Metallica 'Death Magnetic': het skelet van Metallica vastgelegd

'Death Magnetic': het skelet van Metallica vastgelegd
‘Death Magnetic’, wereldwijd op de mensheid losgelaten op twaalf september 2008, is het negende studioalbum in Metallica’s carrière waarin de band al meer dan 100 miljoen platen verkocht kreeg. Het nieuwe album is geproducet door Rick Rubin en is de eerste release van Metallica sinds ‘St. Anger’ (2003). Tevens is deze nieuwe schijf het eerste album waaraan bassist Robert Trujillo, vast lid sinds de opnames van de documentaire ‘Some Kind Of Monster’, actieve bijdrages geleverd heeft. Zoals miljoenen metalheads en muziekliefhebbers tout court, zijn ook wij heel benieuwd hoe dit nieuwe album klinken zal.


Wat vinden jullie van het nieuwe album, nu het opnameproces van afgelopen is?
Lars Ulrich:
Iedereen die het album gehoord heeft, zegt dat het geweldig klinkt. Het zit in elk geval boordevol energie en het voelt erg live aan. Eén van de belangrijkste bijdragen van Rick Rubin was dat hij Metallica in de studio écht live wou laten klinken. Sommige van de vorige platen die we in de jaren negentig gemaakt hebben, waren een beetje te gekunsteld en detailgericht. Rick wou de geluidsmuur die we live optrekken, behouden. De plaat klinkt dan ook luid en “in your face”.
James Hetfield:
Het is in wezen old school met een nieuwe sound. Ik kan me geen plaat herinneren waarop het groepsgevoel beter was. We hebben heel wat doorgemaakt na ‘St. Anger’. Ik denk dat het belangrijkste aan dat proces was dat we ons realiseren dat wrijvingen deel uitmaken van alles. We hebben elkaar meer nodig dan dat we elkaar haten. Zo simpel is het.
Kirk Hammet: Toen we gestart zijn met het schrijven van nummers voor ‘Death Magnetic’, waren we opnieuw een groep omdat Rob toegetreden was tot de band. Dat was een geweldige stap voorwaarts sinds ‘St. Anger’. Ik ben heel erg trots op dit album.
Robert Trujillo: Dit is mijn eerste Metallica-album. Samenwerken met Lars en James is zoals naar de beste school gaan voor het componeren van songs. Maar ze stonden echt open voor suggesties en ze luisterden naar wat ik te zeggen had.

Was het een bewuste beslissing om met ‘Death Magnetic’ opnieuw aan te sluiten bij het verleden?
James:
Er werd al gezegd dat dit “Master Of Puppets II” is. Dat maakt me wat bang. ‘Death Magnetic’ zijn Rick Rubin en wijzelf die de essentie, de gretigheid, de eenvoud, het skelet van Metallica willen vatten. En dat is ook wat we gedaan hebben. Je kan niet iedereen plezieren. Er zijn bands waar ik niets meer aan vond na een bepaald album. Dat is normaal. Maar wij moeten vooruitgang blijven maken. Zolang we de indruk hebben dat dat nog kan, gaan we door.
Kirk: Eén van de krijtlijnen die Rick Rubin uitzette tijdens de vroegste gesprekken was dat hij een idee had hoe de ultieme Metallicaplaat moest klinken. Hij zei ons dat we begin en midden jaren tachtig geweldige muziek gemaakt hebben. De houding die we toen hadden was helemaal anders dan hoe we ons nu gedragen. We waren jong en erop uit te bewijzen dat we één van de meest heavy bands waren en vanuit dat oogpunt schreven we songs. Rick zei ons dat we van dat uitgangspunt moesten vertrekken. Het werkte over de hele lijn: het schrijfproces, de teksten, de solo’s en de attitude. Al die muziek waar ik als tiener van hield - UFO, Deep Purple, Rainbow, het eerste album van Van Halen, Pat Travers, … - kwam allemaal terug boven. Door daarmee terug geconfronteerd te worden, veranderde mijn hele manier van gitaarspelen. Toen ik dat toepaste op de nieuwe nummers, leverde dat geweldige resultaten op. Dit was echt een frisse en nieuwe richting.
Lars: Rick praatte veel over muziek met ons en tijdens de eerste paar maanden stelde hij ons op ons gemak om geïnspireerd te worden door de platen die we in de jaren tachtig uitbrachten zoals ‘Ride The Lightning’, ‘Master Of Puppets’ en ‘And Justice For All…’. Toen we dat laatste album afgewerkt hadden, hadden we het gevoel dat er niets meer te doen was met de progressieve en trashy kant van Metallica. Het grootste deel van de jaren negentig probeerden we dat dan ook krampachtig te vermijden. Rick deed ons die platen herbekijken. Het creatieve proces van ‘Death Magnetic’ kwam op gang in de zomer van 2006. Toen werd ook de twintigste verjaardag van ‘Master Of Puppets’ gevierd en speelden we die hele plaat live in Europa en Azië. Dat had zijn invloed op de nieuwe songs. Het maakte - voor het eerst in vijftien jaar - dat we de dingen die we in de jaren tachtig gedaan hebben, gingen appreciëren. Rick stelde voor naar dezelfde platen te luisteren als in de eighties en te proberen nummers te schrijven op dezelfde manier als toen. Hij vroeg ons  diezelfde geestestoestand op te roepen. Dat voelde echt goed aan.
Rob: Ik hou van alles wat de band gedaan heeft, maar vooral van hun oldschoolnummers. Het feit dat de anderen daar weer voor open stonden, was heel positief. Rick speelde het slim, ook in de stemming van de nummers. Waarom hebben ze hun instrumenten een halve toon of zelfs een hele toon lager gestemd? Waarom gebruiken ze niet dezelfde stemming (in E, nvdr) als destijds op ‘Masters Of Puppets’? Dus hebben we de nummers in standaardstemming opgenomen. Dat was geweldig. James kan nog steeds geweldig zingen. Op die manier heeft hij een gevoel van sluimerende angst in de vocalen weten te leggen.

[pagebreak]

Was ‘Death Magnetic’ een makkelijk album om te maken, na de moeilijke bevalling van ‘St. Anger’?
James:
Dit album maken was zeker eenvoudiger dan ‘St Anger’. Dat was een louterend proces. Het kwam tot een kookpunt waarbij de bandleden elkaar niet meer konden uitstaan. Na ‘St. Anger’ hebben Lars, Kirk en ikzelf elkaar weer gevonden. Het is geweldig dat Rob lid van Metallica is geworden. De sfeer in de band is volledig anders nu. Lars en ikzelf vechten over het stuur, terwijl Kirk en Rob achteraan in de passagierszetel zitten. Ik zou nooit achterin kunnen zitten. Zoals het nu is, werkt het heel goed. Dus dit album maken was zoveel meer productief en positief. We dachten allemaal volgens dezelfde lijn. Het doel en de missie was voor iedereen hetzelfde.
Lars:
We hebben het grootste deel van 2006 nummers geschreven die voortdurend wijzigden. Dan vertrokken we op tournee en kregen we nieuwe inspiratie, zodat we eindigden met 25 songstructuren die tot de 14 nummers die we opgenomen hebben, werden herleid. Het was duidelijk welke songs uiteindelijk zouden afvallen. Wij kennen nog de tijden waarin je een plaat opnam die klonk als één geheel in plaats van als een verzameling losse nummers. Dat gevoel van een complete plaat wilden we bereiken. Het enige ding waar Rick echt onvermurwbaar in was, was dat hij ons niet in de studio toeliet voor we die nummers in onze slaap konden spelen. Hij wou niet dat de studio een plaats van creativiteit was, maar eerder een plaats van uitvoering, waar je gewoon naar binnen gaat en je ding doet. Al het denkwerk doe je vooraf tijdens de pre-productie.
Kirk:
‘Death Magnetic’ was een logische stap na ‘St. Anger’. Tijdens de productie van dat album ging er veel tijd verloren waarop we niet met onze instrumenten bezig waren. Dat was nu niet het geval. Veel materiaal was al klaar. We jamden, begonnen nummers te schrijven en het album kreeg vorm. Dan pas liet Rick Rubin zijn mening en ideeën horen over de te nemen richting.
Rob:
De songs kregen zo’n vijf jaar geleden vorm. Daarna begonnen we ideeën te ontwikkelen. Na twee jaar toeren, hadden we minstens 60 uur aan ideeën. We hadden een jaar nodig om die allemaal door te nemen. Het feit alleen al dat het album tot stand kwam door te jammen, maakt dat het heel organisch is. Rick wou ook het livegevoel van de band registreren. Dus toen we aan het opnemen waren, stonden we allemaal recht zoals tijdens een optreden. Er zit dus heel wat gevoel in de songs.

Tijdens het creëren van ‘Death Magnetic’, heeft Metallica studiopauzes ingelast om drie zomertournees te doen. Waarom?
Kirk:
Je kan echt vastroesten in zo’n studio. Het is zo gemakkelijk om het gevoel van live-energie te vergeten. Het gevoel dat je krijgt als je muziek speelt voor een publiek. Voor ons was het essentieel om die tournees te blijven doen. Om op die manier stevig verankerd te blijven in het live spelen. Het was ook goed even uit de studio te komen om niet het gevoel te hebben te veel met één ding bezig te zijn. Een goede kans om alles vanuit een ander perspectief te bekijken. Als je te lang in de studio zit, kan je immers de voeling verliezen met de essentie van live optreden. Het is zo gemakkelijk jezelf te verliezen in productiesnufjes tijdens opnames. Maar als je een song live brengt, speel je in essentie het skelet van de opname. Je trapt al snel in de val van in de studio een song te bouwen die uiteindelijk blijkt te bestaan uit geluidscollages. Maar als je het nummer dan uit de studio haalt en je speelt het live, heb je enkel twee gitaren, bas en drums en vaak lijdt het nummer daaronder. Wat je hoort op plaat, staat heel dicht bij hetgeen je live zal horen.

De band zal opnieuw toeren in 2009. Zijn jullie erop gebrand enkele nieuwe songs van ‘Death Magnetic’ in de liveset te steken?
Lars:
Absoluut! We zijn Cyanide en The Day That Never Comes beginnen spelen in Europa. We gaan de volledige tien nummers van het album oefenen. Elk nummer moet op gelijk welk moment live kunnen gebracht worden.  Deze nummers vergen minder inspanning om ze live te spelen dan sommige songs van ‘St. Anger’, die behoorlijk moeilijk zijn. Een groot deel van die songs zijn gemaakt met ProTools. De nieuwe nummers zijn gemakkelijk speelbaar. Er staan vijfenzeventig minuten muziek op dit album. We gaan de setlist elke avond veranderen. Zo gaan we verscheidene nieuwe songs spelen en er zoveel mogelijk variatie in steken.
James:
Wanneer ik componeer, concentreer ik me graag op de verschillende delen: een stevige stuk, een stuk waarin je snel meebent, iets meezingbaar, … ‘Death Magnetic’ is een mix van verschillende kanten van Metallica en hopelijk zitten er wat nummers in die live evergreens zullen worden. We hebben live al heel wat songs gebracht. Het publiek kent ze en op die manier krijg je songs die in de liveset blijven. Dat zagen we zelfs bij lange songs als die van ‘And Justice For All…’. Zelf geef ik de voorkeur aan kortere, krachtigere songs. We zijn vast van plan de nieuwe nummers live te pushen.

De eerste single van ‘Death Magnetic’ is The Day That Never Comes. De video van de song is een kortfilm met een oorlogsthema, geregisseerd door de Deense cineast Thomas Vinterberg.  Wat is het concept achter deze film?
Lars:
In juli was ik in Italië waar ik bijna een uur heb doorgebracht bij één van die melige muziekvideozenders en ik was het kokhalzen nabij. Toen heb ik onze manager Cliff Burnstein gebeld en gezegd kortfilms in plaats van video's moesten maken. Uiteraard, wanneer al je nummers bijna acht minuten duren, worden het bijna per definitie kortfilms. Van de tien nummers op de plaat heeft deze waarschijnlijk de minst abstracte en meest specifieke tekst. De hele korfilm is heel eigentijds en relevant, maar het is evenzeer volkomen tijdloos: het is een echt verhaal over vergeving, over verlossing, over menselijke interactie. Het is een verhaal over mensen die een situatie zitten waarin ze niet willen zitten. Deze video gaat perfect samen met de song. De mensen moeten het voor zichzelf interpreteren, maar het heeft één voet in de hedendaagse wereld en de andere in klassieke tijdloosheid. In zeker opzicht heeft de video dezelfde vitaliteit als One.
James:
Ik ben het beu steeds hetzelfde oude type van video te zien. We wilden iets anders. Met The Unforgiven hebben we al uitstappen richting kortfilm gemaakt: de video voor One, waarvan ik wou dat de nieuwe video ernaar verwijzen zou. Deze video wordt verondersteld onze muziek te versterken. Hij is niet letterlijk of dom, maar eerder emotioneel, zelfs zonder muziek.

Een laatste woordje over ‘Death Magnetic’?
James:
We proberen ons te concentreren op datgene waarvan we denken dat het voor ons het beste is. Wij zijn perfectionisten die altijd beter willen zijn, die bij alles de eersten willen zijn, die feller willen schijnen. De wil om beter te zijn, dat is wat Metallica sterk houdt.

February 1, 2009
David Ardenois