Piano Club Een knuffelbeer of een gitaar

Een knuffelbeer of een gitaar

Uit de plensbui aan nieuwe releases die dit voorjaar uitkomen, vallen ook enkele Waalse druppels op onze handpalm. In de schaduw van de Belgische muziektempel AB sloegen wij een praatje met Piano Club wiens eerst langspeler, 'Andromedia', na vier jaar ploegen eindelijk uit is.



Hoe druk heeft een muzikant van Piano Club het momenteel?

Anthony: We zijn net begonnen met de promotie van de plaat die uitkomt op 3 mei. We geven concerten, interviews. Sommige dagen zitten bomvol, maar de voldoening die je eruit haalt, is enorm.

Jaice: Voor het album hebben we echt wel onze uren moeten vastleggen. We speelden gedurende 6 maanden van 9 tot 18 u en daarna deed elk nog zijn eigen ding thuis. Het was alsof we echt een werkterrein hadden, een job. Anthony is wel de auteur, maar daarbuiten beslissen we alledrie welke richting we met die geraamtes uitgaan. Voor deze plaat werkten we bovendien samen met twee geluidsingenieurs, dus was het niet altijd eenvoudig om ons te organiseren. Eerst zes maanden hard en gestructureerd werken, en daarna hebben we verder afgewerkt, een evenwicht gezocht in nummers.

Jullie spelen in meerdere bands. Hoe zat het dan met de andere projecten in die periode?

Anthony: Ja, we spelen heel veel muziek. Die pauze hadden we echter nodig, anders was dit album er nooit van gekomen, of toch zeker niet met de voldoening die we er nu bij voelen. Nu doet de plaat een beetje het werk in onze plaats.

In welk stadium zien jullie Piano Club momenteel?

Jaice: In 2006 was het doel om een album uit te brengen. Dat is niet meteen gelukt. Wel brachten we hier en daar een single uit en op basis daarvan deden we een tournee. Op dat moment hadden we echter niet het gevoel al klaar te zijn voor een plaat. Daarom werkten we verder en brak er een tweede periode van compositie en experiment aan. Dat is uiteindelijk uitgemond in deze langspeler. Al wat er nu bijkomt voelt aan als surplus.

Welk soort album is het geworden volgens jullie?

Anthony: Het is een popalbum, maar we wilden uiteraard niet dat het leek op 40000 andere bands. We proberen onze verbeelding te gebruiken en nieuwe arrangementen te maken. We willen niet dat je bij het luisteren van een nummer al weet wat er daarna zal gebeuren.

Jaice: We hebben heel veel geluidsideeën gemaakt, arrangementen, klanken enz. Vervolgens hebben we alles wat we niet essentieel vonden weggeknipt. Van de 250 mogelijkheden bleef er uiteindelijk maar één over.

Kan je een voorbeeld geven?

Anthony: Ja, voor Honeymoon hadden we verschillende violen, toetsen enz. opgenomen. We zijn zeker een week bezig geweest met alle verschillende lijntjes weg te filteren tot alles mooi op zijn plaats viel. De hoofdinstrumenten bleven staan en hier en daar maakten leuke toevoegingen het geheel compleet. Zo geven we alle ideeën een kans.

Hoe gaan jullie dat op het podium over brengen?

Jaice: We willen tonen dat we zin hebben in het spelen, alles zélf doen. We willen niet zomaar wat meespelen met een computer. Neen, we willen risico's nemen en profiteren van de vrijheid geen kantoorjob te moeten doen.

Ooit iets anders gedaan in jullie leven dan muziek gespeeld?

Anthony: Ja, ik heb gestudeerd, stages gedaan, maar ben dan vervolgens van de ene band in de andere gerold. Omdat ik daar wel kon van leven heb ik nooit echt een job gehad.

Jaice: Ik heb wel een tijd op een ministerie gewerkt, maar sedert 2007 ben ik ook full-time muzikant. Een echte job, tja, je moet het een keer doen zeker, maar als je de kans hebt om het niet meer te doen, is het natuurlijk super. Hopelijk krijgen we door deze plaat nog meer kansen.

Hoe definiëren jullie succes?

Anthony: Trots zijn op jezelf, dat is de eerste etappe. Het aantal verkochte cd's is geen barometer voor succes.

Jaice: Als je MGMT bekijkt, dan kan je spreken van een succes omdat ze iets oncontroleerbaars teweeggebracht hebben. Dat kan je van ons natuurlijk niet zeggen, maar onze ambitie is niet om succesvol te zijn, maar om plezier te hebben en met een zekere trots te kunnen bestaan.

Hoe leerden jullie elkaar kennen?

Anthony: In 1999 hebben we elkaar leren kennen in de Orangerie op een concert van Grandaddy. Zijn allereerste groep en mijn allereerste groep speelden samen op eenzelfde festivalletje en we hebben elkaar daar voor het eerst gezien. Daarna zocht ik iemand om de toetsen te doen en ik heb hem gebeld. Samen zijn we dan naar Grandaddy gegaan en zijn we beginnen spelen op zondagmiddag, hij piano en ik gitaar en later een beetje vanalles. Van het ene komt het andere zeker...

Waarom hebben jullie precies voor gitaar en piano gekozen toen jullie klein waren?

Anthony: Ik heb een gitaar gewonnen op de kermis. Het was een knuffelbeer of een gitaar, en ik koos toen de gitaar. Mijn nonkel speelt zelf ook muziek en hij was bezig wat songs in te studeren die hij de dag erna met zijn groep zou spelen. Hij slaagde er niet in bepaalde stukken precies na te spelen en ik, die van niets wist en geen muziek speelde, wist hem wel te helpen. Hij raadde me toen aan wat lessen te volgen en voilà. Ik was toen 15 hé, ik speelde voetbal en dacht niet aan muziek, maar het leven kan verkeren natuurlijk.

Jaice: Bij mij ging het iets makkelijker. Ik zat op school en wilde muziek spelen met een vriend. Hij speelde al gitaar, dus koos ik maar voor de toetsen zodat we samen konden spelen. Ondertussen kan ik ook wel andere instrumenten en we wisselen dan ook vaak af.

Om te eindigen: welke raad zou je een band geven die nu staat waar jullie vier jaar geleden stonden?

Anthony: Dat je enkel aan muziek moet denken en aan kwaliteit. Je moet niet huilen omdat iemand je slecht vindt of niet naar je optreden kan komen en je moet mensen niet agressief  naar je concert lokken. Al de rest is accessoire.

Piano Club speelt op 7 mei in de Botanique tijdens Les Nuits Botanique.


May 5, 2010
Mattias Devriendt