Sharon Jones & The Dap Kings Al ons materieel is minstens vijfentwintig jaar oud.

Al ons materieel is minstens vijfentwintig jaar oud.
Sharon Jones is goed op weg naar de top. De superbad soul sister tourde de laatste jaren de wereld rond en stond in 2007 op de planken met Lou Reed, versierde een rol in een film van Denzel Washington en bracht vorige maand haar derde album uit. We spreken haar voor haar show in de Now Series van de Ancienne Belgique.


Sharon Jones omschrijft haar carrière zelf als een grote struggle. Als tiener in de jaren zeventig kon ze enkele opnamen maken als achtergrondzangeres, maar werd ze nooit als artieste geprofileerd omdat ze voor de normen van de muziekindustrie “te dik en te zwart” was. Toen ze het later opnieuw probeerde, was ze al “te oud”. Tot ze in de jaren negentig, na jarenlang als veiligheidsagente gewerkt te hebben, benaderd werd door een groep blanke jongens die met haar soulmuziek wilden maken. Een dik decennium en drie albums later zijn Sharon Jones and The Dap-Kings de vaandeldragers van de huidige soul- en funkrevival. De band kon zijn nieuwste album zelfs voorstellen in het legendarische Apollo Theatre in New York.
 
Sharon Jones: “Het was een zeer bijzondere ervaring om na een periode van twaalf jaar onbekend te zijn in het Apollo Theatre te staan. Toen ik begon, werden we underground genoemd en speelden we in kleine clubs en op studentenradio’s. Het Apollo Theatre zat vol met blanke studenten en de organisatoren wisten nog steeds niet wie ik was en ze vroegen zich af hoe ik de zaal vol had gekregen. Maar toen ik had opgetreden, waren ze volledig van de kaart: “I thought it was James Brown, but he was a woman!”. En ze wilden meer horen. En dat is fantastisch. Op het moment dat ik het podium opliep, stond iedereen op en begon de hele zaal te schreeuwen. De mensen van het Apollo Theatre hadden een dergelijke reactie van het publiek niet meer gezien sinds James Brown er in de jaren zestig en zeventig optrad.”
 
Je nieuwe album heet ‘100 days, 100 nights’. Kan je er ons wat meer over vertellen?
Het album bestaat uit ideeën en herinneringen van de verschillende bandleden. De eerste twee albums waren bijna volledig geschreven door Bosco Mann. Dit album is eerder collectief geschreven. Bosco Mann heeft nog steeds een groot deel van de gitaarpartijen en teksten geschreven, maar de band is nu al zo lang samen dat de jongens van de blazerssectie even kunnen bijspringen en zeggen: “Wat denk je hiervan (imiteert een trompetgeluid): ta ta tata ta taa”. En dan zit dat goed. We hebben veel meer nummers gemaakt dan op het album staan, maar toen alle nummers klaar waren, hebben we overlegd en zei Bosco Mann dat hij een soul- en R&B-album wilde maken. Dus hebben we de beste soulnummers eruit gepikt.
 
Er is minder funk te bespeuren dan op de vorige albums.
Ja inderdaad, bij de vorige albums keken we rondom ons en probeerden alles funky te maken: Janet Jackson’s What Have You Done For Me Lately, This Land Is Your Land van Woody Guthrie, enzovoort.
 
Wanneer is, volgens jou, een soulalbum een goed soulalbum?
(twijfelt) Ik weet het niet. Het is moeilijk om soul te typeren. Tegenwoordig zijn er de discussies over hiphop versus soul, hiphop versus R&B, enzovoort. Hoe kan dat, als hiphop gewoon een afgeleide is van soul, R&B en gospel? Ik denk niet dat je die dingen gescheiden moet houden. Ik zeg altijd dat hip hop gewoon R&B is, maar dan wat hipped and hopped up (bulderlach). Voor mij staat soul gelijk aan goede, live instrumenten. Het gaat om een goede groove waar je een goed gevoel bij krijgt. Het heeft niets te maken met kleur. Kijk maar naar mijn band. Wij zijn opgegroeid met de muziek die men soul en R&B noemde, zoals Otis Redding, James Brown, Motown, Stax, enzovoort. En dat is gewoon wat wij spelen. What comes from the heart, goes into the heart. En daarom begrijpen de mensen wat wij doen.
 
Jullie sound wordt meestal beschreven als rauw, onversneden.
Dat is gewoonweg natuurlijk, we doen daar geen extra moeite voor. Integendeel, kijk naar onze drummer: bass, snare, hi-hats en af en toe een cimbaal. Voor de opnames heeft Gabe (Gabriel Roth, geluidstechnieker en labeleigenaar van Daptone Records, nvdr.) slechts twee microfoons bij de drums gezet. En in de studio klinkt onze sound misschien wel raw, natuurlijk, omdat er niets digitaals gedaan wordt. We hebben onze studio zelf gebouwd. En we doen het zoals het vroeger gedaan werd.
De reden waarom we dat doen, is omdat door de jaren heen de live instrumenten zijn weggevallen en alles digitaal is geworden. Toen ik pas begon met The Dap-Kings, waren zij nog heel jonge mannen. Maar ze zijn allemaal vinylverzamelaars en we bewonderen gewoon allemaal die oude muziek. Als iemand anders alles op zijn keyboard wil maken, geen probleem. Maar wij doen waar we van houden.
 
Je zegt dat jullie het doen zoals het vroeger gedaan werd. Beschouw je jullie sound dan als retro?
Mensen plakken graag overal een naam op, maar ik zou het zelf niet retro noemen. Het is old school, we houden het real. Omdat als je die bepaalde sound wilt verkrijgen, je het moet doen op de manier waarop ze het vroeger deden. Als ons materieel is minstens vijfentwintig jaar oud. Er staat maar een digitale machine in onze studio, en dat is een cd-speler. En dat is ook de reden waarom Mark (Ronson) en Amy (Winehouse) naar ons zijn gekomen. (The Dap-Kings zijn te horen op een aantal nummers van de plaat 'Back to Black' van Amy Winehouse, die geproducet werd door Mark Ronson, nvdr.) Mark zocht samples met een bepaalde sound en hij schrok ervan dat er op dit moment een band was die zo klonk. Dus The Dap-Kings zijn met Amy in de studio gedoken en hebben haar bovenaan de hitlijsten gebracht. Ze wilde de muziek maken die ik maak. Het heeft haar drie jaar gekost om er te geraken en mij twaalf. But it’s ok, it’s allright, I’m used to the struggle (ironisch lachje). Neen serieus, ik ben blij voor haar en Mark, wij hebben er ook wat naambekendheid door verkregen en misschien doen we samen ooit nog wel eens iets.
 
Dus je bent niet bang dat The Dap-Kings je gaan verlaten om de fulltime backing band van Amy Winehouse te worden?
Neen, want dan word ik wel een filmster (bulderlach)!
 
Speaking of which… Je hebt een rol in ‘The Great Debaters’ van Denzel Washington. Kan je ons daar wat meer over vertellen?
De film speelt zich af in 1935 in Marshall, Texas. Het gaat over de universiteiten die elkaar uitdaagden in debatten. En op dat moment was er een zwarte school, Wiley College, die de blanke scholen uitdaagden, wat taboe was in die tijd. Enkel Harvard ging op het voorstel in en dan nog mochten de zwarten niet in de school binnen, dus ging het debat in een tent buiten de school door. Het is allemaal gebaseerd op feiten. Denzel speelt zelf mee in de film, Forest Whitaker speelt een professor. En ik ben Lila, een ‘Juke Joint’-zangeres (een Juke Joint is slang voor een soort louche tent in het diepe zuiden waar men alcohol serveert en waar blues gezongen wordt, nvdr.), en ik heb zelfs twee zinnen mogen zeggen (lacht). Denzel is zo een lieve man. Toen The New York Times hem vroeg waarom hij mij gekozen heeft, zei hij: “Omdat ze realistisch en eerlijk is. And because I love her!”. En ik zing ook wat gospelnummers op de soundtrack. Voorlopig heb ik nog geen beelden gezien van de film, dus ik ben enorm zenuwachtig (lacht).
 
Naast je nieuwe album zijn er in 2007 nog heel wat dingen gebeurd. Je zou kunnen zeggen dat 2007 het jaar van Sharon Jones is geweest.
Ja, er is enorm veel gebeurd. Ik heb met Lou Reed opgetreden en ik speel in een film met Denzel Washington. Maar ik heb ook enorm veel tegenslagen gekend. Ik heb 21 mensen verloren in 2007, waaronder mijn broer. Mijn moeder heeft een beroerte gekregen, enzovoort. Bovendien was ik bijna voortdurend op tour en toch heb ik geen enkele show afgezegd. Je moet de negatieve energie gebruiken om positieve dingen te verkrijgen. Je mag niet vergeten dat het een business is. Het is een job. De tegenslagen en de enorm mooie momenten hebben elkaar afgewisseld, maar op gebied van mijn carrière was het een fantastisch jaar. Dus ja, 2007 was mijn jaar (lacht).

November 8, 2008
Lander Lenaerts