuurde ze ter vervanging een mail met wispelturige antwoorden als "Ik wil liever astronaut worden". Daarbij het bevel om geen interview neer te schrijven, zodat het niet lijkt alsof ze normaal communiceert. Een heus enigma, die Anjadajadajada.



De hele enscenering van haar wereldvreemde persoon, talent en Weltschmerz ligt er iets te dik op, wat niet wegneemt dat ze met 'Lovetune For Vacuüm' toch een opzienbarend album heeft afgeleverd. Maar ook al hebben we veel sympathie voor Sturm und Drang, het is niet omdat je schoolruzies van je afweent dat dit volstaat om de nieuwe Kate Bush genoemd te worden. Daarvoor reikt Anja's stem niet ver genoeg en is ze ook niet "vet" genoeg.



Waar Anja dan wel echt in uitblinkt, is hallucinant, religieus pianogetokkel, abstracte, beklijvende melodieën, ingenieuze soundscapes en haar rauwe kreten vol emotie. Ook haar staccato dansjes rond de piano en tussen het publiek werden gesmaakt, temeer omdat we daardoor enkele flitsen van haar lieftallige gezicht te zien kregen.



Haar eigen interpretatie van haar muziek berust op wiskundige vergelijkingen en formules uit de fysica. Ze baseert zich op de formule voor de versnelling van de rechte val (V(t)= -gt+vo), die symbool staat voor haar hele zijn. Daar kunnen we inkomen, omdat haar set ook van langgerekte kreten evolueerde naar snellere breakbeats, manisch getokkel en het Onze Vader in een scherp ritme, als uitloper van haar song Marche Funèbre.

Op de vraag of er een soort hoop of genot schuilt onder de zwarte laag verkiest ze niet te antwoorden, maar ze geeft wel toe dat het lied Thanatos voor haar de poëtische toets is van het album. En de regel 'Bad weeds grow tall' uit Marche Funèbre, die haar positie op school uitdrukt, is toch een soort van victorie over zichzelf en vooral over de wereld die haar niet aanvaardde. Als 'rotte appel' is ze dus toch uit haar isolatie gebroken.



Plaschg vond zelfs geen gelijkgestemden op de kunstschool in Wenen en schreef al op vijftienjarige leeftijd een album bij elkaar van eigengereide songs met een geniale muzikale touch, die het ordinaire gegeven van tienerleed doet verbleken. Ze wordt vergeleken met Nico, Cat Power, John Cale en Kate Bush en toch verschilt ze op veel plaatsen van elk van deze. Plaschg zegt dat ze meer inspiratie haalt uit literatuur (Bukowski) en film (Fassbinder) dan uit muziek. Ze lijkt inderdaad eerder op het hoofdpersonage Cathy uit Wuthering Heights van Emily Brönte. Daar moet die Oostenrijkse varkenskwekerij misschien toch voor iets tussenzitten.

Het moet gezegd, Anja Plaschg mag dan al het cliché zijn van de getormenteerde geniale puber met loodzware emotionele bagage en zwarte ravenharen, ze bewijst haar waarde door haar magistrale compositie (Cynthia, Cry Wolf), eigen geluid en standvastig gitzwarte universum. De vruchten van dit slechte zaadje dat hoog klom, smaken sowieso naar meer. Laat u niet afschrikken door de vogelverschrikker en het komt goed.

15 juni 2009
Karen Van Godtsenhoven