Psycho 44 - Het moet anders klinken

Het is in de kantoren van [PIAS] dat we kennismaken met Olivier Lambrechts en Gaelian Corluy, respectievelijk drummer en zanger-gitarist van Psycho 44. En nee, over Queens Of The Stone Age wilden wij het voor één keer niet hebben. Tenzij dan voor we begonnen...En nadat het interview was afgelopen… En tussendoor eigenlijk ook wel even.





Olivier Lambrechts is eerder beduusd en praat zoals hij drumt: secuur, bijna strak. Gaelian Corluy is meer een vat vol emoties, het hart op de tong. Een zanger quoi. Na wat gekeuvel over toekomstige, geplande optredens in binnen- en buitenland – Nederland en misschien Duitsland staan op het programma – komen we terzake.

Omdat we niet met de zoveelste vraag over Queens Of The Stone Age willen beginnen en Sinterklaas toch al in het land is, beginnen we gewoon met te vragen wat jullie de plaat van het jaar vinden.

Olivier Lambrechts: Het is misschien een beetje cliché, maar voor mij is dat ‘AM’ van Arctic Monkeys. Ik ben nooit uitgesproken fan geweest en op Werchter en Pukkelpop had ik ze van ver al wel eens aan het werk gezien zonder dat dat echt iets losmaakte. Maar nadat ik de singles van de plaat een paar keer had gehoord en het album had gecheckt op Spotify, was ik echt wel overtuigd. Misschien een beetje een rare keuze gezien onze achtergrond, maar ik ben wel helemaal mee in wat ze momenteel doen.

Gaelian Corluy: Ik heb ze net gezien en het was prima. Ook ik was er nooit echt weg van, maar ze zijn momenteel iets smoother, iets Amerikaanser geworden. En dat werkt.

Hoe zit het met jouw keuze, Gaelian?

Corluy:
Ik ben zwaar fan van Jagwar Ma en die plaat is echt geweldig. Ook op Pukkelpop waren ze dit jaar fantastisch. Het is iets meer elektronisch en toch werkt het.

Nu je het toch over elektronica hebt: op jullie plaat is die niet meer zo uitgesproken aanwezig.

Corluy:
Vroeger zat er inderdaad meer elektronica in onze muziek. Nu is het meer naar de achtergrond geschoven.

Lambrechts: Het is niet zo dat, als je nummers schrijft, je je plotseling realiseert van: “We moeten meer nummers met synthesizers hebben”. Je probeert gewoon goede nummers te schrijven. En of daar nu synths in zitten of niet…

Jullie hadden nog een heleboel andere nummers geschreven, die de plaat niet gehaald hebben. Waren die meer elektronica-gericht?

Corluy:
 Niet echt. Die nummers waren gewoon nog niet af. Eigenlijk zaten die synthesizers vroeger gewoon meer op de voorgrond. Nu hebben we bijvoorbeeld de baslijn opgenomen met een synthesizer, maar dat valt niet meteen op. Dat is iets dat gewoon organisch gebeurt.

Wat was voor jullie het optreden van het jaar?

Lambrechts
: Jagwar Ma was op Pukkelpop erg goed. Ik kende de band niet echt, maar dat viel heel erg mee. En ook The xx heeft mij positief verrast. Dat had dan misschien ook met de sfeer te maken: het was net donker, de lichtshow, … Dat werkte perfect.

Corluy: Ik vond Jagwar Ma ook goed, maar het beste wat ik tot nu toe al heb gezien was Kendrick Lamar in de Ancienne Belgique. ‘Good Kid, M.a.a.d City’ is echt een geweldige plaat en dat optreden was fantastisch. Supersimpel in vergelijking met zijn optreden op Pukkelpop, waar hij met band optrad terwijl die echt geen meerwaarde had. Het is tenslotte hiphop en dan moet je kunnen respecteren dat dat beperkt blijft tot een microfoon en een dj. En dat kot stond toen gewoon in brand.

Kijken jullie nu anders naar optredens dan vroeger?

Corluy
: Sowieso. Je analyseert meer. En al zeker als het om bands gaat: daar zat de timing van de bas er een tikkeltje naast, ... Misschien daarom dat ik dat concert van Kendrick Lamar net zo goed vond. Dat blijft heel erg simpel.

Groepen als Nine Inch Nails en Queens Of The Stone Age zijn er dan weer in gespecialiseerd om alles zo strak mogelijk te spreken, zo weinig mogelijk fouten te maken. En daar let je dan toch op.

Lambrechts: Ik let automatisch meer op de drummer. Niet dat je er dan minder van geniet, maar je gaat dat toch anders bekijken.

Bij jullie zat het anders ook best strak, daar in het Koninklijk Circus. Waren jullie er zelf tevreden over?

Corluy:
Het was een vrij korte set en we hadden misschien een kwartier gekregen om alles op te stellen en te soundchecken. Dat was wel stressen: je hebt toch geen idee of de klank goed zal zitten. Maar dat viel allemaal mee. Het was goed snedig.

Hoe zat het met de zenuwen?

Lambrechts
: Amai!! Maar nadat het eerste nummer was afgelopen, viel dat allemaal weg. Ik had nochtans minder stress op Pukkelpop, waar het publiek misschien nog groter was, dan in het Koninklijk Circus. Je luistert tenslotte al zo lang naar die band en dan sta je plotseling in dat voorprogramma. Je weet dan wel dat die niet in de coulissen staan te luisteren, maar toch. De bassist is trouwens toch naar het laatste nummer komen zien.

Corluy: Later hebben we nog iets met hen gedronken en daar zeiden ze toch dat ze van de crew gehoord hadden dat het echt wel goed was.

Trouwens, hoe was ’t met je examen (Gaelian gaf zelf aan dat hij de dag na het optreden in het Koninklijk Circus een examen had)?

Corluy:
Ik was geslaagd. Hoewel ik nog heb getwijfeld of ik effectief ook zou gaan.

Denken jullie ooit te kunnen leven van je muziek?

Lambrechts
: Het lijkt me erg moeilijk, zeker voor een band als wij, om echt te kunnen leven van onze muziek.

Hebben jullie eigenlijk zicht op de boekhouding?

Corluy
: De kurkdroge boekhouding gebeurt door het management, maar we worden wel op de hoogte gehouden van de situatie. Dat is een vrij eenvoudige boekhouding van een vzw: inkomsten uit live optredens, merchandising, platenverkoop, …

Weten jullie ook welke inkomsten waaruit komen? Streaming, fysieke verkoop, Spotify, iTunes, …?

Corluy:
Dit is de eerste keer dat we met een label werken. De ep hadden we in eigen beheer gedaan. Ook de distributie daarvan hebben we zelf gedaan: we zijn zelf naar Bilbo en FatCat gereden en gevraagd of ze de plaat wilden verkopen. Maar het grootste deel van de cd’s verkoop je op liveshows. Het streamen heb ik zelf gedaan. Via een aggregator kan je je plaat dan op Spotify zetten. Nu krijgen we daar wel degelijk royaltystatements van.

Hoe sta je zelf tegenover streaming?

Corluy:
Ik zie het echt nog gebeuren dat de fysieke cd verdwijnt. Momenteel is het probleem vooral dat er geen direct contact is tussen bedrijven als Spotify en de artiest. Alles gebeurt via de labels en dat is – met alle respect – niet altijd even doorzichtig. Misschien moeten zij het iets meer transparant maken. Want ooit gaat streaming staan voor de belangrijkste inkomsten van een artiest.

Het lijkt er tegenwoordig vaak op dat je als artiest meer bezig bent met promotie via welke weg dan ook dan met het maken van muziek. Op die manier heeft David Byrne in zijn artikel wel gelijk dat het internet de creativiteit uit de muziek zuigt.

Hoe is de samenwerking met producer Stefan Misseghers van dEUS tot stand gekomen?

Lambrechts
: Eerst hadden we afgesproken met Stefan Bracke van The Subs. Maar die hadden het op dat moment net druk. Via hem zijn we dan bij Stefan Misseghers terecht gekomen. En dat klikte meteen.

Vraag je je dan niet af hoe de plaat had geklonken als je wel met Stefan Bracke was doorgegaan?

Lambrechts
: Alleen maar als je niet honderd procent tevreden bent van het huidige resultaat. De plaat geeft precies weer waar Psycho 44 op dit moment voor staat. Ik betwijfel of de plaat beter was geweest met een andere producer.

Zou je nog een keer met hem in zee gaan?

Corluy:
Het is altijd wel spannend om voor elke plaat met een andere producer te werken. Het is belangrijk voor een groep om steeds iets anders te doen. Het moet anders klinken.

Wie zou je graag eens achter de knoppen zien?

Corluy
(met blinkende oogjes): Steve Albini zou mooi zijn. Je kan ze tenslotte allemaal krijgen, als je ze maar kan betalen (lacht). Maar alle groepen die hij doet, zijn de moeite: The Jesus Lizzard, Nirvana, … Maar voor ons is dat misschien een te logische keuze. Vaak is het interessant voor een groep om iemand te kiezen die helemaal niet in de lijn ligt, die dus in ons geval niet bezig is met rockmuziek. Wavves hebben hun laatste plaat laten producen door John Hill, die ook al met Rihanna en Santigold werkte. Dan krijg je een erg interessante invalshoek. dEUS heeft dat ook gedaan met ‘Worst Case Scenario’. Die werd geproducet door Pierre Vervloesem en Peter Vermeersch, waardoor je dat specifieke geluid kreeg.

Lambrechts: James Murphy van het vroegere LCD Soundsystem heeft ook zoiets gedaan met de laatste plaat van Arcade fire.

Zou je overwegen om het zelf te doen?

Corluy
: Niet op dit moment. Als groep zit je trouwens altijd “in je eigen grotje” te werken. Je begint je dan blind te staren op je eigen nummers. Dan heb je iemand nodig die je daarbij helpt.

Lambrechts: Wat wel tof zou zijn is gewoon met de groep in de studio kruipen met alleen maar een technieker en dan tijd genoeg krijgen om dingen uit te proberen. Of het resultaat dan navenant zou zijn valt nog af te wachten.

En zelf een andere band aanpakken?

Corluy:
Daar zijn we nog lang niet gereed voor. Ik zou wel mijn mening kunnen geven op creatief vlak, maar producen is ook veel met techniek werken, studio’s kennen, en dat ontbreekt nog. Stefan snapte perfect wat wij goed vonden: Barkmarket, Nirvana, … Hij is met die muziek opgegroeid en weet met welke versterkers en dergelijke die platen gemaakt zijn. Hij heeft ook met Soulwax opgenomen met Dave Sardy, ook van Barkmarket. Die had dus veel voorkennis.

We hebben onze plaat opgenomen in de Jetstudio’s. Om daar een maand te kunnen zitten, hadden wij alles opgespaard. Op die manier konden we, bij wijze van spreken, een halve dag aan een gitaarsolo werken. Zo konden we experimenteren met de ruimtes van de studio en daarmee spelen.

30 november 2013
Patrick Van Gestel