Leonore Het mag niet te braaf zijn

Het mag niet te braaf zijn

Leonore, de band van Brusselse zangeres Chloë Nols, stelde onlangs met Phoenix een melancholisch, scherp pareltje van een debuutalbum voor. Hannelore Bedert en Thomas Vanelslander stonden mee in voor de productie van het album. De doorbraak van de groep kan duidelijk niet lang meer op zich laten wachten. Hoog tijd voor een gesprek. Over dromen en ambities maar ook over liedjesteksten vol weerhaakjes en doornen.



Wie is de band Leonore precies?
We zijn een vijfkoppige groep. Ikzelf kom uit Brussel en de rest van de band uit Gent. We hebben elkaar gevonden omdat we dezelfde richting uit wilden. We maken melancholische popfolk, waarbij de sound erg belangrijk is. We proberen een universum te creëren waarbij we de luisteraar meenemen naar iets authentieks.

Hoe vul jij dat laatste zelf in?
Ik probeer sinds een paar jaar zo eerlijk mogelijk met mezelf te leven en mijn buikgevoel te volgen, ook al is dat niet altijd het meest logische dat kan je kan doen. Ik hoop dat ik met mijn songs mensen kan inspireren om hetzelfde te doen.

Als mensen hun buikgevoel volgen, gaan ze wel eens tegen de stroom in. Doe jij dat ook?
Zo veel mogelijk. Er zijn natuurlijk sociale conventies waarmee je rekening moet houden; een job bijvoorbeeld. Ik wil vooral mijn gevoelsleven niet verloochenen.

Ik vond dat je teksten bijwijlen sarcastisch uit de hoek komen. Is dat een accurate interpretatie?
Ik kan daar wel in komen, sommige teksten zijn inderdaad behoorlijk scherp. Ik schrijf meestal over de liefde. En zelfs in de meest mooie liedjes kan ik het niet laten om er iets ironisch in te steken. Dat vertaalt zich ook in de elektronica van onze pianist. Het geeft iets rauws aan de nogal folky songs. Het elektrische maakt het akoestische deel van onze muziek nog wat scherper. Het mag niet te braaf zijn, maar dat is niet gemakkelijk.

Waarover gaan de teksten op ‘Phoenix’ nog meer?
Het gaat vaak over de zoektocht in het leven: wie ben ik, waar wil ik naartoe en wat wordt er van mij verwacht? Dat zijn de dingen die vaak op de voorgrond komen. Het zijn meestal concrete verhalen die dan opborrelen, maar de boventoon blijft het zoeken naar jezelf, zoeken naar buikgevoel en er een betekenis aan geven. Ik heb het album ‘Phoenix’ genoemd omdat het laatste jaar in mijn leven een soort transformatiejaar is gewest; dat is de rode draad in de songs.

Aan de plaat werkten enkele grote namen mee : Hannelore Bedert  en Thomas Vanelslander om er twee uit te pikken. Hoe zijn jullie met hen in contact gekomen?
Hannelore had een demo van ons gehoord, ik kwam haar toevallig tegen en we zijn aan de praat geraakt. Ze stelde voor om de productie van ons album door Thomas te laten doen. In de wereld van de muziek gaat alles vaak via via en draait het om het durven aanspreken van mensen.

Jullie worden als een van de meest veelbelovende, jonge bands gezien. Hoe gaan jullie om met dat soort van lofbetuigingen?
Dat legt wel wat druk, maar we zijn er wel blij mee. De plaat is er ook gekomen door crowdfunding en daarom legden we de lat ook hoog omdat we onze fans niet wilden teleurstellen. De liedjes en de arrangementen waren al klaar, ik moest er gewoon zo veel mogelijk emoties in leggen en er helemaal voor gaan.

Jullie zijn met zijn zessen: drie jongens en drie meisjes. Is het een bewuste keuze om dat evenwicht te bewaren?Da’s puur toeval. De kwaliteit en de mensen tellen. De bandleden zijn ook goede vrienden van elkaar en dat is het belangrijkste.

Welke dromen en ambities koesteren jullie bij het begin van jullie carrière?
Ik wil eigenlijk zelf - want ik mag niet spreken in naam van mijn bandleden - vooral spelen omdat we live een soort energie voelen en kunnen doorgeven. Dat is elke keer anders. Op plaat ligt alles vast en daar kunnen we nu niks meer aan veranderen. En hoe die definitieve mix ook klinkt, het is een andere soort energie, die we overbrengen als we op een podium staan. We willen zoveel mogelijk musiceren, iets wat we supergraag doen. Ergens leeft ook de droom om naar het buitenland te gaan en om grotere podia te spelen al weet ik niet of onze muziek ook zou werken op grote festivals zoals Pukkelpop bij voorbeeld. Een hele tour in redelijk grote zalen lijkt me wel wat. Of een concert op Dranouter, daar zou ik ook geen neen tegen zeggen.

Alle info op www.leonoreband.com.


November 18, 2015
Steven Verhamme