Stijn Verdonckt (Daft Studios)

Ooit komt Drake of Beyoncé hier opnemen

Steven Verhamme27 april 2026

Tien jaar geleden verruilden twee Kortrijkzanen de kustprovincie voor een ambitieus avontuur in het Waalse Malmédy. Wat begon als een gedurfd idee, groeide uit tot een creatieve hotspot waar muziek, gastvrijheid en technologie elkaar kruisen. Vandaag is Daft Studios niet alleen een opnamestudio, maar een totaalbeleving, waar artiesten, mediabedrijven en merken elkaar vinden.

Ooit komt Drake of Beyoncé hier opnemen
Foto: Daft Studios

Achter dit succesverhaal staan Stijn Verdonckt en Tine Blondeel, twee ondernemers met een duidelijke visie en een flinke dosis lef. In een decennium tijd bouwden ze aan een plek waar zowel gevestigde namen als nieuw talent de weg vinden, ver van de klassieke paden. In een gesprek met Stijn blikken we terug op hun parcours, de uitdagingen onderweg en de unieke mix van creativiteit en ondernemerschap die dit verhaal bijzonder maakt.

Hoe zijn jullie tien jaar terug gestart met Daft Studios?

Stijn Verdonckt: Eigenlijk ben ik in 2005 eerder toevallig in de Ardennen terechtgekomen. Ik werkte toen als freelance engineer en werd last minute opgebeld omdat ze dringend iemand nodig hadden. Om 6u30 ’s ochtends kreeg ik telefoon in Gent. Diezelfde dag ben ik vertrokken, zonder goed te beseffen hoe ver het eigenlijk was. Rond 9 uur stond ik al in de studio. Wat als een tijdelijke opdracht begon, is helemaal anders uitgedraaid. Ik ben er blijven hangen en kreeg al snel een vaste positie als engineer. Ik had op dat moment al enkele jaren ervaring opgebouwd, maar dit was toch een grote stap.

Na verloop van tijd heb ik de studio overgenomen. We hebben de werking verder uitgebouwd en zijn daar nog jaren actief gebleven. Ongeveer tien jaar geleden zijn we dan verhuisd naar een volledig nieuw complex dat we zelf hebben laten bouwen. Daarbij hebben we niet alleen de studio’s gemoderniseerd, maar er ook een hotel aan toegevoegd, zodat artiesten ter plaatse kunnen verblijven tijdens opnames. Vandaag beschikken we over een hotel met achttien kamers, wat ideaal is voor grotere producties die dagen of weken duren. Ondertussen zijn we alweer tien jaar verder.

Jullie komen uit Kortrijk en belandden "in the middle of nowhere" in Malmedy. Hoe groot was de aanpassing?

Het was in het begin wel een grote sprong, maar we waren nog jong en hadden nog niet veel verplichtingen: geen huis noch kinderen. Dus dat maakte het ook gemakkelijker om die stap te zetten. We geloofden er allebei keihard in. We hadden iets van: "we proberen het gewoon en geven het een echte kans". Vrij snel merkten we dat het gevoel juist zat. Wat we dachten en waar we op hoopten, bleek ook echt te kloppen. Er zat veel potentieel in. Het begon snel te groeien. Die eerste sprong voelde misschien groot, maar dat is vaak zo, wanneer je aan iets nieuws begint. Toch kregen we redelijk snel bevestiging dat het de goede richting uitging. Intussen kwamen er ook steeds meer artiesten over de vloer, van lokale namen tot internationale grootheden. Ik denk spontaan aan Hooverphonic, Milow, Novastar, Bazart, Zwangere Guy en Goose. Dat heeft alles alleen maar versterkt en mee gevormd tot wat het vandaag is.

Hoe bouw je het vertrouwen op in de muziekwereld?

Het is een heel persoonlijk netwerk dat je creëert door de jaren heen. Het is voortdurend mensen ontmoeten, opnieuw zien en veel mond-aan-mondreclame. In essentie blijft het altijd mensenwerk. In de muzieksector is dat volgens mij niet anders dan in een andere gelijkaardige business. Als je goed werk levert, moet elke artiest, die bij ons buiten stapt, eigenlijk je beste visitekaartje zijn. Daarom proberen we echt te focussen op kwaliteit en ervoor te zorgen dat iedereen tevreden vertrekt. Op termijn doet die goede reputatie haar werk. Daarnaast blijf ik zelf actief reizen. Ik ga naar steden zoals Parijs, Londen en Los Angeles om relaties op te bouwen. Het is een werk van lange adem, maar je ziet dat het groeit. Elk jaar merk je dat mensen, die je vijf jaar geleden hebt leren kennen, uiteindelijk de stap zetten om effectief naar de studio te komen. Het is mooi te zien dat dat systeem echt werkt.

Er zijn veel muziekstudio's in de wereld en ook in België. Wat maakt Daft Studios anders dan de rest?

We zijn een residentiële, of noem het “destination”-studio. Weg van alles, want we zitten midden in de natuur, niet in een stad. Je komt hier aan en blijft dan ook effectief een paar dagen of langer. Veel van de concurrentie zit in grote steden. Wij hebben bewust gekozen voor die afgelegen setting. Daarnaast zijn er zijn niet zoveel residentiële studio’s waar je ook orkestopnames kan doen door onze grote live opnameruimte. Het is dus echt die combinatie: enerzijds het feit dat je afgezonderd bent zodat je je volledig kan focussen op muziek of productie zonder afleiding. Anderzijds de schaal en de kwaliteit van de infrastructuur.

We hebben ook een uitgebreide microfoon- en instrumentencollectie en dus alle technische mogelijkheden, die je nodig hebt voor grote producties. Daarbovenop heb je het hele verblijf. Het hotel, dat erbij hoort, maakt het compleet met een eigen chef, die echt goed en gezond kookt, en ook ontspanningsmogelijkheden zoals een klein binnenzwembad, sauna en andere faciliteiten. We hebben daar heel bewust op ingezet: lekker eten en comfort zijn geen extraatje, maar een essentieel onderdeel van de ervaring. Dat horen we vaak van artiesten. Het is dus eigenlijk die mix van afzondering, topniveau studio-infrastructuur en volledige "hospitality", die maakt dat we ons onderscheiden en dat we vaak mee in overweging genomen worden voor grote internationale producties.

Was het vanaf dag één het plan om zo'n groot concept uit te dokteren?

Nee, en dat is zeker niet allemaal vanzelf gegaan. Het is heel organisch gegroeid. Soms lijkt het alsof er een soort masterplan achter zat om iets groots te bouwen, maar in werkelijkheid is dat helemaal niet zo. Het is begonnen met de overname van La Chapelle Studios en van daaruit zijn we stap voor stap gegroeid. We zagen dat de projecten steeds groter werden, soms ook via radio en televisie met volledige teams van soms veertig mensen. In het begin moesten we dan telkens hotelkamers en vakantiehuizen in de buurt bijhuren om iedereen te kunnen laten overnachten. Op een bepaald moment werd het gewoon logisch om zelf extra kamers te voorzien. We zitten hier bovendien in een toeristische regio. Wanneer die kamers niet door de studio gebruikt worden, kunnen ze ook ingezet worden voor toeristen. Het circuit van Spa-Francorchamps ligt vlakbij. Zo blijft alles in gebruik.

Zoals bij elk traject zijn er onderweg ook uitdagingen geweest. Wat waren de moeilijke momenten in die tien jaar en hoe hebben jullie die overbrugd?

De klassieke, moeilijke periode was natuurlijk de coronaperiode. Die steekt er bovenuit. Ook daar zijn we zo flexibel mee omgegaan. Ik herinner me hoe we voortdurend aan het nieuws gekluisterd zaten: welke maatregelen komen er nu, wat mag er wel en wat niet? Telkens moesten we meteen schakelen en nadenken hoe we toch deels konden blijven werken of zaken op een veilige manier konden laten doorgaan. Dat was op zich wel een hele onderneming.

Daarnaast heb je, zoals bij elk bedrijf, altijd drukke en rustigere periodes. Dat hoort erbij. Wat we gaandeweg geleerd hebben, is om die rustigere momenten ook echt te benutten: om zaken op orde te zetten, te herorganiseren en op te ruimen in plaats van in paniek te denken dat het slecht gaat. Vroeger was dat anders. Dan dachten we sneller: “Oei, hopelijk duurt dit niet te lang, want anders komen we in de problemen.” Dat is typisch iets dat je leert als ondernemer. Vandaag zijn de uitdagingen eerder structureel. We zitten in een sector die sterk afhankelijk is van stijgende kosten: personeel, energie, verwarming. Dat voel je overal. In de muzieksector blijven de marges onder druk staan. Het is geen vanzelfsprekende sector, zeker niet in Vlaanderen. Uiteindelijk is het vooral de passie die het doet blijven draaien en de wil om verder te blijven gaan, maar het blijft wel een uitdagende tijd.

Zouden jullie dingen anders aanpakken met wat je nu weet?

Eigenlijk zouden we opnieuw hetzelfde doen, ook het bouwen van het gebouwencomplex dat een groot avontuur was. Dat doe je in principe maar één keer in je leven en we hadden daar ook geen ervaring mee. Toch kijk je daar vandaag, tien jaar later, op terug en denk je niet echt: “Dat hadden we helemaal anders moeten doen.” We hebben geen fundamentele fouten gemaakt. Ook op businessvlak blijft het heel boeiend. Het is niet altijd vanzelfsprekend en er zijn dagen waarop je even moet nadenken of je wel het juiste pad volgt. We werken met een team van elf mensen. Het blijft iets waar veel energie en passie in zit.

Welke goede raad heb je voor ambitieuze mensen die iets willen betekenen in de business?

Heel open zijn, jezelf niet onderschatten en vooral met mensen in gesprek gaan. Veel dingen lijken op het eerste gezicht onbereikbaar, maar dat zijn ze vaak helemaal niet. Je kan nooit echt “verliezen” door bruggen te bouwen met mensen, door open te communiceren met mensen die je nog niet kent en gewoon dingen proberen op poten te zetten. Er zijn zoveel situaties waarvan je zou denken: dat lukt nooit. Zoals internationale artiesten naar de Ardennen krijgen. Dat lijkt voor veel mensen onmogelijk, maar het is veel interessanter om te denken: "Ok, we proberen het gewoon". Negen keer op tien lukt het niet meteen of soms al helemaal niet, maar af en toe komt toch wel iets in beweging. Ik denk dat dat het verschil maakt: blijven geloven dat het kan, ook al is het niet vanzelfsprekend. Vandaag geloof ik bijvoorbeeld echt dat we ooit een Drake of een Beyoncé in onze studio zullen kunnen hebben. Dat is geen grap of marketingpraat. Het is een oprechte overtuiging. Net dat maakt dat zoiets misschien ooit effectief gebeurt. Denk niet te snel dat iets te ver of te groot is, maar ga er gewoon voor. Dat is wat we zelf altijd geprobeerd hebben te doen.

Welke dromen heb je zelf nog voor Daft Studios?

Ik hou wel van grote akoestische sessies met veel mensen samen in één ruimte: grote ensembles, orkest, koor, live opnames waar echt alles samenvalt. Dat soort projecten heeft iets heel bijzonders, omdat je daar als engineer echt op de limiet van alles werkt: akoestiek, timing, balans, ruimte, energie. Die Raye-sessie in Abbey Road met koor en symfonisch orkest is daar een goed voorbeeld van, net als die klassieke Sigur Rós-sessies met kinderkoor en orkest. Opnames waar alles echt gebeurt in de ruimte, waar je niets kan verstoppen. Tegelijk is het net zo interessant om die andere kant te zien: artiesten die klein beginnen en stap voor stap groeien. Zoals Portland, die je vanaf 'De Nieuwe Lichting' hebt zien ontwikkelen of iemand als Iskander Moon, die eerst in een "writing camp" binnenkomt en waarvan je meteen voelt: hier zit iets bijzonders in. Dan zie je jaren later een plaat uitkomen of een performance, die ineens iedereen raakt. Dat is minstens even waardevol als die grote internationale namen. Misschien is dat net de rode draad: enerzijds die grote, complexe live opnames met veel mensen en akoestische rijkdom, anderzijds die jonge artiesten die van nul uitgroeien tot iets dat echt impact heeft. Beide werelden zitten eigenlijk in hetzelfde verhaal, alleen op een andere schaal.

Zitten jullie aan je plafond of zie je nog groeimarge?

Het is niet dat we per se altijd hoger willen mikken. Het gaat gewoon over verder blijven bouwen en werken op wat er al is. We merken dat er veel vraag is naar "writing camps" en naar plekken waar mensen gewoon kunnen komen schrijven en creëren. Alleen voelen we ook dat we daar momenteel wat ruimte in tekortkomen. Daar speelt wel een idee: om nog dichter bij de natuur extra schrijfruimtes te creëren: in de grote tuin en de omgeving errond. Misschien in de vorm van kleine units of tiny houses. Zo ver zijn we nog niet, maar het idee leeft wel om op die manier meer artiesten te kunnen ontvangen in een setting die echt gericht is op creatie. Voor de rest is het vooral blijven kijken wat er op ons pad komt en daarop inspelen. We zijn destijds heel organisch gegroeid. Het blijft ook de manier waarop we in de toekomst verder willen werken.

Op 2 mei viert Daft Studio’s het tienjarig bestaan met een festival in Malmedy. Er werd gekozen voor een 100% Belgische line-up: Triggerfinger, NAFT en Ão. Daarnaast zijn er tal van dj-sets. Tickets kosten 10 euro. Alle info op www.dafthotel.be.

← Terug naar overzicht